‘Hitler voerde alles uit wat in Mein Kampf stond, op één punt na’

Willem Melching Mein Kampf (1925) is in Nederland nog altijd verboden. Toch is nu een Nederlandse versie verschenen, van commentaar voorzien door historicus Willem Melching. „Ik ging er op een zeker moment van dromen.”

Foto Remko de Waal/ANP

Ruim een jaar heeft de historicus Willem Melching (1954) gewerkt aan zijn commentaren op de nieuwe vertaling van Mein Kampf. In Nederland is de autobiografie en politieke geloofsbelijdenis van Adolf Hitler uit 1925 nog altijd officieel verboden. Al is die nu gewoon te koop in de boekhandel en op internet.

Toch verwacht Melching, die eerder onder meer een biografie van Hitler schreef en de Nederlandse editie van de dagboeken van Joseph Goebbels bezorgde, geen rechtszaken over Mijn strijd. „Ondanks het verbod van Mein Kampf sprak de Amsterdamse rechtbank vier jaar geleden een antiquair vrij tegen wie een rechtszaak was aangespannen wegens de verkoop van Hitlers boek”, legt Melching, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, uit in zijn werkkamer.

„En de Duitse wetenschappelijke editie van Mein Kampf, die twee jaar geleden uitkwam toen het boek zeventig jaar na Hitlers dood rechtenvrij was geworden, is ook gewoon te koop in de Nederlandse boekhandel. Allerlei veel gruwelijkere antisemitische boeken, zoals Handbuch der Judenfrage zijn niet verboden. Ik geloof trouwens niet dat er ook maar iemand antisemitisch is geworden door het lezen van Mein Kampf. Degenen die Hitlers boek gingen lezen, waren dat al. Als je wilt begrijpen wat er in Duitsland onder het nationaal-socialisme is gebeurd, moet je Mein Kampf lezen. Ik vind dan ook dat, met uitzondering van kinderporno en dergelijke, geen enkel boek verboden zou moeten zijn.”

De Duitsers hadden zo’n 3.700 noten nodig om het gevaar van het verboden boek te bezweren. U volstaat met niet al te lange inleidingen op elk hoofdstuk, annotaties en korte omschrijvingen in de kantlijn. Waarom hebt u de Duitse uitgave niet min of meer gevolgd?

„De kritische Edition van het Institut für Zeitgeschichte is bedoeld voor zowel Hitler-specialisten als middelbare scholieren. De tekst van Mein Kampf is daarom bedolven onder noten die vaak langer zijn dan de tekst zelf. Maar heel veel noten zijn overbodig omdat ze óf gaan over dingen die iedereen al weet óf zo esoterisch zijn dat weinig mensen er interesse voor zullen hebben. Ik besloot daarom al gauw om het heel anders aan te pakken en me te beperken tot inleidingen die de hoofdstukken steeds in een context plaatsen. Ik heb ook geprobeerd om de lezer een soort spoorboekje te geven die hem door de tekst leidt. Want Hitler was hopeloos in het indelen van een tekst.”

Ewoud Kieft, die ‘Het verboden boek’ schreef over Mein Kampf, bekende dat hij om bepaalde passages moest grinniken. Had u dat ook?

„Nee, ik heb bij het lezen van Mein Kampf zelden gedacht: goh, wat zegt Hitler dit nu leuk. Soms geeft hij wel goede politieke analyses, bijvoorbeeld van de wijze waarop een politieke partij zich op de kaart kan zetten door één vijand – en niet verschillende – te kiezen en een simpele boodschap steeds maar te herhalen. Toch is Mein Kampf heel absorberend. Als je de tekst alinea voor alinea leest, is die fascinerend, hypnotiserend bijna. Ik ging er op een gegeven moment zelfs van dromen, dan schoten er ’s nachts flarden tekst door mijn hoofd. Dat komt ook door de vertaling van Mario Molegraaf – die ging er trouwens ook over dromen. De oude NSB-vertaling uit 1939 van Steven Barends, met de titel Mijn kamp, is heel plechtstatig. Molegraaf heeft er een levendige propagandatekst van gemaakt.”

Lange tijd stond Mein Kampf bekend als het geraaskal van een idioot. Die reputatie is nu aan het veranderen.

„Heel lang werd Hitler algemeen beschouwd als een politicus zonder ideologie die maar wat riep. Marxisten vonden dit natuurlijk omdat er voor hen maar één echte ideologie bestond: het marxisme. En de Duitse bevolking had er na de oorlog belang bij om Hitler weg te zetten als een kakelende gek. Want in dat geval waren ze misleid door een krankzinnige misdadiger en hoefden ze er verder niet over na te denken. Maar voor Hitler was het boek bittere ernst, hij legde er zijn ziel en zaligheid in. Sinds een jaar of twintig beschouwen steeds meer historici Mein Kampf als een echte Weltanschauung. En als je het zo leest, dan moet je vaststellen dat er systeem zit in het boek.”

U schrijft in uw inleiding op Mein Kampf dat er „niets exotisch” was aan Hitlers gedachtengoed.

