Wanneer moet de baas weg?

ING-topman Ralph Hamers neemt „verantwoordelijkheid” door aan te blijven, zei hij. Is dat houdbaar?

ING-topman Ralph Hamers (rechts) met oud-president-commissaris Jeroen van der Veer. FOTO ANP

Hij wilde een „kristalhelder signaal” afgeven, van „oprechte spijtbetuiging” en „scherpe afkeuring”. Met deze woorden nam bankbaas Piet Moerland in 2013 „met pijn in het hart” afscheid van Rabobank. Hoewel hij „in het geheel niet” betrokken was bij de Libor-fraude, stapte Moerland toch op. „Voor mij is dat een kwestie van principe.”

Nu, vijf jaar later, is het ING die een miljoenenschikking heeft getroffen. ING heeft „structureel de wet overtreden en zich schuldig gemaakt aan een groot aantal strafbare feiten”, schrijft het Openbaar Ministerie. Doordat de bank haar rol als „poortwachter” verzaakte konden klanten jarenlang „nagenoeg ongestoord” gebruik maken van ING, om geld wit te wassen. Maandag betaalde ING 775 miljoen euro om vervolging af te kopen, een recordbedrag in Nederland.

Lees hier wat er allemaal misging bij ING: Poortwachter ING hield zijn ogen gesloten

Anders dan Moerland stapt Ralph Hamers, sinds 2013 topman van ING niet op. „Wij nemen juist de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat de herstelmaatregelen worden doorgevoerd”, zei hij dinsdag. Wel ziet hij af van zijn bonus.

Verantwoordelijkheid nemen door te blijven – buiten ING vindt niet iedereen dat zo vanzelfsprekend. In Den Haag is de verontwaardiging over ING groot. Tweede Kamerlid Henk Nijboer (PvdA) vindt dat de „verantwoordelijken” moeten opstappen, zegt hij aan de telefoon. En: „Hamers is eindverantwoordelijk.” Beleggersclub VEB vindt dat de commissarissen zich moeten afvragen „of Hamers nog wel geloofwaardig leiding kan geven aan dit cruciale traject”, zegt directeur Paul Koster.

Behalve Hamers zelf gaan de commissarissen van ING, onder voorzitterschap van Hans Wijers, over het lot van de bestuursvoorzitter. In het uiterste geval kan toezichthouder DNB bestuurders ‘aftoetsen’. Hoe beslissen commissarissen of de leider kan blijven, als een bedrijf getroffen wordt door een groot schandaal, zoals ING nu? NRC vroeg het aan vier ervaren commissarissen en aan experts op het gebied van corporate governance. De eerste groep wilde veelal niet openlijk spreken over ING – te gevoelig.

‘Barbertje moet hangen’

De positie van de topman komt altijd ter discussie bij grote misstanden. Hoe ernstig is de situatie, is de eerste vraag die commissarissen dan moeten beantwoorden. Die lijkt in dit geval snel beantwoord: de tekortkomingen bij ING waren zeer ernstig, erkent de bank, die verklaarde „oprecht spijt” te hebben.

Is dit net zo erg als de Libor-fraude? Nee, vinden bronnen rond ING. Hier was geen sprake van fraude en zelfverrijking, maar nalatigheid. Dat ING een recordschikking moest treffen, heeft er volgens een van deze bronnen ook mee te maken dat „veel partijen tegenwoordig graag willen laten zien hoe streng ze zijn”.

Kees Cools, hoogleraar corporate governance aan de Tilburg University vindt de witwasaffaire bij ING juist veel ernstiger het Libor-schandaal. „Bij Rabobank was er een klein groepje mensen dat de rentes manipuleerde. Bij ING faalde het hele systeem.”

Lees ook deze reconstructie van de Libor-fraude bij Rabobank: Rabo’s ‘Stairway to Heaven’ in de City liep dood

Dat raakt aan de volgende vraag: valt de raad van bestuur iets te verwijten? Nee, hebben de commissarissen van ING geoordeeld. Daarin vinden ze steun in de verklaring van het OM, dat ondanks uitgebreid onderzoek naar mails en telefoongesprekken geen aanwijzingen heeft gevonden om bankiers te vervolgen.

Anderen interpreteren de verantwoordelijkheid van bestuurders breder. Cools wijst op de herhaalde waarschuwingen van toezichthouder DNB, waardoor het bestuur al jaren op de hoogte had moeten zijn van de compliance-problemen. „Ze hebben dus niet adequaat gereageerd”.

