Euthanasie twee keer ‘onzorgvuldig’

Levenseindekliniek De Levenseindekliniek handelde ‘onzorgvuldig’ bij psychiatrische patiënten. Is de kliniek wel geschikt voor deze euthanasieverzoeken?

Exterieur van De Levenseindekliniek. De kliniek kan de toeloop haast niet meer aan. Het aantal patienten dat zich met een euthanasieverzoek bij de Levenseindekliniek meldt, neemt enorm toe. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Psychiaters van de Levenseindekliniek hebben dit jaar twee keer ‘onzorgvuldig’ gehandeld bij de euthanasie van een psychiatrische patiënt. Dat blijkt uit oordelen van de regionale toetsingscommissies euthanasie die deze dinsdag zijn gepubliceerd. De toetsingscommissie was beide keren niet overtuigd dat de patiënt „uitzichtloos en ondraaglijk” leed. In één geval dachten artsen dat een patiënt met een psychische ziekte nog behandeld had kunnen worden. Het komt weinig voor dat toetsingscommissies een euthanasie onzorgvuldig achten. In 2017 twaalf keer op ruim 6.500 euthanasiegevallen.

De Levenseindekliniek, rondreizende teams artsen en verpleegkundigen die verzoeken beoordelen van mensen die niet bij hun arts terecht kunnen, is geschrokken. De kliniek gaat haar werkwijze aanpassen en bouwt meer „reflectiemomenten” in voordat tot euthanasie wordt besloten, zegt bestuurder Steven Pleiter.

Voor het verlenen van euthanasie moet een arts ervan overtuigd zijn dat een patiënt „ondraaglijk” en „uitzichtloos” lijdt. Ook is een tweede oordeel nodig van een onafhankelijk arts (SCEN-arts). Bij psychiatrische patiënten wordt bovendien „grote behoedzaamheid” gevraagd. Het wordt aangeraden ook een onafhankelijke psychiater te raadplegen.

Summier rapport

Dat deden de artsen van de Levenseindekliniek in beide gevallen. In één casus kwam de onafhankelijk psychiater echter met een „summier” rapport. Bovendien adviseerde de SCEN-arts negatief. Toch ging de arts van de Levenseindekliniek over tot euthanasie. De arts wilde de patiënt niet blootstellen aan nog een onderzoek en niet de indruk wekken te „shoppen” tot een positieve tweede beoordeling werd gevonden.

In het andere geval adviseerde de geraadpleegde psychiater dat behandeling nog mogelijk was. De huisarts van de patiënt zag dat ook zo. Toch besloot de Levenseindekliniek-arts tot euthanasie. De patiënt wilde zelf geen behandeling meer. Volgens de toetsingscommissies ging de arts te snel mee in die weigering en hadden de behandelopties serieuzer overwogen moeten worden.

Pleiter is ervan overtuigd dat de patiënten „ondraaglijk en uitzichtloos” leden, maar erkent dat te snel is gehandeld. De kliniek heeft een team opgezet van onder meer artsen, een eigen onafhankelijke psychiater, een deskundige op het gebied van ethische en zingevingsvraagstukken en een jurist die voortaan meekijken bij zeer complexe zaken. Pas als zij positief oordelen én aan alle overige zorgvuldigheidseisen is voldaan, kan de euthanasie plaatsvinden.

Euthanasie bij psychiatrische patiënten ligt gevoelig. De aard van de ziekte leidt ertoe dat vaak heel moeilijk te beoordelen is of patiënten nog beter kunnen worden, terwijl „uitzichtloos lijden” een voorwaarde is voor euthanasie.

Lees ook: Ze besefte niet dat ze euthanasie kreeg

Wel de juiste plek?

De twee oordelen roepen, niet voor het eerst, de vraag op of de Levenseindekliniek wel de juiste plek is om euthanasieverzoeken van psychiatrische patiënten te beoordelen. Vorig jaar bleek uit een brief die een commissie van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) naar de Tweede Kamer stuurde dat binnen de beroepsgroep daar felle kritiek op is. In de brief schreef psychiater en commissievoorzitter Cecile Gijsbers van Wijk dat het „vanuit moreel oogpunt niet gepast” is als patiënten „onvoldoende gehoor vinden” bij hun behandelend arts als ze euthanasie willen. Pleiter zei het destijds „verwerpelijk” te vinden dat psychiaters een euthanasiewens soms niet zelf met hun patiënten bespreken.

De Levenseindekliniek verleende sinds begin 2017 euthanasie aan 89 psychiatrische patiënten. Dat is ongeveer 10 procent van het aantal aanvragen van patiënten met deze achtergrond. In 85 gevallen oordeelde de toetsingscommissies dat het ‘zorgvuldig’ was gedaan, twee zaken werden nog niet beoordeeld.

Praten over zelfdoding kan bij de landelijke hulplijn 113 Zelfmoordpreventie. Telefoon 0900-0113 of www.113.nl.
    • Enzo van Steenbergen