Spanje levert geen precisiebommen meer aan Saoedi-Arabië

Aanvallen in Jemen Om te voorkomen dat Soedi-Arabië Spaanse lasergeleide bommen gebruikt voor aanvallen op Jemen is een contract voor levering ervan ontbonden.

Inwoners van Jemen graven graven voor kinderen die omkwamen toen de bus waarin zij zaten werd getroffen door een luchtaanval, die werd geleid door Saoedi-Arabië. Foto AFP

Spanje zet de verkoop van vierhonderd precisielaserbommen aan Saoedi-Arabië stop om te voorkomen dat deze wapens gebruikt worden voor aanvallen op Jemen. De Spaanse regering van premier Pedro Sánchez zal daartoe een contract uit 2015 ontbinden en een eerder overgemaakt voorschot van 9,2 miljoen euro terugbetalen. De wapens liggen opgeslagen in een legerbasis in de regio Aragón.

De wapenverkoop aan Saoedi-Arabië kwam Spanje en andere landen op internationale kritiek te staan. Het Zuid-Europese land wordt door Amnesty International als één van de grootste leveranciers bestempeld. De verkoop druist in tegen resolutie 2216 van de Verenigde Naties, waarin staat dat er geen wapens aan het Arabische land verkocht mogen worden als deze gebruikt zullen worden tegen de bevolking van Jemen.

De oorlog in Jemen, die al aan duizenden mensen het leven heeft gekost, lijkt in een impasse te verkeren.

Een door Saoedi-Arabië geleide coalitie deed dat echter bewijsbaar wel. Zo werden afgelopen maand in het noorden van Jemen 51 mensen gedood bij een luchtaanval. Onder hen waren 29 kinderen in een bus, die een uitje zouden maken. Ruim zeventig mensen raakten gewond, ook merendeels kinderen. Een lokaal televisiestation toonde schokkende beelden van gewonde kinderen met bebloede kleren en schooltassen op brancards.

Lees ook: Grote verzekeraars investeren in wapenleveranciers Saoedi-Arabië

De Houthi-rebellen, die sinds 2014 een belangrijk deel van Jemen controleren inclusief de hoofdstad Sana’a, beschuldigden de door Saoedi-Arabië geleide coalitie van een „duidelijke onverschilligheid voor het leven van burgers”. Saoedi-Arabië sprak aanvankelijk van „een legitieme militaire operatie” tegen rebellen die daags tevoren een raket hadden afgevuurd op de zuidwestelijke Saoedische stad Jizan. Maar afgelopen weekeinde concludeerde een onderzoekscommissie van de coalitie dat de aanval militair gezien niet gerechtvaardigd was. Het onderzoeksorgaan stelde dat de verantwoordelijken berecht moeten worden en dat zij de slachtoffers moeten compenseren.

Een woordvoerder van VN-secretaris-generaal Antonio Guterres veroordeelde de aanval van de coalitie echter en riep de strijdende partijen op burgers te sparen. Ook veel hulporganisaties reageerden woedend op de luchtaanval.

De oorlog in Jemen, die al aan duizenden mensen het leven heeft gekost, lijkt in een impasse te verkeren. In totaal hebben volgens de VN 22 miljoen Jemenieten (op een bevolking van 29 miljoen) hulp nodig. Het is op dit moment de ernstigste humanitaire crisis ter wereld.

Correctie (4 september 2018): Eerder stond alleen vermeld dat de door Saudi-Arabië geleide coalitie sprak van een “legitieme militaire operatie”. Dat is nu aangevuld met de informatie dat een onderzoekcommissie van de coalitie afgelopen weekend concludeerde dat de aanval militair gezien niet gerechtvaardigd was.

    • Koen Greven