In de ravage na de brand in het Museu Nacional, is te zien dat de Bendegó-meteoriet nog op zijn sokkels staat.

Foto Leo Correa/AP

Een gapend gat in de geschiedenis van Zuid-Amerika

Museumbrand Rio de Janeiro

Bij de uitslaande brand die zondag woedde in het Museu Nacional van Brazilië is 90 procent van de collectie verloren gegaan. „Dit is een onbeschrijflijke catastrofe.”

Alsof je een naast familielid hebt verloren. Zo omschrijft de Leidse antropoloog Mariana de Campos Françozo haar gevoel na het verloren gaan van nagenoeg de gehele collectie van het Museu Nacional, het oudste en grootste natuurhistorisch museum in Brazilië. Françozo is Braziliaanse en deze week net teruggekeerd uit haar geboorteland. Daar zag ze samen met een groepje vakgenoten het drama live op televisie. „We werden gebeld door een kennis dat er brand was uitgebroken in het museum. We dachten dat het wel snel geblust zou worden, maar tot onze schrik verdween het hele museum in een enorme vuurzee. We keken machteloos toe – vol ongeloof, verdriet en woede. Dit is een onbeschrijflijke catastrofe.”

In Beeld: Museumbrand in Rio de Janeiro

Françozo en haar vrienden belden tijdens de brand voortdurend met medewerkers van het museum in Rio, die het brandende gebouw waren ingestormd om nog zoveel mogelijk te redden. „Toen kwam het slechte nieuws: van de hele archeologische en antropologische collectie was waarschijnlijk niets meer over.”

Het lot van Luzia is onzeker

Daags na de brand is nog niet duidelijk wat er allemaal in vlammen is opgegaan. De twee meter grote Bendegó-meteoriet vlakbij de entree van het museum, lijkt nog ongeschonden op zijn sokkel te staan. Maar wat is bijvoorbeeld het lot van Luzia, een zeker tienduizend jaar oude schedel van een jonge vrouw – een van de eerste mensen op het continent, een paleo-Amerikaan? De schedel die in 1975 werd opgegraven in een grot bij Belo Horizonte was opgeborgen in een metalen kistje, maar dat is nog niet teruggevonden in het puin. Françozo: „Ironisch dat juist een meteoriet – symbool van vernietiging – deze ramp heeft overleefd.”

Deze unieke schedel van paleo-amerikaan Luzia bevond zich ook in het museum. Foto AP

Het Nationale Museum dat dit jaar zijn 200 jarig bestaan vierde kampt met chronisch geldgebrek. Mede daardoor waren zelfs in het jubileumjaar tien van de dertig tentoonstellingszalen gesloten voor publiek vanwege achterstallig onderhoud. De nieuwe directeur van het museum, paleontoloog Alexander Kellner, die in februari aantrad, klaagde steen en been over het veel te krappe budget. Hij had plannen voor een grote restauratie van het museum, maar het benodigde geld bleef vooralsnog uit. In de dagen na de ramp hield Kellner zich opvallend stil in de media en ook een e-mail van deze krant liet hij onbeantwoord.

Een anonieme klokkenluider, die zich identificeerde als architect, waarschuwde ruim een maand voor de ramp nog voor het brandgevaar. Hij rapporteerde loshangende elektrische draden en brandbaar zeil in het dak. „Deze onvervangbare Braziliaanse collectie kan op elk moment in brand vliegen en het mag een wonder heten dat dit nog niet is gebeurd”, meldt hij in zijn uitgelekte brief. Er was geen sprinklerinstallatie, en zelfs de toegesnelde brandweer had geen water om te blussen omdat de twee brandkranen in de buurt van het museum droog stonden.

Aangekondigde dood

Boze Braziliaanse twitteraars spreken daarom van „een aangekondigde dood”, en stellen de overheid verantwoordelijk voor het drama. Ook Françozo voelt het zo. „Dit is echt schandalig. Het toont aan dat onze regering geen enkel cultureel besef heeft en niet geïnteresseerd is in de wetenschap.”

