NRC checkt: ‘Als mensen multitasken in de klas, gaan die gemiddeld 1 tot 1,5 punt achteruit’

Dat zei hoogleraar onderwijspsychologie Paul Kirschner 3 september bij RTL Nieuws.

Foto Jean-François Monier

Aanleiding

Franse scholieren mogen sinds het begin van het nieuwe schooljaar deze week geen mobieltjes meer meenemen de klas in. Het idee is dat ze zonder afleiding van hun telefoon beter zullen presteren. In een item in RTL Nieuws van maandag 3 september zegt hoogleraar onderwijspsychologie Paul Kirschner over het verband tussen smartphonegebruik en de cijfers van leerlingen: „Als mensen bezig zijn met multitasken in de klas, gaan die gemiddeld – op een schaal van één tot tien – één tot anderhalf punt achteruit.”

Deze bewering gaan we checken.

Waar is het op gebaseerd?

We vragen Paul Kirschner om zijn bronnen, en hij stuurt per mail een drietal wetenschappelijke artikelen waarvan hij de (co-)auteur is. Hij benadrukt dat hij het niet alleen had over het gebruik van mobieltjes in de klas. „Mijn uitspraak ging over de effecten van het verdelen van aandacht en niet per se over een telefoon. Het had ook een laptop of een tablet kunnen zijn.”

En, klopt het?

Kirschner deed in 2010 onderzoek onder een groep Amerikaanse studenten. Hij bekeek wie er wel en geen Facebook gebruikte tijdens het studeren – en dus aan het multitasken was. Het bleek dat de studenten die op Facebook zaten significant lagere cijfers haalden: op een schaal van 0 tot 4 was dat gemiddeld 3,06 tegenover 3,82. Omgerekend naar een Nederlandse schaal van tien punten is dit verschil van 0,76 ongeveer twee punten. Kirschner zat, wat betreft zijn eigen onderzoek, met zijn schatting dus aan de lage kant.

Nu ging dit onderzoek over het effect van multitasken in het algemeen op behaalde studieresultaten, en niet per se over telefoongebruik in de klas. Daar is de afgelopen jaren echter ook meerdere keren onderzoek naar gedaan. Wetenschappers van de California State University lieten in 2011 studenten naar een lesfilm van dertig minuten kijken. De helft van hen kreeg tekstberichten toegestuurd en moest die beantwoorden, de andere helft niet. Bij toetsing achteraf werd duidelijk dat de mensen die tekstberichten hadden verstuurd, ruim 10 procent minder scoorden: een verschil van één punt op het rapport.

Vorig jaar voerden onderzoekers van de Rutgers University in New Jersey een nog preciezer experiment uit. Ze lieten een docent twee keer hetzelfde college geven: aan een groep die wel laptops, tablets en telefoons mocht gebruiken, en een groep die dat niet mocht. De studenten werden op hun kennis getest meteen na de les en enkele weken later tijdens de examenperiode. Het bleek dat beide groepen direct na de les even goed scoorden, maar dat er enkele weken later een verschil in de cijfers zat van één rapportpunt. Opvallend was dat binnen de groep die elektronische apparaten mocht gebruiken óók de studenten die dat zelf niet hadden gedaan een lagere score haalden in de examenweek.

Een Brits onderzoek uit 2015, ten slotte, liet zien dat telefoongebruik in de klas vooral slecht was voor de resultaten van minder begaafde leerlingen. De cijfers van leerlingen die van zichzelf al goed presteerden, gingen er niet significant op achteruit.

Conclusie

Paul Kirschner zei dat multitasken in de klas leidde tot een achteruitgang op het rapport van één à anderhalf punt. Uit meerdere onderzoeken is gebleken dat de aanwezigheid van elektronische apparaten tijdens de les een vermindering van prestaties in deze orde van grootte laat zien. We beoordelen de uitspraak daarom als waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt
    • Bart Funnekotter