Het bergdorp is zijn hotelmagnaat niet vergeten

Ritz-hotels

Het Zwitserse bergdorp Niederwald eert dit jaar zijn beroemdste inwoner, César Ritz (1850-1918), hotelier van de koningen.

Scène uit de openluchtvoorstelling over César Ritz in zijn geboortedorp Niederwald. Op de achtergrond het geboortehuis, met standbeeld. Foto Thomas Doebele

Op het dorpspleintje van Niederwald, 1.200 meter hoog in het Zwitserse Rhônedal, heft de vertolker van de Prince of Wales het glas. Met op de achtergrond het geboortehuis van César Ritz dankt hij zijn gastheer voor de kingsize badkuip die speciaal voor hem is ontworpen. En dan doet de prins zijn gevleugelde uitspraak, vereeuwigd op een bord bij de entree van het dorp: ‘Hotelier der Könige, König der Hoteliers!’

Met deze openluchtvoorstelling waaraan bijkans alle vijfenvijftig inwoners plus een kudde geiten meedoen en tal van andere activiteiten eert Niederwald dit jubileumjaar zijn beroemdste zoon. De geitenhoeder César Ritz (1850-1918), jongste van dertien kinderen uit een straatarm gezin, werkte zich op tot hotelmagnaat. Briljant was zijn oog voor stijl en luxe en scherp zijn zakelijk instinct. Kort voor de opening van het Grand-Hôtel in Rome in 1895 staakten de arbeiders. De eis om meer loon negerend, lukte het Ritz de staking te breken met de belofte van een gratis dagelijkse maaltijd.

Aan het Place Vendôme in Parijs realiseerde hij in 1898 zijn droom: vorstelijke allure in de trant van Versailles, maar dan wel met de door hemzelf geïntroduceerde indirecte sfeerverlichting en 140 comfortabele kamers voorzien van badkamer met ligbad. Op het pleintje van Niederwald zijn de gasten van toen weer bijeen voor de feestelijke opening van het Ritz-Parijs: Marcel Proust, de Rothschilds, prins Edward met zijn geliefde, de grande horizontale la belle Otéro. Het is slechts een fractie van de vips die het hotel frequenteerden. Mata-Hari gebruikte er haar ‘five o’clock tea’, Hemingway zat graag aan de bar, Coco Chanel bewoonde een suite tot haar dood. Ritz-Parijs is allang geen familiebedrijf meer; sinds 1979 is Mohammed Al-Fayed eigenaar, de vader van de geliefde van prinses Diana. Geregistreerd door bewakingscamera’s liep ze op 31 augustus 1997 door de draaideur naar de Mercedes die verongelukte.

De Niederwaldsche horeca huldigt de ‘Ritz-Philosophie’: vier nachten voor de prijs van drie en in de Ritz-Stube champagne met een drie-gangen diner geïnspireerd op de keuken van maître Auguste Escoffier. De rol van de toenmalige vaste chefkok van Ritz wordt gespeeld door een hoteleigenaar uit de omgeving. „César beheerde wel tien hotels in Europa”, vertelt hij na afloop van de voorstelling. Al is Ritz zijn voorbeeld, diens motto ‘Een leven voor de gast’ gaat hem te ver: „Men moet ook aan zichzelf denken”. Hij doelt op Ritz’ ondergang. Na de opening in Parijs stortte hij in en kreeg depressies. Zijn vrouw nam de zaken over terwijl hij zijn jaren in een Zwitsers kuuroord sleet tot hij stierf op 26 oktober 1918. Hij werd begraven op Père Lachaise in Parijs, maar rust naar de wens van zijn weduwe sinds 1961 op het kerkhofje van Niederwald.

Aan de voet van de bronzen geitenhoeder bij de dorpsput memoreert een inscriptie het lot van alle arme sloebers die hun bergdorp moesten verlaten: ‘Ging de wijde wereld in, met vleugels in zijn geest en een brandend verlangen in het hart.’

en
    • Angela Dekker
    • Jessica Voeten