Roger Federer en de twee seconden van pure magie

US Open Roger Federer sloeg zaterdag op 37-jarige leeftijd een wonderlijke bal langs de netpaal. Verslag van een punt voor de eeuwigheid.

Het bewuste punt waar Roger Federer de bal om de netpaal heen slaat, in de derde ronde van de US Open. Foto TIMOTHY A. CLARY/AFP

Zijn slagen zijn soms krankzinniger dan de fantasie van mensen kan bevatten. Hij vindt oplossingen die niemand zoekt. Hij ziet kansen waar een ander problemen ziet opdoemen. 37 werd Roger Federer vorige maand. Diep in de herfst van zijn carrière verbluft hij de tenniswereld nog met wonderlijke ballen. Zoals zaterdag in New York. De ‘netpaal special’. Een bal voor de eeuwigheid.

15.50 uur lokale tijd. De wedstrijd tussen Federer en Nick Kyrgios in de derde ronde van de US Open is bijna anderhalf uur bezig. Het is de partij van de dag. Het Arthur Ashe-stadion, met een capaciteit van 23.771 plaatsen het grootste tennisstadion ter wereld, zit vol. Het niveau is, na een aardig begin, teruggevallen, door de wisselvalligheid van Kyrgios.

Maar dan, dat ene punt. Een punt van in totaal vijf seconden.

Het staat 6-4, 6-1, 3-3 in het voordeel van Federer. Kyrgios heeft gamepoint. Hij slaat een eerste service van 199 kilometer per uur naar de forehand van Federer. Die blokt de bal zonder veel vaart terug, net over het net naar de forehandzijde van Kyrgios.

Federer lokt de Australiër zo naar voren. Kyrgios anticipeert snel en komt met een ingenieuze oplossing: hij speelt een gevoelig dropshot diagonaal, kort over het net. De bal stuitert vlak voor de zijlijn en drijft door de enorme spreiding de baan uit.

Het punt lijkt gespeeld.

Het komt nu aan op het voetenwerk en de explosiviteit van Federer. Hij staat kort achter de baseline als Kyrgios het dropshot slaat. Federer maakt nog even een hupje naar links, in principe de verkeerde kant, want de bal komt aan zijn forehandzijde. Door zijn bewegelijkheid kan hij dat herstellen. Het is swingen op de baseline. De knieën licht gebogen, de voeten die zacht over het hardcourt schuiven, de katachtige pasjes.

Sprint van vijf volle passen

Federer vertrekt op het moment dat Kyrgios de bal slaat, hij moet schuin rechts naar voren rennen. Hij zet af met zijn rechtervoet en sprint vijf volle passen. De hand-oog-coördinatie is cruciaal in deze fase, zijn blik is constant op de bal gericht. De bal daalt snel. Federer gooit zijn lichaam naar voren, als een sprinter in het zicht van de finish.

Een fractie voor het raakpunt hangt de bal lager dan een voethoogte in de lucht en bevindt zich ongeveer een meter náást de tramrails – het speelvak dat voor de dubbel wordt gebruikt. Federer strekt zijn rechterarm naar beneden en raakt de bal met het uiterste bovenste gedeelte van zijn racketblad. Het is alsof hij de bal van de grond af schept.

Zijn lichamelijke balans op het moment van raken is magistraal, bijna in spiegelbeeld: Federer staat stevig op zijn linkervoet, terwijl zijn rechterbeen strak gebogen in de lucht hangt, de rechterarm is naar voren gericht, en zijn linkerarm houdt hij achter zich.

Hij maakt met zijn pols nog een licht zwiepende beweging waardoor de bal precies de juiste curve meekrijgt en zo om de netpaal heen vliegt. Andere opties zijn er niet. Het is reglementair toegestaan. Kyrgios is kansloos – de bal gaat laag langs hem heen. Federer wint de partij even later in drie sets.