„Op een enkele uitzondering na waren Hitlers opvattingen niet origineel. Mein Kampf is een vergaarbak van populair-wetenschappelijke verhalen en weetjes uit die tijd. Soms waren die toen eigenlijk al achterhaald, zoals het idee dat Duitsland overbevolkt was, weldra zijn bewoners niet meer kon voeden en daarom meer Lebensraum nodig had. De productiviteit ging in de landbouw tenslotte met sprongen vooruit in de eerste helft van de 20ste eeuw. Maar toch bleef overbevolking voor veel politici een obsessie. Onze premier Drees dacht zelfs na de oorlog nog dat Nederland met negen miljoen inwoners overbevolkt was en bevorderde de emigratie naar Canada en Australië. Ook het sociaal-darwinisme van Hitler en zijn opvatting dat het menselijk bestaan een strijd is, waren algemeen aanvaard. Dat geldt ook voor eugenetica. Zweden is tot 1975 zelfs doorgegaan met het steriliseren van zwakzinnigen en asocialen. Het boeiende van Mein Kampf is nu dat Hitler op een tamelijk systematische wijze samenbrengt wat heel veel mensen dachten.”

Wat was een van de originele gedachten van Hitler?

„Met zijn opvatting dat politieke ideologie een religie moet zijn was Hitler zijn tijd vooruit. Sinds een jaar of twintig is het gebruikelijk om communisme en nazisme als een geloof te beschouwen – Karel van het Reve schreef al in 1969 Het geloof der kameraden over het marxisme. Hitler hamerde er een eeuw geleden op dat een politieke ideologie een geloof moest zijn waaraan de aanhangers zich onvoorwaardelijk overgaven. Hij vond een politieke religie uit, compleet met een verlosser, een heilig, onveranderlijk boek, een heilige stad, feestdagen, herdenkingen, rituelen en massabijeenkomsten.”

Anders dan gebruikelijk beschouwde Hitler het jodendom niet als religie. Ook waren Joden volgens hem geen volk, maar een ras.

„Dat was een heel slimme zet. Door Joden als inferieur ras te beschouwen maakte Hitler het mogelijk om ze niet als volwaardige Duitse staatsburgers te zien maar als minderwaardige ‘onderdanen’ die een gevaar vormden voor de cultuurscheppende ariërs. Door Joden als ras te bestempelen, sneed Hitler ook de weg af voor Joden om zich te ontdoen van het jodendom door zich tot het christendom te bekeren.”

Een wonderlijk aspect van Mein Kampf is dat er tamelijk precies in staat wat Hitler is gaan doen toen hij eenmaal de macht had, zoals Lebensraum veroveren in de Sovjet-Unie en de ‘verwijdering’ van de Joden uit de samenleving.

„Hitler was beslist een man met een plan. En dat was gebaseerd op een analyse van de geschiedenis met rassenstrijd als motor. Niet alleen voor de Lebensraum en de Judenfrage had hij plannen, maar ook voor het onderwijs, jeugdorganisaties, vrijetijdsbesteding enzovoorts. Mein Kampf is een blauwdruk voor Hitlers nieuwe Duitsland. Hij beloofde er heel veel in, en het bizarre is dat hij veel beloftes nakwam, nadat hij in 1933 de macht had gegrepen. Zo schrijft hij ergens: als we eenmaal de macht hebben, dan hebben we ongeveer zes jaar nodig om een oorlog te beginnen. Zijn eerste vergadering na de machtsovername op 30 januari hield hij met de legertop. ‘Heren, aan de slag’, zei hij, ‘tussen 1941 en 1943 beginnen we een oorlog met de Sovjet-Unie.’ Maar eerst moeten we Frankrijk oprollen en daar zal Engeland zo van schrikken dat het een verdrag met ons sluit.”

Op één punt hield Hitler zich niet aan wat hij in Mein Kampf schreef, beweert u in uw inleiding. Tegen zijn eigen overtuiging in viel Duitsland in 1941 de Sovjet-Unie binnen zonder verdrag met Groot-Brittannië.

„Ik denk dat Hitler zich zo door zijn eigen ideologie heeft laten meeslepen dat hij ging denken dat het ook wel zonder verdrag zou lukken. Hij beschouwde de Russen als een stelletje gedegenereerde dronkelappen die nauwelijks tot tegenstand in staat waren. Maar het Rode Leger en de Sovjet-Unie bleken toch een maatje te groot voor Duitsland. In mijn optiek besefte Hitler al in augustus 1941 dat de oorlog in de Sovjet-Unie wel eens verkeerd kon aflopen. En toen rijpte bij hem in korte tijd het idee dat de Joden moesten worden omgebracht en vroeg hij Heydrich, Himmler en andere nazikopstukken om hiervoor met plannen te komen.”

Want juist voor de Holocaust staat in Mein Kampf geen blauwdruk.

„Klopt. Wel kondigt Hitler in Mein Kampf al aan dat hij de Joden in Duitsland eerst hun staatsburgerschap zal ontnemen, ze vervolgens isoleert en ten slotte ‘verwijdert’. Hoe dat laatste precies zou gaan, moest nog nader worden bepaald. Daarvoor zijn in de loop van de twaalf jaar van het Duizendjarige Rijk verschillende plannen bedacht. Toen Duitsland de Sovjet-Unie binnenviel, kwam het idee om de Joden naar Siberië af te voeren waar ze zich zouden doodwerken. Maar de inval liep vast, Siberië werd niet bereikt. Toen Hitler besefte dat hij de oorlog wel eens zou kunnen verliezen, begon hij het als zijn ideologische plicht te zien om de Joden te vernietigen, als een nalatenschap aan de wereld. Al op 12 december 1941 zei hij tegen de alte Kämpfer, zijn strijdmakkers in de NSDAP van het eerste uur: ‘We gaan schoon schip maken.’ In het bezette Polen bouwden de Duitsers op dat moment de eerste vernietigingskampen.”

    • Bernard Hulsman