Foto Andreas Terlaak

Delic voelt zich niet langer opgesloten tussen beats en rhymes

Interview

Het was jaren stil rondom Peter ‘Delic’ Blom, bekend als dj van rapgroep Opgezwolle. Nu is de schrijver, muzikant en beeldend kunstenaar terug met een soloproject waarin alle disciplines samenkomen. „Ik wil dat je wordt ondergedompeld.”

Jarenlang stond Peter ‘Delic’ Blom (36), meestal met een sigaretje losjes in zijn mondhoek, achteraan op het podium terwijl voor hem rappers Sticks en Rico heen en weer sprongen, en in het publiek tientallen, honderden en uiteindelijk duizenden rapfans tegen elkaar aan beukten op zijn pompende, ingenieuze en duistere hiphopbeats. Het waren de producties van Delic die de speakers lieten trillen, die het pandemonium mede hielpen veroorzaken, maar zelf straalde hij in die hectiek vaak een onverstoorbare rust uit.

Ruim een decennium later is Delic nog steeds trots dat het drie vrienden uit Zwolle lukte „met een rauwe sound en puur op gevoel” zoveel impact te hebben. Zijn rapgroep Opgezwolle klom op van ondergrondse tunnelfeesten naar de grote landelijke popfestivals en maakte indruk met sterke, eigenzinnige albums en een overrompelende live-reputatie.

Toch stapte Delic op het hoogtepunt op – na de met zeer positieve kritieken ontvangen moderne klassieker Eigen Wereld uit 2006, album Fakkelteit met Sticks uit 2007 en één laatste triomftocht door het live-circuit. Sticks en Rico toeren de laatste jaren weer met het Opgezwolle-repertoire, aangevuld met nummers die ze in de tussenliggende tijd solo en in andere formaties opnamen. Ze stonden er de afgelopen jaren mee op Lowlands, Pinkpop, in de HMH en zelfs de Ziggo Dome – een mijlpaal voor Nederlandse hiphop.

Maar Delic was er niet bij.

„Ik was gewoon thuis, aan het werk”, antwoordt Delic op de vraag waar hij tijdens die shows was. De producer heeft zijn Opgezwolle-tijd al tien jaar geleden afgesloten. Het succes van de rapgroep bracht „verplichtingen en gezeur mee”, zegt Delic nu. „Ik raakte een beetje overwerkt.” Hij voelde zijn inspiratie wegebben. „Het werd steeds meer iets dat moest. Ik voelde dat ik mezelf aan het herhalen was.”

Hoedenplank

Delic maakte als producer van Opgezwolle „voer voor je hoedenplank” – volle, rijke, inventieve beats met diepe drums en bewerkte synthbassen; een perfecte ondergrond voor rappers om op te excelleren. Maar zijn instrumentaties zijn ook op zichzelf al gelaagd en vol emotie, melodieën en prachtig subtiele details. De relatief dwingende structuur van het samenwerken met de rappers ging hem creatief tegenstaan.

Delic: „Ik raakte voor mijn gevoel gevangen in een format en zat vast tussen de muren van de beats en de rhymes. Dat is ook logisch als producer van een groep met twee MC’s. Maar ik wilde mijn creatieve palet verder uitbreiden.”

De producer die als jongen droomde van een baan als striptekenaar, nam afstand van de muziek en ging op wereldreis. Hij leerde zichzelf schilderen en stippelde een route uit langs grote steden en plekken die hij in elk geval een keertje wilde zien. Buenos Aires. New York. Tobogo. Tokio. St. Petersburg. Shanghai. En Hongkong, de stad die nu het decor vormt van zijn multidisciplinaire soloproject Kidnap At The Noodle Shop – bestaand uit acht muziekcomposities, acht schilderijen en een verhaal in acht hoofdstukken – waarmee Delic deze maand, voor even, terugkeert in de schijnwerpers.

Twee optredens geeft hij, in de Melkweg in Amsterdam en in Hedon in zijn woonplaats Zwolle. Delic exposeert zijn schilderijen de komende weken in de GO Gallery in Amsterdam en vat het project ook in een boekwerk. De twee optredens zijn niet het begin van een tour, benadrukt Delic. Hij heeft zichzelf de afgelopen jaren een nieuwe levensstijl aangeleerd, zegt hij, waarin zijn creativiteit het best tot zijn recht komt.

„Ik leef als een bejaarde”, zegt Delic. „Ik ga om half tien naar boven en sta zes uur ’s ochtends op.” Hij wandelt elke ochtend, slaapt in de middag en schaaft in blokken van steeds anderhalf uur eindeloos aan zijn kunst.

„Langer kun je niet op topniveau werken”, zegt Delic. „Je kunt wel zes uur doorgaan, en dan heb je ook iets gedaan, maar dan heb je niet ‘Billy Jean’ ingespeeld. Ik heb een gefocuste manier van leven gevonden die zorgt dat ik er creatief het beste uit kan halen. Toeren gaat schuren. Ik wil geen dingen meer moeten. Dus doe ik nu twee shows, en dan is het klaar.”

Ontvoeringsverhaal

De tekst die aan Kidnap At The Noodle Shop ten grondslag ligt, is een ietwat beklemmend en absurdistisch ontvoeringsverhaal. De verteller – die veel twijfelt en mijmert over wat de waarde is van zijn eigen waarnemingen – is een door broeierig nachtelijk Hongkong dolende, berooide schilder die problemen heeft met de Belastingdienst.

