Drie miljoen Syriërs in de val nu aanval op Idlib is begonnen

Idlib Rusland en het Syrische regime van president Assad hebben de aanval op de provincie Idlib geopend. Gevreesd wordt voor veel burgerdoden en nieuwe vluchtelingenstromen.

Syriërs die de gevechten in de provincie Idlib ontvluchtten komen aan in een kamp aan de grens met Turkije. Foto Aaref Watad/AFP

Het offensief in Idlib is begonnen. Syrische en Russische gevechtsvliegtuigen bestookten zaterdag en zondag doelen in het zuiden van de Syrische provincie, het laatste grote bolwerk van de rebellen. Het waren de „meest intense” bombardementen in weken, aldus lokale reddingswerkers en het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten. Vanuit gevechtshelikopters werden vaten gevuld met explosieven en schroot gegooid op ziekenhuizen en centra van reddingswerkers.

De bombardementen volgen op de mislukte top tussen Rusland, Turkije en Iran vrijdag, die vooraf was gepresenteerd als de laatste kans om een offensief af te wenden. De Turkse president Erdogan riep Rusland en Iran op om een „bloedbad” in Idlib te voorkomen. Turkije steunt sommige rebellen in Idlib en vreest dat een groot offensief van het regime zal leiden tot een vluchtelingencrisis aan zijn zuidgrens. „Iedere aanval op Idlib zal resulteren in een catastrofe”, zei Erdogan.

Laatste verzetshaard

Dat is niet overdreven: er wonen in Idlib ongeveer drie miljoen mensen, van wie velen al meerdere keren zijn gevlucht uit andere delen van Syrië. Nu het regime alle andere verzetshaarden heeft heroverd, kunnen ze geen kant meer op. Turkije vangt al 3,5 miljoen Syrische vluchtelingen op en staat onder grote druk van zijn eigen bevolking en van de Europese Unie om de grens met Syrië gesloten te houden en een nieuwe toestroom van vluchtelingen te voorkomen.

Maar Erdogans vrees voor een humanitaire ramp werd op de top in Teheran van de hand gewezen. De Iraanse president Rohani verklaarde dat „de strijd tegen terrorisme in Idlib een onvermijdelijk onderdeel is van de missie om vrede en veiligheid terug te brengen in Syrië”. En president Poetin zei dat „de Syrische regering uiteindelijk het recht heeft en genoodzaakt is om haar hele territorium te controleren”. In de slotverklaring stond niets over het voorkomen van bloedvergieten.

Dat Erdogan de kous op de kop kreeg werd pijnlijk duidelijk voor de rest van de wereld door een opmerkelijk staaltje transparantie van de Iraniërs. Zonder dat de Turkse delegatie op de hoogte was, werd niet alleen de afsluitende persconferentie maar ook de onderhandelingen zelf live uitgezonden. Daardoor waren we er getuige van hoe Erdogans bewogen appèl voor een wapenstilstand terzijde werd geschoven door zijn Russische en Iraanse ambtgenoten.

Opvang in Syrië

De Turkse inlichtingendiensten hebben Erdogan geadviseerd om eventuele vluchtelingen „op te vangen in veilige zones in Syrië nabij de Turkse grens”. Het is onduidelijk hoe dit in de praktijk moet werken. Wellicht wil Turkije een mogelijke vluchtelingenstroom dirigeren in de richting van de regio’s Afrin en Jarablus, die in Turkse handen zijn. Maar in de door Turkije opgezette vluchtelingenkampen in het grensgebied klagen mensen over het gebrek aan voorzieningen.

Het is overigens onwaarschijnlijk dat er meteen een grote vluchtelingenstroom op gang komt. De luchtaanvallen van dit weekend waren slechts de openingssalvo’s van een offensief dat maanden kan gaan duren. Ze waren vooral gericht op het dunbevolkte platteland in het zuiden van de provincie, waar het meeste voedsel vandaan komt. Ook zal het regime eerst de snelweg naar Latakia willen veroveren, voordat de hoofdstad en andere dichtbevolkte gebieden aan de beurt zijn.

Na afloop van de top in Teheran sprak Poetin van een „gefaseerde stabilisatie” die „de mogelijkheid openlaat voor het sluiten van vrede met degenen die bereid zijn tot een dialoog”. Op die manier moet een massale vluchtelingenstroom worden voorkomen en krijgen de rebellen meer tijd om zich over te geven. Poetin: „We hopen dat vertegenwoordigers van terroristische groepen genoeg gezond verstand hebben om hun verzet te staken en hun wapens neer te leggen.”

    • Toon Beemsterboer