Bewoners van Oud-Zuid keren zich tegen bouwwoede in hun wijk

Talk of the Town Cultuurhistorie telt niet meer in Oud-Zuid. Dus wordt er flink verbouwd. De buurt klaagt steen en been. „Nu mag kennelijk alles.”

Vanaf zijn fiets monstert Rudolf Dekker de huizen in de Van Breestraat, achter het Concertgebouw. Statige herenhuizen, hoge bomen. Bij een pand dat verbouwd wordt, wijst hij naar de werkman in de nok en zegt: „Soms bedreigen ze me als ik een fotootje maak van de werkzaamheden in mijn straat.”

Er heerst „bouwwoede in Oud-Zuid”, volgens de buurtbewoners. Tientallen, zo niet honderden panden worden verbouwd, zeggen ze. Projectontwikkelaars kopen huizen, laten die compleet strippen, en delen ze op in kleine kamers – meer ruimte, hogere verdiensten. Regelmatig wordt Dekker gebeld door huizenjagers die zijn woning willen kopen.

En expats in Oud-Zuid willen vaak een dakkapelletje, kelder, uitbouw, extra verdieping (optoppertje) of dakterras. De gemeente verleent daarvoor steevast vergunning, volgens Dekker. De laatste anderhalve maand werden ruim vijftig verbouwingsaanvragen in zijn postcodegebied, 1017, ingediend, blijkt op Overheid.nl. Je kunt bezwaar aantekenen, zegt hij, maar dat levert meestal niks op. En de sfeer in de buurt wordt er ook al niet beter op.

Op de Facebookgroep ‘Stop de sloop van Amsterdam’ wisselen wijkbewoners ervaringen uit over de bouwwerkzaamheden in hun wijk. Oud-Zuid in verzet: aan gevels hangen borden met „Nee” en „Stop”. De straten staan vol graafmachines, generatoren en pompen, zegt Dekker. Betonmolens, hijskranen, grote vrachtwagens. „Bouwcowboys” hebben de wijk overgenomen, zegt buurtbewoner Tienke de Hullu (68).

Eerder sprak gemeenteraadslid Diederik Boomsma (CDA) tegenover stadszender AT5 zijn zorgen uit. De gemeente geeft te makkelijk toestemming, vindt hij. „Dat kan niet.” En Rocco Piers (GroenLinks), destijds in de oppositie en nu in het dagelijks bestuur van stadsdeel Zuid, pleitte voor een bouwstop en bestudering van de gevolgen van de werkzaamheden.

Stadsdeelvoorzitter Sebastiaan Capel vond een bouwstop „te simplistisch” en „kort door de bocht”. Hij zegt nu dat behandelaars en handhavers van de gemeente „nog nauwkeuriger” naar de vergunningen kijken. Maar als een aanvraag binnen het bestemmingsplan past, moet de overheid die verlenen, zegt hij. „Bewoners denken dat wij als gemeente verantwoordelijk zijn voor de schade omdat we ook de vergunningen verlenen, maar dat klopt niet. Ze moeten het onderling oplossen.”

Overlast en gevaren

Tot 2011 waren er nauwelijks problemen in deze gewilde buurt en amper werklui. Maar toen de ‘waarde cultuurhistorie’ in het bestemmingsplan verviel, zegt Dekker, mochten huiseigenaren ineens ook grotere ingrepen aan hun woning doen. Eerder was dat niet toegestaan en werd overtreding van bouwregels beboet. Een huisarts moest 30.000 euro lappen, volgens Dekker. „Maar nu mag kennelijk alles.”

Het probleem is niet alleen de geluidoverlast. Er is ook meer luchtvervuiling (door vrachtwagens en generatoren), minder parkeergelegenheid (door vrachtauto’s, containers en bouwloodsen), een verstoorde waterhuishouding (door de bouw van kelders), toegenomen spanningen in de buurt én minder groen. Dekker: „De gemeente heeft de mond vol van vergroening, maar hier verdwijnt alles wat groen is.”

En dan heeft hij het nog niet over de gevaren gehad. In maart 2018 dreigde een pand in de Van Breestraat, één van de duurdere plekjes van Amsterdam, in te storten. Onderin legden bewoners een kelder aan, bovenin bouwden anderen een extra verdieping. Chris Toala Olivares (36, fotograaf) lag nog in bed toen hij het plafond zag bewegen. Met zijn dochtertje van twee vluchtte hij het huis uit. De maanden daarop sliepen hij, dochter en partner Alice Willinga (36) bij vrienden en kennissen. Het huis is inmiddels weer veilig. In de muren zitten nog scheuren en plafondlijsten zijn afgebrokkeld.

Willinga kocht het appartement in 2004 en sprak er destijds met een bevriende bouwkundige over. Die zei, zegt Willinga: „Een afgraving ter grootte van een badkuip kan ervoor zorgen dat een heel rijtje huizen verzakt.”

    • Martin Kuiper