1.200 dode varkens door een storing in de boerloze stal

Veehouderij In een varkensstal in het Brabantse Haaren gaat alles automatisch. Maar als het systeem hapert, kan het heel erg misgaan.

De geautomatiseerde varkensstal in Haaren, tussen Tilburg en Vught. Foto Merlin Daleman

Honderden karkassen van varkens liggen opgestapeld tegen een stal in het Brabantse Haaren. Het is te zien op een foto die midden juli is gemaakt door buurtbewoners. Naar schatting twaalfhonderd varkens zouden in de Haarense stal zijn gestikt, nadat het ventilatiesysteem was uitgevallen.

De kwestie komt niet meteen naar buiten. De Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) en de gemeente Haaren zeggen niet onmiddellijk op de hoogte te zijn gesteld van het incident. Volgens een woordvoerder van de NVWA is er alleen een meldplicht bij besmettelijke dierziekten, maar moeten dode dieren wel geregistreerd worden. Hij zegt dat wordt uitgezocht of dat is gebeurd. Volgens de gemeente Haaren is er een meldplicht bij „ongewone gevallen”. De gemeente zegt te bezien of er consequenties volgen wegens het niet melden van dit geval.

Ook al wordt de dood van de varkens niet gemeld, de zaak komt toch naar buiten. Buurtbewoners bellen onder meer het Brabants Dagblad, en zo raken gemeente en NVWA op de hoogte. De NVWA zegt onderzoek te doen. De Partij voor de Dieren stelde 32 Kamervragen over de kwestie.

Hinder door varkensstallen heeft de aandacht van het kabinet. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit maakte begin juli bekend om 200 miljoen euro uit te trekken om de leefomgeving in veedichte gebieden te verbeteren. Dat moet onder meer gebeuren door varkensboeren die willen stoppen te ondersteunen. Daardoor zou de geuroverlast verminderen en het aantal varkens afnemen.

Wat er in Haaren precies is gebeurd is nog onduidelijk. De stal ligt in het buitengebied van Haaren en heeft een vergunning voor ruim 2.900 varkens. Het is geen klassiek boerenbedrijf: de eigenaar heeft de stal verhuurd aan Van Sleuwen Varkens BV. Volgens buurtbewoners wordt er toezicht gehouden door een Poolse man die in de buurt woont.

Lees ook: Steeds meer stalbranden, ondanks actieplan

Drie keer een alarmsignaal

Het zou gaan om een stal waarbij een groot deel geautomatiseerd is. Bij storingen van het ventilatiesysteem volgt er een melding, zodat er in de stal gekeken kan worden. Volgens een woordvoerder van de gemeente is hierop „adequaat gereageerd”. Zo zou er op 18 juli drie keer een alarmsignaal zijn geweest, maar bleken de eerste twee keer de ventilatiesystemen normaal te functioneren. Bij een derde bezoek was het wel mis: toen waren de varkens dood.

Vanuit de achtertuin van Steven Welle is de stal duidelijk te zien en te ruiken. Welle woont sinds 2013 in een tot woonhuis opgeknapte, oude Haarense boerderij. Hij verhuisde vanuit Amsterdam naar het Brabantse dorp. Mede dankzij de stal, zo geeft hij eerlijk toe. „Als die stal hier niet had gestaan, hadden wij dit mooie huis nooit kunnen betalen.”

Als je in het Brabantse buitengebied gaat wonen, moet je niet zeuren over stank, vindt Welle. Boeren moeten gewoon kunnen boeren. Hij voelt zich met zijn gezin heel erg thuis in Haaren. Maar toch, de varkensstal in zijn achtertuin is volgens hem een aparte categorie. „Dit is een stal zonder boer, het is geen familiebedrijf met varkens, maar een varkensfabriek. Dat heeft weinig met boeren te maken, maar is gewoon business. Zoiets hoort op een industrieterrein.”

Niet zelf in de stank

Dat gevoel leeft breder in de buurt. Bewoners vinden het krom dat de eigenaar van de stal zelf niet in de stank zit, maar er wel aan verdient. En sommigen vinden dat een automatische stal slecht is voor het dierenwelzijn. Buurtbewoner Robbert Verdonk: „Dit heeft niks met dierenwelzijn te maken. Dit is een fokfabriek.”

Begin dit jaar viel er bij de buurtbewoners een brief op de mat. De eigenaar van de stal wilde de buurt informeren over een geplande uitbreiding. Er werd een informatieavond georganiseerd waar zo’n twintig bewoners met de eigenaar van de stal in gesprek gingen. Steven Welle was er ook bij. „De eigenaar van de stal zei daar dat hij alles volgens de regels doet. Dat klopt, maar dan moeten we misschien met boeren, omwonenden en consumenten bekijken hoe we willen dat ons vlees geproduceerd wordt.” De staleigenaar wil niet reageren tegenover NRC.

De Stichting Landschap, Natuur en Milieu Haaren strijdt al langer tegen uitbreiding van de stal. Voor bestuurslid Wilfred de Backer is de dood van de varkens een extra signaal dat de uitbreiding niet moet doorgaan. „Maar ja, als mensen een vergunning hebben, dan kunnen we er weinig tegen beginnen.” Dus vindt De Backer dat er een landelijk debat moet komen over dit soort stallen. „Dit zijn fabrieken, dat heeft niks met boer-zijn te maken. Volgens mij moeten we ons als land afvragen: willen we dit nog wel? Varkens die 24 uur per dag in een automatische stal zitten: is dat beschaving?”

De misstanden in de intensieve veehouderij worden in stand gehouden door zwijgende dierenartsen.Een groep kritische artsen roept op tot verzet.

Esther Ouwehand, Tweede Kamerlid voor de Partij voor de Dieren, zegt dat helder moet worden hoeveel geautomatiseerde stallen er in Nederland zijn. „Het lijkt erop dat het steeds vaker voorkomt dat ondernemers door het hele land stallen met varkens hebben neergezet, zonder dat een boer in de buurt woont. Daarop houden alleen goedkope arbeidskrachten zo nu en dan toezicht. En er is geen wet die bepaalt hoe vaak een mens per dag moet gaan kijken naar de varkens. In Haaren hebben we de risico’s van zulke stallen gezien.”

Volgens een woordvoerder van gemeente Haaren loopt er een vergunningsaanvraag voor de uitbreiding, maar is de procedure tot het afhandelen daarvan nog niet afgerond. De huurder van de stal, Van Sleuwen Varkens BV, komt ondanks herhaalde verzoeken niet met een reactie.

Vanuit zijn achtertuin houdt Steven Welle intussen de toekomst van de veelbesproken varkensstal in de gaten. Hij hoopt dat er in ieder geval iets zal veranderen. „Tegen wat volgens de wet mag, is weinig te doen. Maar het zou volgens mij voor iedereen het beste zijn als we bij varkensstallen de menselijke maat gaan aanhouden.”

    • Bram Endedijk