Het grootste deel van de collectie moet als verloren worden beschouwd. In geld is de waarde niet uit te drukken, maar de wetenschappelijke waarde was heel groot. „Wat er precies verloren is gegaan, is echter lastig te zeggen”, zegt Martin Berger, conservator Zuid-Amerika van het Nationaal Museum van Wereldculturen in Leiden. „Er is geen digitale database van de collectie en er is zelfs geen papieren catalogus. Je kunt je afvragen of het museum na deze brand nog wel bestaat. In aantal en kwaliteit was dit zeker de belangrijkste verzameling van antropologische voorwerpen van Zuid-Amerika.”

Het ergste is dat er nu een groot gat is geslagen in het cultuurhistorische erfgoed van Brazilië en heel Zuid-Amerika, zegt Françozo. Dat is onvervangbaar. „Het gaat niet alleen om de objecten maar ook om de hele geschiedenis die eraan hangt. Er was aardewerk van zes of zeven inheemse culturen die verdwenen zijn, onder meer Marajoara- en Santarémculturen. Er waren ook duizenden voorwerpen van nog levende volkeren en stammen. Dit was hun culturele erfgoed!”

Heel jammer is het verlies van bandopnamen uit de jaren vijftig van inheemse talen die inmiddels niet meer gesproken worden. En er was een waardevol archief van migratiepatronen van inheemse volkeren in de jaren veertig gemaakt door de etnograaf Curt Nimuendajú. „Niets daarvan is gedigitaliseerd, alleen museummedewerkers weten wat er allemaal verloren is gegaan.”

De collectie van het Museu Nacional was zo omvangrijk, omdat Brazilië in de jaren dertig een wet invoerde die voorschreef dat buitenlandse onderzoekers die een wetenschappelijke verzameling mee wilden nemen, er altijd voor moesten zorg dragen dat er op zijn minst een gelijkwaardige verzameling in Brazilië werd achtergelaten. „Het betekent wel dat er van veel voorwerpen in de collectie ook nog ergens een equivalent in het buitenland bestaat” , zegt Françozo. „Maar dat is een schrale troost, want ieder voorwerp is uniek, en pas in samenhang kun je een goed beeld krijgen. Mijn onderzoeksgroep stond op het punt om voorwerpen uit Braziliaanse collecties te vergelijken met hun equivalent in buitenlandse musea. Dat kunnen we nu wel uit ons hoofd zetten.”

Het Museu Nacional behoorde met 20 miljoen objecten tot de grotere musea ter wereld, zegt Koos Biesmeijer, wetenschappelijk directeur van Naturalis in Leiden. Met 41 miljoen specimen is Naturalis ongeveer twee keer zo groot. Biesmeijer: „Daarmee zijn wij wereldwijd nummer vier – na het Franse Muséum National d’Histoire Naturelle, het Natural History Museum in Londen en het Smithsonian Institution in Washington, die ieder wel 80 tot 100 miljoen stukken hebben. Maar het gaat natuurlijk niet alleen om de aantallen, maar vooral ook om hun uniciteit.”

De complete insectencollectie van het museum is waarschijnlijk verbrand.
Foto AP
Macrodontia cervicornis;
De complete insectencollectie van het museum is waarschijnlijk verbrand.
Foto’s AP

In Rio is nu waarschijnlijk een verzameling van miljoenen insecten en de bijbehorende gegevens van waar ze voorkwamen verloren gegaan. Dat betekent een forse aderlating voor het onderzoek naar de rijke biodiversiteit van Brazilië. „Nog elk jaar werden er nieuwe soorten ontdekt.”Zo’n collectie kan niet zo maar weer worden opgebouwd, zegt Biesmeijer. Als voorbeeld noemt hij het Herbarium van Berlijn dat tijdens de Tweede Wereldoorlog in brand vloog na een bombardement. „Daarbij ging een groot deel van de unieke collectie orchideeën verloren ging. Nu, zestig jaar later, is de wetenschappelijke verzameling van orchideeën nog steeds niet op het niveau van toen.”

Het herbarium van het Museu Nacional, met een uitgebreide plantenverzameling van het Amazonegebied, heeft de brand gelukkig overleefd, omdat het zich in een ander gebouw bevond. Ook hebben medewerkers van het museum tijdens de brand nog een groot deel van de weekdierencollectie weten te redden.