“Ik vind het mooi als kunst je een nieuwe wereld inzuigt”

Delic had na zijn Opgezwolle-tijd zelf een flinke belastingschuld. Hij werkte nadat hij terug was van zijn wereldreis drie jaar in betrekkelijke anonimiteit, onder meer als schoonmaker, als onderdeel van een regeling met de Belastingdienst. Later verdiende hij zijn geld als muziekdocent en studiotechnicus – zo zat hij achter de knoppen bij het eerste album van rapper Gers Pardoel en zijn hit ‘Bagagedrager’ – terwijl hij aan zijn eigen project schaafde.

Met zijn verhaal, de bijbehorende magisch-realistische doeken die hij heeft geschilderd en zijn muziekcomposities, wil Delic het gevoel overbrengen dat hij ervoer tijdens zijn verblijf in Hongkong – een krioelende miljoenenstad vol geuren en kleuren en visuele prikkels die hem overdonderden. Delic: „Dat gevoel van een hete avond in Hongkong vol warme regen. Het is donker, en overal schijnen lichtjes in de mist. Je loopt buiten tussen de wolkenkrabbers, op zoek naar eten en denkt: wat een rare wereld.”

De producer en beeldend kunstenaar wil met zijn kunst „werelden scheppen waarin je jezelf kunt verliezen” – zoals Delic zich verloor in bijvoorbeeld mangastrips, het album ATLiens van OutKast, of de Lord of the Rings-films. „Ik vind het mooi als kunst je een nieuwe wereld inzuigt. Wanneer je een film van bijvoorbeeld Stanley Kubrick bekijkt, blijf je na afloop echt nog even in zijn wereld hangen. Ik hou van kunst waarbij je de mindstate van de maker wordt ingezogen. Dit project – de combinatie van verhaal, schilderijen, muziek, het boek – is voor mij een manier om dat nog tastbaarder te maken.”

Delic hoopt daarbij dat de verschillende disciplines van Kidnap At The Noodle Shop elkaar versterken. Dat de kleurrijke, dromerige doeken die hij schilderde, waarin hij vrij realistisch aandoende taferelen uit Hongkong verbindt met absurdistische, stripachtige elementen, de lezer, kijker en luisteraar dieper in zijn verhaal trekken. En dat de muziek daarna genoeg is om steeds opnieuw dezelfde ervaring en emotie te beleven.

Geluidscollages

Muzikaal bestaat Kidnap At The Noodle Shop uit prachtig gelaagde, vaak wat melancholische geluidscollages vol dramatische details. De dikke, scheve elektronische sounds, klarinetsolo’s en brommende synthesizerbassen die Delic altijd al graag gebruikte, zijn hier onderdeel van dynamische composities vol verhalende details. Voetstappen en ruisende bekkens, snerpende solo’s en het waaien van de wind, vervormde vocalen en kreten, een auto die start, rollende pianotonen. Zijn solo’s, zijn basgeluiden, zijn drums – in elke klap en noot zit gevoel en zeggingskracht.

Delic combineert graag mineurladders, violen en klarinet met „elektronische viezigheid”, zegt hij. „Klanken die goed passen bij de melancholie en de emotie goed kunnen vertellen.” Zijn drums en bassen gaan nog steeds subwooferdiep en zijn composities zitten propvol details. „Twingeltjes” noemt hij dat. „Leuk om te horen en leuk om te maken. Het gaat bij mij niet om vocalen. Alles in de muziek praat, en alles is een conversatie. Als er één verkeerd ‘woord’ wordt gezegd, blijf ik dat horen en er net zolang aan tweaken tot het klopt. Alle details moeten samen iets vertellen; anders zijn het alleen maar allemaal extra geluidjes. Ik wil dat je wordt ondergedompeld.”

Delic leerde het zich allemaal zelf: muziek maken, schrijven, schilderen. „Ik dacht vroeger dat schilderen iets was wat je heel vrijuit kunt doen”, zegt hij. „Maar wanneer je wilt bereiken wat ik wil bereiken, kun je er niet zomaar op los kliederen. Ik heb iets in mijn hoofd, een beeld, een sfeer, en ik werk er net zo lang aan totdat het plaatje dat in mijn hoofd zit op het doek staat.”

Creatieve inspiratie begint bij hem vaak bij het gevoel dat hij iets mist, zegt Delic. „Ik had bijvoorbeeld de muziek die ik wilde horen niet in mijn kast staan. Ik hou van ontspannen beats met veel muzikale elementen, een beetje zoals triphop en lounge, maar daarbij mis ik zelf vaak de verrassing en afwisseling. Dus ben ik die muziek zelf maar gaan maken.”

Hij wijst naar een van zijn schilderijen - een blauw stadstafereel in de mist van een oosters restaurant met een rolluik en verweerde winkelkappen, met voor de pui pontificaal een bol stripachtig, geel-blauw gestreept knuffelolifantje. „Ik schaaf net zolang totdat het plaatje klopt. Ik wil hier naartoe. Ik zou in dit schilderij willen rondlopen.”

    • Saul van Stapele