Land van strikte onmogelijkheden

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: Een rijtje huizen in bureaucratisch drijfzand.
Illustratie Eliane Gerrits

De eerste pioniers zagen Amerika als het land van de onbeperkte mogelijkheden. Alles kon en mocht. Een huis? Daar staat een boom en hier is een zaag. Timmeren maar. De ongerepte natuur was als een leeg vel papier. Iedereen kon zijn eigen tekening maken.

Die pioniers van toen zouden schrikken als ze zagen hoe het er nu aan toegaat. Little house on the prairie? Je wil niet weten hoeveel ambtelijke overleggen, vergunningen, welstandscommissies en buurtbijeenkomsten daaraan voorafgaan.

Het is een publiek geheim: door het kloppend hart van ongebreideld kapitalisme en de vrije markt stroomt een stroperige en inefficiënte bureaucratie waar menig communistisch regime jaloers op zou zijn. Amerika is het land van de strikte onmogelijkheid geworden.

Neem het rijtje huizen dat een straat verder hier onlangs is gebouwd. Het zou in Almere of Zoetermeer niet misstaan. Alleen, het eerste plan werd in 1970 gemaakt. Daarna verdween het bijna een halve eeuw in ’t drijfzand van gemeentelijke regelingen, waterschapscommissies, rechtszaken, hogere en nog hogere beroepen. Het loont duidelijk meer een jurist dan een bouwvakker te zijn.

Die bureaucratie vind je overal. Of je nu een huis of een feestje wil bouwen, altijd heb je een vergunning nodig. Elke pizzatruck en partytent wordt uitvoerig door de brandweer geïnspecteerd. En dan het Department of Motor Vehicles, waarover ik al eerder schreef. Vorige week was ik er om het tijdelijke rijbewijs van onze dochter te verruilen voor een definitief. We werden weer eens van het kastje naar de muur gestuurd en terug. Vervolgens naar een bureau, dan weer naar het kastje, dan naar het loket. Om dan weer helemaal van voren af aan te beginnen.

Ik had altijd gedacht dat de duurste plek om een metro aan te leggen Parijs moest zijn met zijn dure huizen, leger ambtenaren en opstandige vakbonden. Maar de aanleg van een stukje metrospoor in New York blijkt zes keer duurder. Van zo’n 20 procent van het personeel weet niemand wat ze doen. Een kilometer metrolijn kost bijna 2 miljard dollar in Manhattan. Dat is 2.000 dollar … per millimeter! Ter vergelijking, de totaal uit de hand gelopen Amsterdamse Noord/Zuidlijn, nationale schandpaal van bestuurlijk onvermogen, kostte een dikke 3 miljard euro, maar dan wel voor zo’n tien kilometer metro. Een spotprijsje voor een New Yorker.

Amerikaanse politici proberen altijd de overheid te laten afsterven, als een vraatzuchtig uitdijend monster dat op een strak dieet moet worden gezet. President Ronald Reagan sprak de beruchte woorden: „De overheid is niet de oplossing van ons probleem; de overheid is het probleem.” Maar met iedere wet of regeling worden nieuwe krullen en lussen aan het barokke overheidsapparaat toegevoegd. En in die spelonken huizen de advocaten met hun web van processen, de lobbyisten met hun dure kantoren en de politici met hun steekpenningen.

Als ik ’s avonds langs het rijtje huizen wandel, kan ik nog steeds niet geloven dat ze er echt staan. Een rijtje Little Houses midden in het bureaucratische moeras.

Reacties naar pdejong@ias.edu.
    • Pia de Jong