Recensie

Death Grips wekt woedende energie in zwetend Paradiso

Rap-rock De energie van het Amerikaanse trio Death Grips mondt uit in uitgebeten rap-rock. Hun optreden maakt van Paradiso een enorme, zwetende, heksenketel.

Death Grips, tijdens een eerder optreden (Festsaal Kreuzberg, Berlijn). Foto Montecruz

Voor een band die ook in Paradiso binnen een paar seconden het publiek in energieke extase brengt, ziet het podium er opvallend rustig uit. Er is een drummer, een keyboard, een paar speakers, en daartussenin staat zanger/rapper MC Ride. Zijn presentatie is geconcentreerd, zonder te springen, te joelen of de zaal aan te vuren. Er staat bovendien een hek tussen toneel en publiek, zodat er niet kan worden gestagedived.

Dat levert een opmerkelijk beeld op: de relatief kalme arena van het podium, met daarvoor een van de grootste heksenketels die Paradiso, Amsterdam, de laatste tijd heeft meegemaakt. Alles is nat van het zweet – van de blote bovenlijven van het goeddeels mannelijke publiek, tot de muren en zelfs de trapleuningen.

Overstuurde synthesizers en gemangelde samples worden aangevuurd door de punkritmes van drummer Zach Hill. Over deze rauwe, schraperige klanken tiert MC Ride, bijnaam van Stefan Burnett, zijn teksten over de rotte aspecten van het leven – niet vervat in vernuftig rijm, maar in wilde woordslierten die zich over de muziek slingeren.

Het claustrofobische resultaat laat zich op albums niet makkelijk doorgronden. Maar live leveren nummers als ‘Guillotine’ of ‘I Break Mirrors With My Face In The United States’ meteen een dwingende fysieke ervaring op, door de gejaagdheid van het ritme en het instrumentale onheil. MC Ride, de enige zwarte man in het trio, staat middenvoor met bloot bovenlichaam en beweegt alleen zijn armen en handen. Zo bewaart hij zijn energie voor krachtexplosies als het nieuwe ‘Death Grips Is Online’ en het fantastische ‘Get Got’, met jammerend sample van Indiase zang.

    • Hester Carvalho