Het linkse land waar het zo goed leek te gaan

Zweden

Het van oudsher linkse Zweden wacht bij de verkiezingen van zondag een ruk naar rechts. Economisch gaat het goed, maar er is veel onvrede over de migratie. „Mensen leven hier geïsoleerd.”

Publiek bij een verkiezingstoespraak van Jimmie Åkesson, leider van de radicaal-rechtse Zweden-Democraten. Foto Hollandse Hoogte

De 25-jarige Maria Öhström weet nog niet wat haar moeder zondag gaat stemmen. Er zijn dan landelijke, regionale en lokale verkiezingen in Zweden, en Ohström is een van de linkse kandidaten in Norrköping, een stad ten zuidwesten van Stockholm. Steeds meer sociaal-democraten lopen hier over naar de radicaal rechtse Zweden-Democraten, zo ook haar moeder. Of maakt ze voor haar dochter een uitzondering? „Ik durf het haar niet te vragen.”

Öhström, die als verpleegkundige op de oncologie-afdeling van een ziekenhuis werkt, staat in een wit shirt met het logo van een roos – zo rood als haar haren – zieltjes te winnen voor een winkelcentrum. Ze is zes maanden zwanger. „Mensen klagen dat we te veel migranten hebben opgevangen, dat alles slecht gaat, maar er is niet zoveel veranderd.” Op haar borst heeft ze een tattoo met de tekst ‘Liefde overwint alles’ in het Latijn.

„Sinds de campagne weet ik niet of die tekst nog geldt”, zegt ze. „Voor mij staat onze welvaartsstaat voor solidariteit met mensen die voor oorlog vluchten. Het is zo arrogant om hier veilig, hoog vanuit het noorden, te roepen dat wij het slecht hebben en al die mensen niet kunnen helpen. Zweden zijn gewoon verwend.”

De traditioneel saaie verkiezingen in Zweden worden nu al ‘historisch’ genoemd. Na honderd jaar sociaal-democratische dominantie wordt die partij misschien voor het eerst níét de grootste. Veel mensen zijn boos over het tolerante immigratiebeleid van de linkse regering van Stefan Löfven. Sinds 2014 vroegen 313.000 migranten asiel aan, 165.800 kregen het in die tijd. Ze vertrekken deels naar een partij die door premier Löfven nazistisch en racistisch is genoemd: de Zweden-Democraten.

Een van de steden waar dit het beste te zien is, is Norrköping, een stad met ruim 137.000 inwoners en van oudsher een arbeiders- en migrantenstad. Lars Stjernkvist loopt met zijn fiets aan de hand een heuvel op, zijn gezicht kletsnat van het zweet. Boven wacht een groep jonge mensen in rode jassen. „Excuses”, zegt hij terwijl hij een klamme hand uitsteekt. „Mijn partijgenoten hadden gezegd dat we buiten de stad zouden verzamelen, maar ik had geen idee dat ik een berg moest beklimmen.”

Gespannen sfeer op straat

Met de bos krullen die als een pruik op zijn hoofd ligt en zijn stevige snor, is de zestigjarige Stjernkvist een lokale bekendheid. Al meer dan twintig jaar is hij actief bij de sociaal-democraten, eerst landelijk – als partijsecretaris en parlementariër – en nu in Norrköping als voorzitter van het college van wethouders; in Nederland zou je hem burgemeester noemen. Deze avond gaat hij van deur tot deur om te praten met kiezers – voor het eerst. „We waren altijd verzekerd van hun stem, nu moeten we ze overtuigen.”

Hij merkt dat de sfeer gespannen is. „Op de radio was vanochtend een item over jongeren die vuilnisbakken in de fik hadden gestoken. Mensen klaagden meteen over migranten, terwijl er niets was gezegd over de achtergrond van de daders.”

„Mensen lijken agressiever geworden”, zegt ook Olle Johansson, de onderwijswethouder. „Iemand zei dat ik mezelf van kant moest maken. Die woede is in een land als Zweden abnormaal.”

De Zweden staan bekend als bruggenbouwers, letterlijk en figuurlijk. Wie het land vanuit de lucht nadert, ziet als eerste de acht kilometer lange Sontbrug, die de Deense hoofdstad Kopenhagen verbindt met het Zweedse Malmö. Na de zomer van 2015 kwamen tienduizenden veelal Syrische en Afghaanse vluchtelingen onder meer over die brug het land binnen. De afgelopen decennia heeft Zweden ook migranten uit Somalië, Turkije, Joegoslavië en Iran verwelkomd.

Inmiddels is 18 procent van de tien miljoen Zweden niet in Zweden geboren. Economisch gaat het goed, de werkloosheid is slechts 6 procent. De vraag is welk verhaal de kiezers willen geloven: dat van een tolerant migratieland met goedkope zorg, gratis onderwijs, het land dat alles onder controle heeft en dat altijd meer vluchtelingen kan helpen – of het pessimistische verhaal over een Zweden dat in brand staat en alleen haar eigen mensen nog kan helpen, met moeite.