Een topman heeft geen ministeriële verantwoordelijkheid. „In de politiek is de reactie als er iets misgaat: Barbertje moet hangen”, zegt voormalig AkzoNobel-topman Kees van Lede, die onder meer commissaris was bij Philips en het nu failliete Imtech. „Ook als een minister geen schuld heeft. In het bedrijfsleven kijken commissarissen of de topman iets te verwijten valt, en of met hem het vertrouwen in de onderneming hersteld kan worden.”

“Een plotseling vertrek van de hoogste baas stort een bedrijf een beetje in crisis. Een opvolger inwerken duurt maanden”

Daarbij speelt mee dat een topman of -vrouw zich niet zo eenvoudig laat vervangen, zegt een commissaris met ervaring bij een bedrijf dat ook in grote problemen raakte. „Een plotseling vertrek van de hoogste baas stort een bedrijf een beetje in crisis. Een opvolger inwerken duurt maanden.” Bovendien is Hamers de aangewezen man om de problemen op te lossen, vinden ze bij ING. Hij werkt al 27 jaar bij de bank, kent het bedrijf door en door en heeft een reputatie opgebouwd als leider die van ING een innovatief tech-bedrijf heeft gemaakt.

Onkreukbare topman

Alleen: ING blijft een bank. En voor banken gelden soms andere regels, zo werd dit voorjaar weer eens duidelijk toen Hamers een salarisverhoging zou krijgen van 50 procent. „ING is geen koekjesfabriek”, zei minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA). „Dit ondermijnt het vertrouwen in de banken in zijn geheel en ING in het bijzonder.” Na alle kritiek trok ING de verhoging weer in.

Het boegbeeld van een grote bank moet staan voor „integriteit, onkreukbaarheid”, zegt Steven Schuit, hoogleraar corporate governance and responsibility aan Nyenrode Business Universiteit. „Niet alleen in het belang van de bank, maar van het hele financiële verkeer. Mensen moeten het gevoel hebben dat hun geld veilig is. In dat vertrouwen is een deuk gekomen.” Voor snelle vergeving van het publiek kan het helpen, zegt directeur Paul Koster van de VEB, als er een „offer” wordt gebracht.

Onkreukbaar was Hamers sinds de salarisrel dit voorjaar sowieso al niet meer. Schuit: „De commissarissen moeten toen al geweten hebben dat deze schikking eraan kwam. Dan vraag je je af: hoe hebben hem toen die salarisverhoging kunnen geven?”  Volgens een ingewijde hadden ze er in de top van ING niet op gerekend dat de boete zó hoog zou uitvallen. President-commissaris Hans Wijers wil geen vragen beantwoorden.

De commissarissen die NRC sprak vinden de topman offeren in de regel een slecht idee. „De afrekencultuur is veel te ver doorgeschoten. Toegeven aan volkswoede is het slechtste dat je kan doen”, zegt er een. „Je moet iemand wegsturen als hij niet goed is, niet om incidenten.” Een ander: „Je moet geen symboolpolitiek bedrijven.” Weer een ander: „Je moet je rug recht houden.”

Belangrijker dan de mening van het volk, zeggen commissarissen, is die van de aandeelhouders. Die leken aanvankelijk niet erg geschrokken, de koers van ING daalde maar licht. Vrijdag verloor het aandeel meer: 3,4 procent. Volgens een bankenanalist is de daling toe te schrijven aan een artikel in Het Financieele Dagblad, over IT-problemen bij ING.

ING voert als kernwaarden ‘eerlijk, voorzichtig en verantwoordelijk’. Hoeveel waarde hecht de bank daaraan, vraagt hoogleraar Cools van Tilburg University zich af. „De commissarissen van ING hebben ervoor gekozen om beperkte waarde te hechten aan de maatschappelijke verontwaardiging en het vertrouwen in ING. Zij lijken het te zien als een bedrijfsongeval. Maar de bevindingen van het OM wijzen op een cultuurprobleem.”

Dat vindt ook hoogleraar Schuit van Nyenrode. „Iedereen stond erbij en keek ernaar. Maar als de commissarissen een nieuwe man neerzetten leidt dat niet automatisch tot een cultuurverandering.”

Schuit voorspelt dat het voor Hamers niet makkelijk zal zijn het vertrouwen terug te winnen. Hij wijst op Rabobank-bestuurder Sipko Schat, die verantwoordelijk was voor de afdeling waar de Libor-fraude werd gepleegd. Hij bleef eerst zitten, maar moest later toch weg. „Als je eenmaal een vlek hebt, wordt die altijd uitgewreven.”

    • Teri van der Heijden
    • Joris Kooiman