Om zes uur sporten en huiswerk, dat haal je niet

Schoolstress

Steeds meer scholieren ervaren druk door hun schoolwerk. „Doordeweeks heb ik maar een paar uurtjes vrije tijd.”

Joep Meinema (13) en Cato Janssen (13) krijgen huiswerkbegeleiding bij coach Ankie Remijn in Delft. Hun telefoons leveren ze in. Foto’s David van Dam

Wie was Napoleon nou ook alweer? De nacht voor een toets kunnen dat soort vragen opeens opkomen in bed, vertelt tweedeklasser Joep Meinema (13). „Dan denk ik ‘oh nee ik weet het niet meer’ en dan ga ik tot best laat leren. Mijn ouders weten dat niet. De volgende dag ben ik heel moe en heb ik geen zin om die toets te maken.”

Cato Janssen (13) uit 2-vwo, haar hockeykleren al aan, knikt. „Als ik gestresst ben, denk ik in bed aan Engelse woordjes.”

Het woord ‘schooldruk’ klinkt bekend in de oren bij de scholieren die deze middag leren bij huiswerkcoach Ankie Remijn in Delft. Ze hebben hun telefoon bij haar ingeleverd en werken 25 minuten achter elkaar, dan klinkt een wekker en hebben ze vijf minuten pauze. Er liggen stroopwafels en chocoladekoekjes, ze kunnen water pakken en thee.

Steeds meer jongeren ervaren druk door schoolwerk, blijkt deze woensdag uit het vierjaarlijkse HBSC-onderzoek naar de gezondheid van jongeren tussen 11 en 16 jaar. Het geldt voor meer dan één op de drie middelbare scholieren, een stijging van acht procentpunt ten opzichte van 2013 en een ruime verdubbeling ten opzichte van 2001. Meisjes ervaren meer druk dan jongens (45 tegen 30 procent) en havo- en vwo-leerlingen meer dan vmbo-leerlingen.

Helikopterblik

Voor huiswerkcoach Remijn, die het bureau Investeren in Leren oprichtte, komen de cijfers niet als een verrassing. „De regie is in het onderwijs steeds meer bij de leerling komen te liggen”, zegt ze. „Die wordt geacht met een helikopterblik naar die berg schoolwerk te kijken – docenten hebben vaak alleen overzicht over hun eigen vak. Maar pubers zijn daar helemaal niet toe in staat. Hun brein is nog in ontwikkeling. En de school begeleidt ze er nauwelijks bij.”

Zonder planning is het inderdaad „erg onrustig in je hoofd”, zegt Emma Looijen (13) uit havo-3. „Dan denk je: ik moet dit nog doen en dat nog doen. Als je plant, kun je gewoon een rijtje afwerken.”

Maar zelfs met planning raakt ze weleens gestresst. „In de tweede was het soms verschrikkelijk. Je kunt wel je rijtje afwerken, maar soms is het gewoon echt heel veel.”

Er zijn dagen, zegt ze, waarop je pas om kwart over 4 uit bent. Dan ben je om half 5 bij huiswerkbegeleiding, die om zes uur sluit. Dan ga je thuis eten en rond half 8 ga je weer verder, want in die anderhalf uur heb je niet alles afgekregen. „Maar na het eten huiswerk maken, dat is niet goed voor je. Ik vind eigenlijk dat je ’s avonds een beetje moet kunnen uitzitten. Een paar vakken doen is niet erg, maar niet nog je halve lijstje.”

„Als je om zes uur moet sporten, heb je al helemaal kort de tijd”, zegt Nori Bouwens (14) uit havo-3, die aan tennis en dansen doet. „Een uur en een kwartier voor al je huiswerk, dat haal je gewoon niet.”

„Soms ga ik wel tot tien uur door”, zegt Cato, die twee keer per week anderhalf uur hockeytraining heeft, en een wedstrijd in het weekend. „Doordeweeks heb ik maar een paar uurtjes vrije tijd.” In haar hoofd gaat stress zo: ‘Als ik dit niet afkrijg, dan moet ik morgen heel veel doen, dan ga ik het niet redden, dan haal ik de toets niet.’ „Dan ga ik zeuren bij mijn moeder dat het niet gaat lukken. Die zegt dat ik vijftien minuutjes moet leren en daarna nemen we het samen door.” Ze heeft hockey weleens afgezegd voor leren, zegt ze. Joep: „Ik heb zelfs een toernooi afgezegd voor school.”

Stoppen om te slapen

Bijna allemaal maakten ze mee dat ze van hun ouders moesten stoppen om te slapen, terwijl hun huiswerk nog niet af was. „Als je tot laat huiswerk maakt”, zegt Stijn van der Kolk uit havo-4, „dan slaap je minder en ben je de volgende dag minder alert.”

„Wij hebben huiswerkcontrole”, zegt Joep. „Als je het niet af hebt, wordt er een mailtje naar je ouders gestuurd. Ik wil niet dat mijn ouders boos worden ofzo.”

Maar concentreren is ook lastig: alles in je kamer is interessanter dan leerwerk, zegt Nori, en Cato kan zich zelfs met een papiertje vermaken. Joep zat vorig jaar veel op zijn iPad. „Ik dacht: ik kijk één filmpje, maar dan werden het er tien.” Bijna bleef hij zitten. Dat maakte hem zo boos dat hij riep dat hij na de zomervakantie toch met zijn eigen klas zou meelopen. Door veel leren kwam het op het nippertje goed. „Ik heb met Ankie afgesproken dat ik mijn huiswerk doordeweeks maak zodat ik in het weekend leuke dingen kan doen”, zegt hij.

Jongens zijn iets lakser dan meisjes, denken ze. En meisjes kunnen beter plannen. „In een tussenuur gaan jongens naar huis om te gamen”, zegt Stijn. „Sommige meiden gaan dan op school huiswerk zitten maken.”

Waarom zou de ervaren schooldruk in vier jaar tijd zo zijn toegenomen? „Ik denk”, zegt Joep, „dat jongeren nu meer games spelen. Als je daardoor pas laat ontdekt dat je een toets hebt, dan sta je onder druk.”

„Het ligt ook wel een beetje aan de leerlingen zelf”, denkt Emma. „Vier jaar geleden had niet iedereen een telefoon. Nu ga je op Insta en Snap en dan denk je dat je de hele dag bent bezig geweest, terwijl je eigenlijk best veel op je telefoon zat.”

    • Mirjam Remie