Naar verwachting zal één op de vier of vijf Zweedse kiezers zondag stemmen op de islamofobe, eurosceptische Zweden-Democraten van Jimmie Åkesson, die pleit voor een Swexit: het uittreden van Zweden uit de Europese Unie. De partij heeft een naziverleden, geen van de andere partijen wil ermee regeren.

Lees meer over Jimmie Ákesson: Door deze man groeit radicaal-rechts in immigratieland Zweden

De Zweden-Democraten hebben veel aanhang in Villbergen, een buitenwijk van Norrköping, waar de volgende dag de Villbergermarken plaatsvindt, een jaarlijks festijn met kraampjes en een mini-kermis waar peuters rondjes draaien in theekopjes. De wijk is wit, je ziet veel overgewicht en gerimpelde gezichten.

Robert Cederlund (32), kandidaat voor de Zweden-Democraten in Norrköping, heeft hier ook een kraam. Hij besloot in 2014 eens te gaan kijken bij een partijbijeenkomst. Premier Löfven had een deal gesloten met de centrum-rechtse oppositie om ook bij onenigheid elkaars begroting te steunen – zo zouden ze nooit de Zweden-Democraten nodig hebben. „Een klap in het gezicht van de democratie”, zegt Cederlund. „Ik dacht altijd dat het een racistische partij was tot ik zag dat het helemaal geen domme, homofobe nazi’s zijn, maar mensen die over de echte problemen durfden te praten. Onze fractievoorzitter is zelf ook een migrant.”

De ouders van Cederlund komen uit Rusland en Macedonië. Toen zijn vader naar Zweden kwam, begon hij als chef in een restaurant. „Migranten die nu komen, zien geen reden om te werken. Als ze veel kinderen maken en thuisblijven, houden ze meer over. Maar het Zweedse welvaartsstelsel is ingericht om mensen te helpen die even niet kunnen werken, niet als vervanging van werk.”

Hij zegt dat de linkse Zweedse regering migranten het signaal geeft dat ze allemaal maar naar Zweden moeten komen. „Sommigen hebben meerdere vrouwen en laten ook nichtjes en neefjes overkomen.” Volgens Cederlund gaat hierdoor de gezondheidszorg achteruit: „Laatst moest ik met mijn vrouw achttien uur wachten bij de spoedeisende hulp omdat er mensen op brancards naar binnen werden gebracht. Dat komt waarschijnlijk door alle schietpartijen in de stad.”

De politie van Norrköping zegt dat er dit jaar drie schietpartijen waren.

Posters van de sociaal-democraten: premier Stefan Löfven en Buitenlandminister Margot Wallström. Foto Jonathan NACKSTRAND/AFP

Doodgeschoten drugsbazen

De 75-jarige Ben Berntarnesson blijft even hangen bij het kraampje. Hij heeft een lange grijze baard en draagt een pet waar Driver Life op staat – jarenlang runde hij met zijn zoon een transportbedrijf. „Migranten moeten weg uit Zweden, ze maken ons land kapot, ze stelen van alles; autobanden, petroleum.” Hij heeft vrienden die Roemenen diesel hebben zien stelen. „Vroeger, toen ik jong was, konden we veilig in het bos spelen, nu niet meer vanwege de migranten.”

Op de vraag wat het een met het ander te maken heeft, blijft het stil.

Veiligheid is bij deze verkiezingen een belangrijk thema, uitzonderlijk in Zweden. Veel mensen beginnen over de doodgeschoten drugsbazen. Het afgelopen jaar waren er landelijk 320 schietpartijen, waarbij 42 doden vielen. Vijf jaar eerder waren dat er zeventien. Al hebben ze er zelf niet mee te maken, linkse én rechtse Zweden in verschillende steden zijn bang voor het geweld in de achterbuurten van Stockholm, Malmö en Göteborg.

Een van die beruchte buurten is de wijk Rinkeby in Stockholm. Op een vierkant plein met winkels en dönerzaken is het gezellig druk. Mensen drinken thee, kletsen alsof het nog vakantie is. „Het is hier veel makkelijker dan in andere wijken om contact te maken met mensen”, zegt een jonge man die flyert voor de Moderaterna, de Zweedse liberaal-conservatieven, die zondag ook kans maken de grootste partij te worden.

De 18-jarige Khader, die zijn achternaam niet in de krant wil (die is bij de redactie bekend), is opgegroeid in de wijk en hangt er wat met vrienden. Hij is lang, draagt witte sneakers en een wijd zittende spijkerbroek. Hij spreekt perfect Amerikaans Engels.

