De aanslagen in de metro van Madrid in 2004 waren voor M’hammed Abttoy aanleiding de radicaal-islamitische ideologie aan de kaak te stellen in cartoons.

Foto’s Robin Utrecht

‘Ik wil moslims aan het denken zetten’

Cartoonist M’hammed Abttoy

De Marokkaans-Nederlandse cartoonist M’hammed Abttoy tekent over protestacties in het Rifgebied én over de islam. „Aan kunst kun je geen grenzen stellen.”

M’hammed Abttoy slaat zijn tekenboek open. De boerka van de vrouw heeft de vorm van een tent. Uit de plooien komt een rij kinderen gekropen. De oudste draagt een bomgordel.

„Wat ik met deze tekening wil zeggen?” De cartoonist grijnst. „De boerka is niet alleen een kledingstuk, het is ook een ideologische uiting. Ik vind het misdadig. Deze vrouwen worden hiertoe gedwongen. Wie kruipt er nou vrijwillig in een tent?”

De Marokkaanse Nederlander M’hammed Abttoy (54) is schilder en cartoonist. Hij tekent over protestacties in het Rifgebied én over de islam. Abttoy is niet zijn echte naam. Hij gebruikt zijn Berberse artiestennaam, uit voorzorg. Volgende maand komt zijn derde bundel uit: cartoons over de Rif-protesten.

Met tekenen over de islam begon hij nadat hij in 2004 in Madrid was, toen daar bij aanslagen in de metro 191 mensen omkwamen. „Dat kwam heel dichtbij. Ik zat vaak in diezelfde metro”. Het was de aanleiding om de radicaal-islamitische ideologie aan de kaak te stellen in cartoons. Zelf omschrijft Abttoy zijn tekeningen als „kunst” en „humor” – maar de onderliggende boodschap is serieus: „Ik wil moslims aan het denken zetten over hun geloof.”

Een islamcartoonwedstrijd georganiseerd door PVV-leider Geert Wilders werd vorige week uit veiligheidsoverwegingen afgeblazen. Na massale demonstraties in Pakistan werd in Den Haag een Pakistaan opgepakt die een aanslag op Wilders wilde plegen. Vrijdag werd op Amsterdam Centraal daadwerkelijk een aanslag gepleegd, door een Afghaan uit Duitsland. Hij was volgens zijn advocaat naar Amsterdam gereisd uit woede over de – even daarvoor afgelaste – cartoonwedstrijd.

Abttoy deed niet mee aan de competitie, want „ik vind niet dat kunst zich leent voor een wedstrijd”. Wel vindt hij het belangrijk, zegt hij, dat de islam niet wordt geschuwd als onderwerp van cartoons. Kunstuitingen kunnen nooit verboden worden, zegt Abttoy, ook niet als die provocerend zijn. „Aan kunst kun je geen grenzen stellen. Als je als kunstenaar zelfcensuur toepast, is het geen kunst. Ik mag alles tekenen en schilderen.”

Waarom vindt u dat belangrijk?

„Juist kunstenaars kunnen verandering brengen. De Venetiaanse schilders doorbraken in de Renaissance het taboe op het afbeelden van naakt. De kerk was daar niet blij mee, maar raakte er langzaam aan gewend. Zo zal dat ook gaan bij parodieën op de islam. Eerst voelen mensen zich beledigd, dan leren ze ermee leven en uiteindelijk zullen ze het normaal gaan vinden.”

Foto Robin Utrecht
Lees ook het Commentaar over de cartoonwedstrijd van Wilders: Niet uitingsvrijheid, maar ophitsen was Wilders’ doel

Beeldt u zelf de profeet af?

„Hoe ziet de profeet eruit? Niemand die het weet. Ik teken salafisten, die hun best doen zo veel mogelijk op hem te lijken.”

Het salafisme is een fundamentalistische stroming binnen de islam. Aanhangers proberen de religieuze teksten in alle aspecten van hun leven door te voeren – en soms ook aan anderen op te leggen. Dat verhoudt zich niet met het maken van cartoons, zegt Abttoy. „Zij zien de Koran als de absolute waarheid. Het boek kan je niet aanpassen, de tekst kun je niet moderniseren. Daardoor ben je, als je er iets over tekent of over schrijft, in hun ogen een afvallige, een vijand van de islam.”

Bent u niet bang?

„Niet echt. Soms een beetje huiverig voor mijn gezin. Maar ik heb voldoende vertrouwen in de bescherming van het vrije woord in Nederland. Als ik in Marokko zou wonen, zou dat anders zijn.

„Op straat word ik soms nageroepen door jochies van twaalf, veertien jaar. ‘Bent u geen moslim?’, roepen ze dan. ‘Bent u tegen de islam?’ Hun ouders zeggen niets hardop, maar ik weet dat die kinderen hun ouders napraten. Ik ga er niet op in. Mijn vrouw vindt het naar, ze wil verhuizen. Maar ik wil me niet laten verjagen.”

Zijn er cartoons die u niet wil publiceren?

Abttoy laat een tekening zien waarop de koning van Marokko een drol produceert in de vorm van de kaart van Marokko. „Deze publiceer ik niet, dat is niet veilig.”

U bent banger voor de koning van Marokko dan voor de profeet?

„Ik teken wel over de koning, hoor. Maar ik heb wel familie in Marokko. En ik wil er zelf ook nog weleens komen. Als zo’n plaat wordt gepubliceerd mag ik er nooit meer naar binnen.”

    • Sheila Kamerman
    • Andreas Kouwenhoven