Recensie

Het ziet er prachtig uit, maar de echte opwinding blijft uit

Journalist en recensent Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.

Maris Piper, de naam van een aardappel, is een nieuwe zaak van het succesvolle trio van de restaurants Breda en Guts & Glory. Ze namen een pand over waar het de laatste jaren niet zo wil lukken, ook al is er voor een flink kapitaal verbouwd. Maar goed, het trio heeft zich ruimschoots bewezen en ook bij Maris Piper zijn de ambities zichtbaar groot.

We zitten – het is snikheet – buiten, waar de tafels keurig met linnen zijn gedekt, het glaswerk glimt, de parasols hun werk doen en de bediening professioneel opereert.

Om ons wegwijs te maken in de wijnkaart vertelt een dame dat er vier wijnen onder en vier wijnen boven de 10 euro open zijn. „Dat maakt ook de betere wijnen toegankelijk”, vertrouwt ze ons toe. En dat is maar goed ook, want hoe imponerend en gevarieerd de wijnkaart ook is met prachtige champagnes, bourgognes en trouvailles uit elk serieus wijnland, veel van deze flessen kunnen wij ons niet veroorloven. Voor bij het hoofdgerecht valt ons oog uiteindelijk op een fles pinot noir uit de Elzas en voelen we ons spekkoper (Domaine JM Bernhard, 34,50).

Op de dinerkaart gaat het over kreeft, oesters, wodka en kaviaar – dit mag een brasserie zijn, maar dan wel een in het luxere segment. Wij stappen in op ons eigen niveau, negeren de peperdure lekkernijen en bestellen drie gangen; aan menu’s doen ze niet.

We starten met gefrituurde Hollandse garnaaltjes (7,50), nog in de schaal, behoorlijk zout en eigenlijk niet lekker. Er komt wel goed brood met heerlijke amandelboter op tafel, een glas riesling uit de Elzas (Weingut von Volxem, 9,50) en een rosé uit de Provence (Belle Poule, 7,-).

Vooraf kiezen we voor gegrilde octopus met gebarbecuede aardappel en vinaigrette (17,50) en een hennenei met bruine boter plus een crouton met een supplement van zomertruffel (12,50 + 8,50).

Met dat laatste gerecht is iets geks: aan het einde van de avond zien we op de rekening ‘perfect ei’ vermeld, maar dit ei is gewoon te lang doorgekookt en dus te hard; er is geen bruine boter, maar hollandaisesaus over het ei gedrapeerd – overigens wel héél lekkere zure – en ja, er zit fantastische truffel overheen geschaafd. Toch wringt het… 21 euro voor dit gerecht?

De octopus is daarentegen goed gegrild en de aardappel heeft een lekkere rooksmaak. We vervolgen met Zeeuws spek met snijbiet (17,50) – ja, ja, we letten op ons budget – en koningsbaars met lamsoor, beurre blanc en haringkaviaar (18,50). Het Zeeuwse buikspek is mooi gebakken met een pakketje van snijbiet, een keurig en smaakvol gerecht en dat geldt ook voor de vis met zilte lamsoor en viseitjes, maar… beide gerechten zijn te hoog op smaak of in netjes Nederlands: zout! Zou de chef wel geproefd hebben?

Ook het bijgerecht, aardappelpuree met merg (6,25), is slachtoffer van een iets te royale hand van strooien en behalve dat ligt het merg er in een klontje op, niet mooi.

Het andere bijgerecht, gebarbecuede kool met beurre blanc (5,75), smaakt prima, maar de beurre is wat zuinig en het mist effect. Wat is dit jammer, want het gaat hier zonder twijfel om mooie gerechten die secuur zijn uitgedacht.

Daar waar de hoofdgerechten te zout zijn, beneemt ons bij het dessert het zoet de adem. De omelette sibérienne (13,50) komt met duindoorn en steranijs… technisch oké, maar mierzoet. De appel met gezouten karamel en vanille-ijs is dik in orde, maar niet echt bijzonder.

En dat is waar we uiteindelijk op uitkomen: bij Maris Piper zijn de meeste gerechten wel in orde en ze zien er prachtig uit, maar het is te zout en de opwinding blijft uit. En als je dan toch flink wat neertelt, wil je écht opwinding.

Zelfs als het al snikheet is.

Journalist en recensent Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.

    • Petra Possel