Koning van de pterosauriërs

Paleontologen maken zich wel ernstig zorgen. Museumdirecteur Kellner wordt in Brazilië de ‘koning van de pterosauriërs’ genoemd, omdat hij eigenhandig meer dan 20 soorten als eerste beschreef. „Het is niet overdreven om te zeggen dat Brazilië een van de belangrijkste pterosauruscollecties ter wereld bezit”, zegt paleontoloog Mark Witton van de University of Portsmouth. „Nergens anders zijn er zoveel uitzonderlijk goed bewaard gebleven schedels en gedeeltelijke skeletten, en zoveel fossielen met bewaard gebleven zachte weefsels.”

Een pterosaurusfossiel uit de collectie van het Museu Nacional. Foto Leo Correa/AP

De vrees bestaat nu dat de bijzondere Braziliaanse pterosaurusfossielen zijn verbrand, zegt Witton. „Normaal worden ze bewaard in een ander museum, maar collega’s geven aan dat ze toevallig net waren uitgeleend aan het Museu Nacional voor wetenschappelijk onderzoek. Als dat zo is, dan is het zeer waarschijnlijk dat we tientallen van de mooiste pterosaurusfossielen in de wereld kwijt zijn.”

Veel van deze fossielen zijn zogeheten holotypes, fossielen aan de hand waarvan een nieuwe soort is beschreven, zegt Witton. „Als die verloren blijken, dan is daarmee een pilaar weggeslagen die het moderne onderzoek naar vliegende reptielen ondersteunt. Dat zal niet makkelijk te vervangen zijn.”

Paleontoloog Anne Schulp van Naturalis vult aan: „Er is nu een groep dinosauriërs met een krokodil-achtige spitse snuit, de spinosauriërs, waarvan de twee wellicht belangrijkste vertegenwoordigers nu allebei verbrand zijn. Eerst het holotype na het bombardement op München tijdens de Tweede Wereldoorlog, en nu de tegenhanger uit Brazilië.”

Ook menselijke fossielen zijn wellicht ten prooi gevallen aan de vlammen, vreest antropoloog Anna Roosevelt van de University of Illinois in Chicago. „De collectie vroege skeletten van Lagoa Santa, verzameld door Marilia Alvim en anderen, was een van de grootste uit de Amerika’s. DNA-analyse van dergelijke skeletten is nuttig geweest kennis van de geografische oorsprong van de paleo-indianen, die als eerste mensen Amerika koloniseerden. Als deze specimens uit het Nationaal Museum daadwerkelijk verloren zijn gegaan, is dat een tragedie voor de kennis over de paleolithische verspreiding van de moderne mens over de continenten vanuit Afrika.”

Mummie van een Chileense Atacama man uit het Museu Nacional. Foto Picasa

Naar het zich laat aanzien is ook de gehele Egyptologische collectie van het Museu Nacional vergaan. Die bestond uit ruim 700 steles, mummies, grafbeeldjes (sahabti’s) en houten sarcofagen. „In vergelijking met alles wat er verder in rook is opgegaan is dit slechts bijzaak” , zegt egyptoloog Maarten Raven van het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden. „Het was een standaardcollectie, niet heel bijzonder in zijn soort. In 1990 is hij nog helemaal gecatalogiseerd, met zwart-wit foto’s maar wel met vertalingen van de hiëroglyfen. Het bijzonderste object was een late mummie uit de derde eeuw na Christus. Bijzonder daaraan is dat de vorm van het lichaam nog zichtbaar is omdat vingers, tenen, armen en benen apart gezwachteld zijn. In de hele wereld zijn er acht of negen van dit soort mummies; in Leiden hebben we er drie. Voor ons is het jammer dat er een parallel verloren is gegaan.”

Nu alles is afgebrand heeft de Braziliaanse overheid wel in allerijl twee miljoen euro toegezegd voor de herbouw van het museum. „Maar dat is dan alleen geld voor het herstel van het gebouw”, zegt Françozo, „De enorme verzameling historische voorwerpen komt nooit meer terug. Er is nu een publiek initiatief ontstaan om zoveel mogelijk foto’s en filmopnames van het museum zoals het ooit was te verzamelen, in de hoop dat er nog een soort digitale reconstructie van gemaakt kan worden. En de antropologische bibliotheek van het Museo Nacional heeft mensen opgeroepen verloren gegane boeken te doneren.”

    • Sander Voormolen