Opinie

    • Marc Hijink

Een robot kan niet vloeken

Of ik het een beetje rustig aan kon doen. Dat vroeg de buurvrouw nadat ik mijn auto met een sierlijke zwaai had geparkeerd, in het hofje achter ons huis. Er spelen kinderen in dat hofje. En trouwens, ook andere moeders in de buurt vonden mijn definitie van stapvoets nogal ruim, voegde ze er aan toe.

Ai. Groepsdruk. Maar ik dacht echt dat ik met een slakkengangetje reed. Beteuterd beloofde ik beterschap: beter een goede buur dan twee tellen eerder thuis.

Zo’n overtreding zou een zelfrijdende auto nooit maken. Die rijdt zoals het heurt: hoffelijk door het hofje – maximumsnelheid 5 kilometer per uur – en blijft geduldig wachten tot de route honderd procent kindvrij is. Het is helaas nog te vroeg om in de wijk de computer te laten rijden, al buitelen techbedrijven over elkaar heen met rooskleurige voorspellingen.

Waymo, zusterbedrijf van Google, is het verst: acht miljoen testkilometers werden gemaakt om zelfrijdende auto’s te trainen op de openbare weg. Genoeg om dit jaar een commerciële robottaxidienst te beginnen, vindt Waymo.

Techsite The Information meldde vorige week echter serieuze problemen bij het testen van auto’s zonder chauffeur in Phoenix. Zelfs op die overzichtelijke wegen in Arizona gaat het bij Waymo regelmatig mis of bijna mis.

De robottaxi schrikt als weggebruikers zich niet aan de regels houden: te snel rijden, niet volledig stilstaan bij een stopteken, keren op de weg waar het niet mag, geen richting aangeven, appen in een zwabberende auto…. Uit voorzorg remmen de Waymo auto’s sneller en vaker dan een menselijke bestuurder zou doen. Dat komt zo onverwacht dat andere verkeersdeelnemers weer achterop de robottaxi botsen, meldt The Information.

Bij slordig rijgedrag van anderen (altijd die anderen) halen automobilisten hun schouders op, al dan niet met verwensing, en rijden door. Maar een robottaxi kan niet binnensmonds vloeken – laat staan hardop, als een echte taxichauffeur. Of besluiten dat het nu wel lang genoeg geduurd heeft en het tijd is om voorrang te nemen – bekijk het maar.

Een robottaxi neemt alle tijd op kruisingen met tegemoetkomend verkeer of bij het invoegen op de snelweg. Wij dringen voor, snijden af, pakken een stoepje of de berm als de weg versperd is. Dat is de mismatch tussen mens en machine. Een machine volgt de regels, een mens past ze aan.

Waymo zal bij robottaxiritten een menselijke ‘chaperon’ meesturen, een soort rijleraar die kan ingrijpen. Dat is minder autonoom dan beloofd en geen garantie voor succes. Bij Uber veroorzaakte zo’n begeleider van een zelfrijdende auto in maart een dodelijk ongeluk. Ze zat achter het stuur tv te kijken toen haar taxi een voetganger schepte.

Het zou duizenden verkeersdoden schelen als niet langer mensen maar computers rijden. Maar de overgang van auto naar autonoom is levensgevaarlijk. Ik betwijfel of algoritmes ooit de complexe werkelijkheid van de stad of de vinexjungle doorgronden, met alle zwalkende fietsers en spelende kinderen. Die zullen er voorlopig op moeten vertrouwen dat hun buurman zich keurig aan de regels houdt.

is techredacteur
    • Marc Hijink