OM eist tot 14 jaar cel voor smokkel van 1100 kilo drugs

Het Openbaar Ministerie noemt de illegale import van drugs een ‘typisch voorbeeld van de internationale georganiseerde handel in verdovende middelen’.

Tegen zeven bendeleden die 1.100 kilo heroïne en morfine smokkelden in een zeecontainer met bakovens uit Iran zijn dinsdag celstraffen tot veertien jaar cel geëist. De drugs met een straatwaarde van 68 miljoen euro werd februari vorig jaar onderschept in de haven van Antwerpen.

De verdachten zijn mannen van 23 tot 53 jaar oud, afkomstig uit Amsterdam, Rotterdam, Amersfoort en het Verenigd Koninkrijk. De bende was volgens het Openbaar Ministerie ook betrokken bij de invoer van een lading bananen waar 1.300 kilo cocaïne in zat.

De hoogste straffen zijn voor de twee hoofdverdachten Murat I. en Ramazan Z.. Een van hen had de leiding over het geheel, de ander zou er op papier voor gezorgd hebben dat de groep over een fruitbedrijf en transportbedrijf kon beschikken. Volgens persbureau ANP onderschepte de Belgische douane de container met 1.100 kilo heroïne en morfine in Antwerpen. Na het leeghalen werden er camera’s in de container geplaatst om het transport te kunnen volgen tot in een loods in het Limburgse Heijen.

Een van de verdachten heeft de Belgische en Nederlandse politie geholpen bij het onderscheppen van die recordvangst. Daarop werden meerdere keren vragen gesteld over of de informant en de recherche regels hebben overtreden omdat hij zelf bij de zaak betrokken was. De inzet van een criminele burgerinfiltrant is alleen onder zeer bijzondere omstandigheden toegestaan. Uiteindelijk bleken er geen regels te zijn overtreden.

Lees ook: ‘Justitie gebruikte criminele burgerinfiltrant bij heroïnevangst’

Ontvoering

Diezelfde informant was, met de bende, ook betrokken bij de smokkel van de partij van 1.300 kilo cocaïne die in bananen verstopt was. Toen deze lading zoek raakte ontstond er ruzie tussen de leiders van de bende en de man. Het strafdossier bevat informatie waaruit kan worden afgeleid dat de informant de partij cocaïne, met een straatwaarde van ruim 50 miljoen euro, heeft gestolen. Het vermoeden bestaat dat de man zijn medeverdachten heeft verraden om ze uit te schakelen.

Daarop wilden bendeleden 12 miljoen euro van hem terug. Uit afgeluisterde gesprekken bleek dat een ander bendelid naar mensen zocht die de man onder druk konden zetten door zijn familieleden te ontvoeren.

Justitie noemden de zaak een “typisch voorbeeld van de internationale georganiseerde handel in verdovende middelen”, mede door de transporten met grote hoeveelheden en (dreiging van) geweld. Daarnaast vond het OM het “schokkend” dat er zo achteloos werd gesproken over geweld en het plannen van een gijzeling van familie.

    • Meike Bergwerff