Einde nabij voor Nederlandse missie tegen IS

Luchtoorlog Volgens bronnen bij Defensie maakt het kabinet later deze maand bekend dat de Nederlandse bijdrage aan de luchtoorlog tegen IS eind dit jaar stopt.

Rob Bauer (rechts), Commandant der Strijdkrachten tijdens zijn bezoek in juni aan de luchtmachtbasis in Jordanie waarvandaan F-16's doelen van IS bombarderen. Foto Defensie

De F-16’s die in Irak en Syrië doelen van Islamitische Staat bombarderen, keren naar verwachting eind dit jaar terug naar Nederland. Volgens bronnen bij het ministerie van Defensie maakt het kabinet later deze maand bekend dat de Nederlandse bijdrage aan de luchtoorlog tegen IS eind dit jaar stopt. Wat er met de Nederlandse bijdrage aan de training van Koerdische en Iraakse troepen gebeurt, is nog niet duidelijk. Het mandaat voor de missie van de Nederlandse F-16’s, dat eind dit jaar afloopt, wordt om twee redenen niet verlengd, aldus de bronnen. Na de val van het kalifaat van IS, vorig najaar, zijn er te weinig doelen over om te bombarderen. De laatste maanden gebeurt dat hooguit een paar keer per week.

Vliegers vertellen in NRC voor het eerst uitvoerig over hun werk en emoties. Lees ook: De Nederlanders die vanuit de woestijn het kalifaat bestreden

Er zijn nog maar vier westerse landen die hetzelfde doen: de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk. Weliswaar zijn er veel tekenen dat IS in Syrië en Irak weer sterker wordt, maar de aanpak daarvan vergt volgens de luchtmacht een gerichte aanpak door Iraakse grondtroepen op de grond.

Levend verbrand

Uit hun verhalen blijkt dat de luchtmacht eind 2014 halsoverkop enkele bijeenkomsten moest organiseren voor familieleden van F-16-piloten die meededen aan de bombardementen op IS-gebied in Irak. De familieleden waren er zeer bezorgd over dat een Jordaanse F-16-piloot in handen was gekomen van eenheden van IS. Ze vreesden dat Nederlandse vliegers hetzelfde zou overkomen. De onrust binnen het ‘thuisfront’ sloeg over op de militairen in Jordanië. „We merkten dat de jongens in het inzetgebied zich druk maakten over de zorgen die thuis waren ontstaan”, zegt commodore André Steur, destijds commandant van luchtmachtbasis Volkel, in NRC.

De Jordanese piloot werd korte tijd later levend verbrand door IS. Na de publicatie van de video daarover, begin februari 2015, organiseerde de luchtmacht ook een belronde voor partners van F-16-vliegers. Daarin konden ze hun zorgen en emoties delen.

    • Kees Versteegh