Het zijn twee seconden van pure magie: dat is de tijd vanaf het moment dat Kyrgios het dropshot slaat, tot Federer het punt binnenhaalt. Kyrgios kijkt verbijsterd, gebaart naar Federer om zijn waardering te laten blijken. In een aantal vakken zie je dat de toeschouwers die zich verwonderen in de minderheid zijn. Ofwel: veel lijken zich niet te realiseren wat er zojuist voor hun ogen is gebeurd. Een enkeling kijkt de verkeerde kant op.

Viral op social media

Op social media gaat het fragment viral. Beste punt van het toernooi en misschien van het jaar, klinkt het. „Zijn voetenwerk en timing zijn bizar, en hij controleert hem goed in de volle sprint”, zegt de Nederlandse tennisser Thiemo de Bakker. „De bal zelf is niet ziekelijk moeilijk, het enige is dat je er op tijd moet zijn. Ik denk dat de bal van Kyrgios misschien nog wel lastiger is.”

Bekijk hier de beelden van het punt (tekst loopt door onder de video):

Wat mogelijk in het voordeel van Federer was: het punt ervoor moest hij eveneens diep door zijn knieën om aan zijn forehandkant een korte bal te halen. Die ging nog uit. Je kan het – met terugwerkende kracht – als een soort generale repetitie zien voor het punt dat zou volgen. En: als het punt aan de andere kant was gespeeld, had de scheidsrechtersstoel wellicht in de weg gestaan.

Het is „een van de meest unieke” ballen die hij gespeeld heeft, vertelt Federer in de persconferentie. „Je krijgt niet vaak de kans om de bal langs de netpaal te slaan.” Op trainingsbanen kan je dit niet echt oefenen, zegt hij, omdat het net daar bijna altijd breder is (voor het dubbelspel) en de ruimte rond de baan smaller. Eigenlijk kan je dit soort ballen alleen op grote banen slaan, doordat de netpalen daar in de tramrails staan en er aan de zijkant dus meer ruimte is, vertelt hij.

De netpaal is voor Federer een object dat hij betrekt in zijn spel. Zeker zestien keer eerder sloeg hij ballen langs de netpaal in wedstrijden, blijkt uit een compilatie op YouTube. Maar niet eerder zo spectaculair als deze. Het voordeel: de hoogte van het net vormt geen obstructie meer, wanneer je in de juiste positie komt. Federer: „Je realiseert je [tijdens de rally] dat je een optie hebt die je normaal nooit hebt. Als je hem slaat, denk je: oh, ik kan hem langs de lijn plaatsen én vlak.”

Federer memoreert drie andere slagen die hij naast de bal van zaterdag als de beste in zijn carrière ziet. Een bizarre smash van achter de baseline in 2002 tegen Andy Roddick in Basel. Een backhandlob vanuit ogenschijnlijk hopeloze positie in 2005 in Dubai tegen Andre Agassi. „Tot de dag van vandaag weet ik nog steeds niet hoe ik dat gedaan heb.” En een tweener – toverbal door de benen – tegen Novak Djokovic op de US Open in 2009.

Danser op de baan

Er wordt vaak gezegd dat Federer als een danser over de baan gaat – zo elegant speelt hij. Jan Kooijman, acteur, danser, groot tennisliefhebber en zelf hobbytennisser, kan zich daar in vinden. „Een goede danser laat iets eruit zien alsof het geen enkele moeite kost, daarom kijk je graag naar een goede danser. Als je iemand ziet die heel erg aan het zwoegen is, dan is de kunst ervan af. Dat is wat Federer uniek maakt in zijn bewegen op de baan. Het ziet er zo makkelijk uit, heel gracieus.”

Dat is wat het moment van zaterdag markeert. Kooijman: „Het gemak waarmee hij die bal haalt. Je ziet hem gaan, en je denkt, die gaat hij gewoon halen.”

Roger Federer – hij die het makkelijk doet lijken, wat in werkelijkheid uiterst complex is.

Bekijk hier beelden van de smash van achter de baseline in 2002 tegen Andy Roddick in Basel:

Bekijk hier beelden van de backhandlob in 2005 in Dubai tegen Andre Agassi:

Bekijk hier beelden van de ‘tweener’ tegen Novak Djokovic in 2009 op de US Open:

    • Steven Verseput