‘Wash is dit normaal?’ Het Hollands van de Marokkaanse Nederlander

Taalkunde Jonge Marokkaanse Nederlanders gebruiken in hun Nederlands elementen uit het Arabisch en Berber – vooral als ze geinen.

Jonge Marokkanen gebruiken in hun Nederlands op internet, als ze onder elkaar zijn, kleine grammaticale woordjes uit het Berber en het Marokkaans Arabisch. Vooral lidwoorden en vraagwoordjes. Maarten Kossmann, hoogleraar Berberstudies in Leiden, schreef er een artikel over, in Nederlandse Taalkunde. Hij concludeert daarin dat die Marokkaanse woordjes alleen gebruikt worden als de toon van het gesprek speels en grappig is.

„Wash is dit normaal?” was een van de zinnen die Kossmann tegenkwam op chaima.nl, een interforum voor Marokkaanse meisjes uit Nederland en Vlaanderen. ‘Wash’, (spreek uit ‘wèsj’) is in het Marokkaans Arabisch een woordje waarmee je aangeeft dat de betreffende zin een vraag is die de ander met ja of nee kan beantwoorden. In de taalkunde wordt dat woordje een ‘vraagpartikel’ genoemd. Het Marokkaans Arabisch heeft zo’n vraagpartikel, het Nederlands niet. „Wash is dit normaal?” betekent „Is dit normaal?”

Een andere zin op internet was: „Meh ben je gek ofzo?” ‘Meh’ (spreek uit ‘mè’) is eveneens een vraagpartikel, maar dan uit die andere Marokkaanse taal: het Berber.

Drietalige zinnetjes

Een wat complexer voorbeeld is: „Nahouuuuu, ik heb ijen broer die wilt echt graag een serieuze meisje waarmee ie snel mee kan trouwen. Hij zegt altijd tegen mij: Heb je nog niks voor mij gefixt? Shien goeie vriendin van jou ofzo? Hahaha.” ‘Ijen’ (‘iezjen’) is Berber voor ‘een’, ‘shien’ (‘sjien’) is ‘een of andere’. ‘Ijen broer’ is ‘een broer’, ‘shien goeie vriendin’ is ‘een of andere goeie vriendin’.

Het ongewone van deze in het Nederlands ingebedde Marokkaanse woorden is dat het geen zelfstandige naamwoorden, bijvoeglijke naamwoorden of werkwoorden zijn, maar kleine grammaticale woordjes. „Het is geen gewone code-switching”, zegt Kossmann. Code-switching is het voortdurend heen en weer gaan tussen twee talen. De ene zin in het Nederlands, de zin daarna in het Marokkaans. En in zo’n Nederlandse zin kunnen dan weer Marokkaanse zelfstandige naamwoorden gebruikt worden, of omgekeerd. Dat is wat je verwacht als tweetaligen onder elkaar praten. Maar dat ze in de onderlinge communicatie taal A gebruiken en daar alleen wat kleine grammaticale woordjes uit taal B aan toevoegen, dat kom je wereldwijd niet zo gek veel tegen.

Wat dit Marokkaanse internet-Nederlands daarnaast bijzonder maakt, is dat er woorden gebruikt worden uit beide Marokkaanse talen: Berber en Marokkaans Arabisch. Op chaima.nl schrijft een van de meisjes over een jongen: „Van ver wahed lekkerding van dichtbij iezen enge turk”. ‘Wahed’ is Marokkaans Arabisch voor ‘een’, ‘iezen’ (iezjen) is Berber voor ‘een’. Het zinnetje is dus drietalig.

Die Marokkaanse meertaligheid – sommigen spreken van huis uit Berber, anderen Arabisch – maakt dat Marokkanen onder elkaar op het internet zijn aangewezen op het Nederlands. Die geven ze een eigen kleur door er van die kleine woordjes aan toe te voegen. Het gebruik daarvan wordt bewust gecultiveerd. „Wat ik daarbij grappig vind”, zegt Kossmann, „is dat ze niet per se uit hun eigen thuistaal putten. Marokkanen uit Gouda, bijvoorbeeld, gebruiken vooral Berber woordjes, ook als ze zelf thuis Arabisch spreken. In Amsterdam is het precies andersom.” Dat wordt op een van de internetfora, marokko.nl, ook door een jongen opgemerkt: „Volgens mij krioelt Amsterdam van de riffies. Als ik in Amsterdam ben hoor ik alleen maar Arabisch. Waar hebben jullie zo goed Arabisch leren praten, Amsterdammers / riffies?”

Omdat beide talen nauwelijks een geschreven traditie hebben, is de spelling van die kleine woordjes spontaan en zeer variabel. Er zijn soms tientallen manieren om zo’n woord te spellen: izjn, ijen, iesjen, ishen, igen, etc. En soms worden typisch Arabische klanken weergegeven in de cijferspelling van het ‘telefoon-Arabisch’: „En wa7id meisje doet fh7al shie lesbie & knuffelde wa7id vriendin van mij en die vond dat kapot eng…” ‘Wa7id’ is ‘een’, ‘fh7al’ is ‘als’, ‘shie’ is ‘een’.

Lees ook: Monniken spraken speelse mengtaal

De meisjes op chaima.nl beheersen overigens verschillende stijlen. Als ze serieus willen overkomen, gebruiken ze de kleine Marokkaanse woordjes niet. Gebruiken ze de kleine woordjes wel, dan is er sprake van een heel ander register: grappig, ironisch, speels, nonchalant, vrolijk-baldadig. De spelling en grammatica van het Nederlands worden dan niet al te serieus genomen. Een voorbeeld daarvan is: „Oepaaaaaaaaaa wajoow me moeder wilt me naar gekken tehuis sturen wollah ik zit bhel zombi achter de laptop (…)”. ‘Wollah’ is een uitroep (letterlijk: bij God!), ‘bhel’ is ‘als’. Hetzelfde meisje schrijft op een ander moment: „Het spijt me heel erg maar ik zal vandaag ook niks kunnen plaatsen. Ik ga weg, en ik zal de hele dag niet thuis zijn.” Vlekkeloos Standaard-Nederlands.

Een ‘wahed lekkere boy’

Opmerkelijk is verder dat de kleine Marokkaanse woordjes in deze Marokkaans-Nederlandse internettaal soms een eigen leven gaan leiden, dat niet overeenkomt met het gebruik in de oorspronkelijke talen. Bijvoorbeeld: „Opeens zie ik daar zitten een wahed lekkere boy met groene ogen.” ‘Wahed’ (‘een’) krijgt hier de betekenis ‘heel erg’. Grappig is ook: „Wahed iejen goeieeeeeemorgen mensen.” Het Arabische ‘een’ en het Berber woord voor ‘een’ zijn hier achter elkaar gezet.

Volgens Kossmann duiken de kleine Marokkaanse woordjes ook op in het Nederlands dat sommige jonge Marokkanen onder elkaar spreken. Hij hoort het wel eens. Op internet is het in ieder geval heel gewoon geworden en ook iets dat je als taalkundige gemakkelijk kunt onderzoeken. „Perfect onderzoeksmateriaal, die sites”, zegt hij. „Tenminste, zo was het in de periode van 2005 tot 2015. De functie die de internetfora in die tijd hadden, is nu verschoven naar Facebook. Jammer, want Facebook kun je niet op dezelfde manier doorzoeken.”

    • Berthold van Maris