We stalen laptops op school en beroofden drie dagen mensen op straat

Khader (18), inwoner van Stockholm

Khader komt uit een gezin met zeven kinderen en zit in het laatste jaar van de middelbare school. „Iedereen hier komt van over de hele wereld, ik voel me daar prettig tussen. Op school heb ik witte vrienden, maar die komen hier niet.”

Klopt het dat drugsgebruik een probleem is? „Niet echt”, zegt hij. „Het is hier gewoon normaal.” Losjes vertelt hij zelf te hebben gedeald, toen hij zestien was. „Een vriend vroeg of ik mee wilde doen, het leek me leuk om te proberen. Om de eerste lading drugs in te kopen hadden we geld nodig. We stalen laptops op school en beroofden drie dagen mensen op straat.” Hij was alleen bang dat zijn ouders erachter zouden komen, zegt hij. „Die zouden me terugsturen naar Afrika.”

Een jaar lang verkocht hij wiet, hasj, xtc en cocaïne op school en op straat. „Ik stopte omdat het saai werd.” Hij haalt z’n schouders op. „Zie je dat groepje hierachter? Die zijn ook aan het dealen. De politie staat er nu even naast, als die zo weggaat, gaan ze weer verder.” Ook de 23-jarige Turks-Zweedse Busra Baran die in Rinkeby opgroeide en werkt als beveiliger, zegt dat drugs alomtegenwoordig zijn. Haar twee broers zitten vast wegens dealen. „Ze komen vrij en worden even later weer vastgezet. Dat is hier normaal.”

Publiek luistert naar Jimmie Åkesson tijdens een campagnebijeenkomst. Foto Fredrik Sandberg/TT News Agency

Zoete broodjes en koffie

In Rinkeby zie je opvallend weinig vrouwen op straat. De 32-jarige Hannah Sutadah die als baby vanuit Somalië naar Zweden kwam met haar ouders, zucht als haar gevraagd wordt waar dat aan ligt. „Komt u nu helemaal uit Nederland naar Zweden om deze vraag te stellen?” Ze slaat haar armen over elkaar. „Ik heb net op de radio gehoord over rechtse journalisten die naar Zweden komen om te schrijven dat deze wijk de meest verschrikkelijke plek op aarde is. Jullie hebben toch ook criminaliteit?” Ze moet weg om haar baby op te halen van de crèche, maar laat wel haar nummer achter.

Een paar metrohaltes verder ligt de wijk Husby, waar in 2013 de beruchte Stockholm riots plaatsvonden. Jongeren kwamen in opstand tegen de politie, meer dan honderd auto’s werden in brand gestoken.

„Zie je die vrouw zitten?” Nurcan Gültekin (52) wijst naar een vrouw in een café waar zoete broodjes en koffie wordt verkocht. „Een paar jaar geleden was het ondenkbaar dat ze hier zou komen.” Gültekin is stadsplanoloog voor Svenska Bostäder, een van de grootse woningbouwbedrijven van Zweden. Vrouwen kregen hier opmerkingen over hun uiterlijk of werden seksistisch benaderd, vertelt ze. Ze introduceert de term ‘feministische architectuur’. „We willen deze buurt fijn maken voor vrouwen. Die gooien hun werkloze mannen overdag het huis uit en die gaan dan in cafés hangen, waar vrouwen vervolgens niet meer in de buurt komen.” Besloten werd het café te verplaatsen naar een plek tegenover de bibliotheek, waar ook kinderen komen.

Gültekin is bij haar woningbouwbedrijf een van de eersten die de bewoners zelf vragen naar hun gevoel van veiligheid in de buurt. „Mensen zijn trots op hun buurt, maar er is veel werkloosheid. De integratie verloopt niet goed. Lang werd daar niet over nagedacht, ook niet door ons. Je moet gewoon in gesprek met mensen zelf.”

Als we Hannah Sutadah uit Rinkeby later bellen blijkt dat ze pas twee jaar in Rinkeby woont. „Ik ben opgegroeid in een witte wijk in [universiteitsstad] Uppsala. Pas sinds ik zelf in een achterstandswijk woon, zie ik hoe erg de situatie is. Mensen leven hier geïsoleerd. In de twee jaar dat ik hier woon ben ik overal in Stockholm geweest. Mijn man, die in Rinkeby is opgegroeid, kent alleen Rinkeby. Hij voelt zich niet prettig in andere wijken.”

Als je hier een tijdje woont, zegt Sutadah, weet je dat die sterke sociale welvaartsstaat lang niet meer voor iedereen geldt. De groei van de Zweden-Democraten maakt het erger, zij willen snelle oplossingen. Mensen hier hebben politici nodig die compassie tonen, de structurele problemen herkennen, en de mensen zelf vragen naar oplossingen”, zegt ze. „Ook na de verkiezingen.”

    • Maral Noshad Sharifi