Albumoverzicht: Grunge leeft bij The Primals, matige vullers van Lenny Kravitz

Cd-recensies Wat moet je luisteren? Deze week onder andere albumrecensies van The Primals, Lenny Kravitz en Tangarine.

  • ●●●●●

    Lenny Kravitz: Raise Vibration

    Lenny KravitzPop: Het is alweer bijna dertig jaar geleden dat Lenny Kravitz doorbrak met zijn zoete boodschap van naastenliefde en vrede. Laat de liefde regeren; in die mierzoete retrobubbel lieten we ons maar wat graag meevoeren. En er viel sindsdien op te rekenen. Op Raise Vibration, zijn elfde album, vereeuwigt Kravitz opnieuw intentie en integriteit middels een klef-spirituele term: raise vibration, die draait om positiviteit en bevrijding. In aanstekelijke vintagesoul of fel gedreven rock kan Kravitz als vanouds de poseur-rockster zijn. Het opwindende electrofunk liedje ‘Low’ leunt op een oude Michael Jackson-kreet. Dichterbij komt hij in ‘Johnny Cash’ over de dood van zijn moeder en hoe Johnny Cash hem troostte. Toch valt Raise Vibration om door een teveel aan matige albumvullers. En zeker ook het feit hoe zijn pacifisme omslaat in een lelijk dreinen, zoals in ‘Who Really Are the Monsters?’ Met kinderlijke eenvoud worden clichés in stand gehouden: stop met bommen gooien en praat met elkaar.

    Amanda Kuyper

  • ●●●●

    Delgres: Mo Jodi

    DelgresBlues: Delgres liet dit jaar al op North Sea Jazz horen welk wonderlijk vol geluid je kunt produceren met een sousafoon, een rammelende gitaar en een sterke drummer. Nu is hun debuutalbum uitgekomen en dat stelt niet teleur. Mo Jodi is blues uit Parijs, gezongen in het Creool van Guadeloupe, met de ritmes van New Orleans. Het is het project van de technisch begaafde gitarist Pascal Danaë die moe werd van zijn eigen gepingel en via een goedkope Dobro-gitaar terugkeerde naar de blues. En terug naar Guadeloupe. Delgres is vernoemd naar de vrijheidsstrijder die op het eiland tegen Napoleon vocht voor afschaffing van de slavernij. Het album heeft een politieke en historische lading, zoals het schrijnende Mr President. Op eerder werk klonk er ook nog Touaregrock door en meer Afrikaanse klanken. Dat is op Mo Jodi minder, al neemt het toe tegen het einde van het album. De nadruk ligt op tropische blues en soms een sterk popliedje, zoals ‘Sere mwen pi fo’ waarop Skye Edwards, zangeres van Morcheeba, meezingt. Leendert van der Valk

  • ●●●●●

    Tangarine: Because Of You

    TangerinePop: De twee voormannen van Tangarine, Arnout en Sander Brinks, zingen alsof ze niet durven te zingen. Ze lijken zich graag te verschuilen in de steeds doorwrochter wordende instrumentaties van hun liedjes. Dat is des te opmerkelijker omdat ze een tweeling zijn. Ze versterken blijkbaar elkaars omzichtigheid. De begeleiding op het album Because Of You is toegesneden op deze stemmen; ook de instrumenten nemen gas terug. De melodieën mijden zoetsappigheid - die op de loer ligt - terwijl de muziek klinkt alsof hij om de hoek wordt voorgebracht: licht aanzwellende trompet, een ijle akoestische gitaar, of een ingenieus stukje getrommel. De eerste nummers van het album zwemen nadrukkelijk naar de jaren zestig, toen muziek nog onschuldig leek. Maar latere liedjes als ‘Stranger’ krijgen een stoerdere omlijsting. Hester Carvalho

  • ●●●●●

    Tash Sultana: Flow State

    Tash SultanaPop: De Australische Tash Sultana (23) is een muzikaal wonderkind dat in haar eentje optreedt; ze zingt, speelt gitaar en bedient haar ‘loop station’ met voeten en handen. Live is Sultana zo indrukwekkend dat haar optredens in Afas Live en de Ziggo Dome al waren gepland voordat debuut Flow State verscheen. Al speelde Sultana ook in de studio haar - dertien - instrumenten zelf, op het album ontbreekt de sensatie van de knap geconstrueerde eenmansband. Ook hier frappeert Sultana’s vaardigheid: ze speelt bruisende gitaarsolo’s, twinkelende gitaarsolo’s en schurende gitaarsolo’s, liefst binnen één nummer. Sultana’s ontspannen zanglijnen groeien soms uit tot gekwelde kreten of jammerende verzuchtingen. Maar nummers als ‘Pink Moon’ en ‘Big Smoke’ kregen weinig ruggengraat, ondersteund door reggaeritmes meanderen ze voort als een hippie-achtige jamsessie. Hester Carvalho

  • ●●●●

    The Primals: All Love is True Love

    The PrimalsRock: Hoe vaak hoor je nog echt goeie grunge? Nooit. Het genre dat al het goeie van punk, pop en metal zo raak mengde, is praktisch uitgestorven. De overgebleven Seattle-bands zijn verzonken in stijve hardrock, voorspelbare stadionrock of sympathieke dadrock, terwijl nieuwere acts blijven hangen in clichés. Maar hier zijn The Primals uit LA, die het geluid van The Posies, Nirvana en Foo Fighters op hun debuut All Love is True Love smeden in heel goeie songs, ver verheven boven pure nostalgie.Nummers als ‘Dead Predators’, ‘The Wayward Impaler’ en ‘Pity City’ zijn de springerige, catchy punkrocksongs die Dave Grohl in geen twintig jaar heeft gemaakt. En ‘Hello Cruel World’ is een van de sterkste rocknummers van het jaar, met zoete samenzang van zanger John Henry (ook van metalband Darkest Hour), die het daarna uitkrijst in onversneden existentiële crisis – ‘tomorrow is gone!’Grunge is dan wel dood, maar The Primals leven. Peter van der Ploeg

  • ●●●●

    Radio Kamer Filharmonie, Orchestre de Picardie, Het Gelders Orkest, Raschèr Saxophone Quartet, Doelen Ensemble: Robin de Raaff

    Radio Kamer Filharmonie, Orchestre de Picardie, Het Gelders Orkest, Raschèr Saxophone Quartet, Doelen EnsembleKlassiek: Volgens de tekst in het cd-boekje is Robin de Raaff „misschien wel de belangrijkste Nederlandse symfonicus van de 21ste eeuw”. Met nog zo’n tachtig jaar tot de volgende eeuwwisseling lijkt die conclusie wat voorbarig, maar dat hij een begenadigd orkestcomponist is, lijdt geen twijfel.Na zijn conservatoriumstudies ging De Raaff in de leer bij meesterorkestrator George Benjamin. Twee jaar lang reisde hij eens per maand naar Londen om er alles te leren over instrumentatie, timbre en textuur.Dat is terug te horen op deze cd, waarop drie van De Raaffs vier symfonieën zijn samengebracht, in uitstekende uitvoeringen van onder meer de Radio Kamer Filharmonie en Het Gelders Orkest. Prachtig hoe De Raaff het Raschèr Saxophone Quartet in zijn Tweede symfonie zacht snaterend laat opdoemen uit een mist van hoge violen en harppingels. Of hoe hij in zijn Vierde het gebeier uit Emily Dickinsons How Still the Bells vertaalt naar gewichtsloze tinkeltexturen. Joep Christenhusz