De Gele Kanarie mist nog wel een enkel veertje

Rotterdam, augustus 2018Restaurant De Gele KanarieFoto: Walter Herfst

Kijk aan, dat wist ik ook na bijna 40 jaar Rotterdammerschap niet: een ‘gele kanarie’ blijkt in de plaatselijke moerstaal een andere benaming voor een ‘pilsie’. Of het daadwerkelijk een oude en staande uitdrukking is, blijft in het Rotterdams Woordenboek onvermeld. Maar vast staat in elk geval wel dat acteur Martin van Waardenberg er vleugels aan gaf met een liedje in de musical De Marathon. Dave Heijnen en Ron de Jong, al eerder eigenaars van Bokaal, Weena en pintxos-restaurant PIX, vernoemden er in juli hun nieuwe stadscafé op de Goudsesingel naar. Tegelijk introduceerde huisbrouwer Daan Wagner er bovendien een biertje dat zo heet.

Bar/eethuis De Gele Kanarie deelt een aantal prettige eigenschappen met dat ‘pilsie’: het interieur is licht, fris en toch ook robuust. Net als in onder andere Bokaal is daarvoor niet op een paar centen gekeken. De aankleding laat zich het best omschrijven als een geslaagde combinatie van een typische hipster-zaak (massieve picknicktafels, in touw gevatte visserslampen en hangplanten aan het plafond) en een moderne no nonsense-bodega (koperen tapkranen, veel tegels, strakke afwerking). Aan de enorme raamzijde van het voormalige winkelpand kijk je uit over een groot terras, binnen brandt een openhaard waar je ook met een gezelschapje rondom kunt zitten. Aan de verder lege, grijze muren hangt grafiek die je kunt kopen.

De kaart van De Gele Kanarie is een afspiegeling van wat je om heen ziet: een informeel bierhuis waar je, zonder reservering, met vrienden, collega’s of familie aanschuift voor een ontbijt, lunch of avondmaaltijd. Eenvoudig in presentatie, maar met een ruime en eigentijdse keus. Als borrelhapjes kunnen uiteenlopende ‘platters’, plateaus en eenpersoons porties barfood worden besteld. In de categorie entrées zijn er oesters, Iberico Bellota-ham, burrata, tartaar van zalm en dungesneden runderstaartstuk. Hoofdgerechten variëren van spareribs, mosselen en een vis- of vleesburger tot vega-ballen van quinoa, Berliner Bratwurst, curryworst en, heel verrassend, wienerschnitzel.

Die laatste komt bij ons op tafel. Het is een 200-grams exemplaar van het kalf, besmeerd met een salsa verde en vergezeld door een met hele knoflooktenen gevulde citroenhelft en gefrituurde kappertjes. Als toegevoegde smaakmakertjes kunnen ze niet verhinderen dat de hernieuwde kennismaking met deze Italiaans/Oostenrijkse klassieker (18 euro) nogal tegenvalt. Of het nou aan de paneer ligt of aan het vlees zelf, het is een wat nondescripte zool waar je het mes in zet. De bijlages die je bij hoofdgerechten kunt laten doorkomen, maken het er niet beter op. De frietjes (3,5 euro) zijn weliswaar fijn doorbakken maar ook grotendeels verkruimeld. Het handjevol asperges (4,5 euro) wekt de indruk met een stoomstrijkijzer te zijn bereid in plaats van op de grill. Een vakkundiger gegaard bordje bimi (4 euro) maakt veel goed.

De spareribs (16 euro), die zonder saus worden opgediend, hebben op hun beurt ook wat te lang op het rooster gelegen en zijn daardoor te droog. Op de sappige Berliner Bratwurst (9 euro) valt daarentegen niets aan te merken. Hij komt, overdekt met zuurkool, ketchup, mosterd, gedroogde ui en pickles, op een brioche en is in tegenstelling tot de andere genoemde schotels zijn geld wel helemaal waard. Als het om de desserts gaat, kan de verentooi van De Gele Kanarie ook nog wel een paar extra pennetjes gebruiken. Valt er over het gevarieerde aanbod in alle voorafgaande gangen allerminst te klagen, aan het eind van de rit is het slechts driemaal taart wat de bediening nog te vergeven heeft. Overigens wel een leuke club meiden die op de restaurantvloer werkt. Alleen al door hun enthousiasme en betrokkenheid bij de zaak mag je hopen je dat de puntjes in De Gele Kanarie ook anderszins snel op de i zijn gezet.

Wim de Jong is culinair recensent
    • Wim de Jong