De couveuse van Zuid-Afrika’s fototalent

Prins Claus Prijs Het Zuid-Afrikaanse opleidingsinstituut Market Photo Workshop is de winnaar van de Grote Prins Claus Prijs 2018. Het instituut wilde het ambacht fotografie voor alle rassen beschikbaar maken, en is inmiddels uitgegroeid tot een cultureel platform van internationale betekenis.

Bespreking van foto’s van leerlingen in The Market Photo Workshop. Foto Puleng Nguxe

‘Kijk eens goed naar deze foto. Wat zien jullie?” Lerares Michelle Harris-Johnston kijkt de klas rond. Negen paar ogen proberen te ontsnappen aan haar blik. Gekras in een kladblok. Op het bord is de geprojecteerde foto zichtbaar van een mijnwerker die zijn kleren opvouwt in een groezelige kamer met een kast. Een streep licht valt op zijn handen. Achterin de klas steekt Nluleleko Nzwanazwa zijn hand op. „Die gast heeft geen identiteit.” De lerares glimlacht. „Inderdaad. Door zijn gezicht niet te laten zien, wordt hij het gezicht van velen.”

Bij The Market Photo Workshop, in het hart van het centrum van Johannesburg, leren jonge Zuid-Afrikanen kijken. Kijken naar het werk van andere Zuid-Afrikaanse fotografen, zoals Themba Hadebe, die de foto in 1997 maakte, als aanklacht tegen de slechte werkomstandigheden van mijnwerkers ná de val van apartheid. Hadebe leerde het vak van fotograaf in deze fotovakschool, zoals naar schatting 5.000 andere Zuid-Afrikanen in de afgelopen 30 jaar. Sommigen werden wereldberoemd.

Directeur Lekgetho Makola (links vooraan) en het docententeam van The Market Photo Workshop. Siphosihle Mkhwanazi

Idee van David Goldblatt

The Market Photo Workshop is de couveuse van Zuid-Afrika’s fototalent. De workshop was het idee van fotograaf David Goldblatt, de visuele chroniqueur van Zuid-Afrika, die meer dan een halve eeuw zijn thuisland fotografeerde en bekritiseerde. In 1989 begon hij een fotostudio om zwarte fotografen een veilige ruimte te geven waar ze het vak konden leren en hun levens in de townships zelf konden vastleggen. De studio stond pal tegenover het Market Theatre in de wijk Newtown, een bolwerk van anti-apartheidsstrijd en een expositieruimte voor Goldblatts werk. Goldblatt overleed afgelopen juni, 88 jaar oud. Hij fotografeerde tot op zijn laatste dag.

Camera ‘geen neutraal instrument’

„David kwam hier nog vaak. Hij was genereus met zijn tijd”, zegt Lekgetho Makola, hoofd van de Market Photo Workshop. Goldblatt belichaamde de essentie van de workshop: leren, doorgeven, nalaten. Rebreathing, noemen ze dat hier. De klas als inspiratiebron voor studenten en hun leraren en vice versa.

„Hier krijgen de ervaringen van mensen aan de randen van de maatschappij een waarde”, zegt medewerker Khona Dlamini. Prostituees die hun eigen leven fotograferen. Migranten die hun leven in de stad van aankomst Johannesburg vastleggen, zoals de Zimbabweaan Believe Nyakudjara, nu fotograaf bij een krant in zijn thuisland. Het werk van Zanele Muholi over het geweld tegen lesbische vrouwen en transgenders reist nu de hele wereld over. Ze won de Prins Claus Prijs in 2013.

We zijn terug in de klas van Michelle Harris-Johnston. Op het bord staat nu een foto van Carla Liesching, een witte fotograaf die haar hele leven al strijdt tegen het idee van de camera „als neutraal instrument”. „De aard van de camera hangt maar net af van de macht voor wie ze werkt”, legde Liesching haar werk uit. Dat idee wordt in de klas besproken. „De camera was een instrument om Zuid-Afrikanen te classificeren als zwart, wit of alles daar tussenin”, legt de lerares uit. „We zien het, dus het is waar. Maar onthoud goed, een beeld is slechts een illusie. De fotograaf kan framen wat hij wil.”

Geld naar opbouw archief

Iedereen in de klas heeft zijn eigen reden om mee te doen aan de workshop. „Ik maakte graag selfies” zegt de jonge Madisa Mamkanku. „Maar nu wil ik echt fotograaf worden. Het betaalt weinig? Er is meer in het leven dan geld.” „Ik wil mijn leven zelf vastleggen”, zegt Thobeka Nzwana. Hij komt uit de Eastrand, het oosten van Johannesburg dat begin jaren negentig de frontlinie was in de strijd tegen apartheid.

„We brengen hier mensen in een klas bijeen die anders nooit met elkaar in gesprek waren gegaan”, zegt Harris-Johnston, die sinds 2009 hier les geeft. „Omdat we allemaal in een klas zitten, ga je er vanuit dat al onze ervaringen hetzelfde zijn. Hier kwam ik er pas achter hoe verschillend onze levens als Zuid-Afrikanen zijn en ook hoe verschillend we beelden tot ons nemen.”

De muffe studio die Goldblatt ooit begon, is inmiddels uitgegroeid tot een grote school met computerzalen en donkere kamers, samengebracht in een glazen gebouw aan het Market Square. In hetzelfde gebouw leidt het Market Theatre ook jonge theatermakers op. Dus wat ze met die 100.000 euro van het Prins Claus Fonds gaan doen? „Een goed archief voor de duizenden en duizenden foto’s die hier we de afgelopen jaren hebben verzameld”, zegt directeur Makola. „We moeten ons materiaal goed organiseren. Het is de hoogste tijd.”

    • Bram Vermeulen