NRC checkt: ‘Zure regen en Waldsterben bleken onzin te zijn’

Dat schreef Theodor Holman begin deze maand in een column in Het Parool.

Dode bomen door zure regen in een Pools bos. Foto Getty Images/iStockphoto

De aanleiding

Theodor Holman vindt het klimaatdebat ontzettend saai en het verbaast hem dat het onderwerp maar niet van de agenda wil verdwijnen, schrijft hij in zijn column in Het Parool. Als voorbeeld noemt hij zure regen en de daardoor stervende bossen „die onzin bleken te zijn”. „Er waren geen wetenschappelijk deugdelijke rapporten om het te onderbouwen. [...] Zure regen en das Waldsterben zijn dan ook stiekem en schaamtevol uit het klimaatdebat weggelopen.”

Waar is het op gebaseerd?

In een e-mail schrijft Holman dat hij zich baseert op het boek Wie is er bang voor de vooruitgang van Jaffe Vink uit 2014. In het hoofdstuk ‘Waarom zijn de bossen niet dood’ verwijst Vink naar een artikel van atmosferisch chemicus Ed Buijsman in het tijdschrift Studium (2008). Vink is minder stellig dan Holman. Hij schrijft: ‘Het is goed dat de verzuring is aangepakt, maar hoe hebben die ‘eenvoudige hypothesen’ over de stervende bossen ons zo lang kunnen misleiden?’ Overigens gebruikte Vink zelf in een opiniestuk in de Volkskrant uit 2010, dat de basis vormde voor het hoofdstuk uit zijn boek, ook krachtiger taal. Daarin schrijft hij nog: ‘Dat hele doemscenario van massale bossterfte kan de schroothoop op. Hoe is het mogelijk dat we zo voor de gek zijn gehouden?’

En, klopt het?

Je hoort het vaker: we worden ten onrechte bang gemaakt voor klimaatverandering, kijk maar naar de zure regen, die viel ook reuze mee. Laatst nog schreef Sylvia Witteman in haar column in de Volkskrant badinerend: ‘Het liep allemaal min of meer goed af met dat milieu, maar nu zitten we dus met dat klimaat’.

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) schreef in 2010 een evaluatie over zure regen. De door Jaffe Vink aangehaalde Buijsman was de hoofdauteur. Daaruit komt een ander beeld naar voren. Vissen (in Zweden) gingen dood, bomen (in Duitsland en elders) werden ziek, de kwaliteit van bossen ging achteruit en zeldzame soorten begonnen te verdwijnen. Bramen en brandnetels, die goed gedijen bij de verzuring, rukten op.

Sinds 1980 is de verzuring met de helft afgenomen dankzij het gevoerde beleid, maar het probleem is nog niet opgelost, schrijft het PBL: ‘Terugkijkend [...] kan worden gesteld dat de genomen maatregelen terecht zijn geweest’.

„Hoe het precies werkte, was in het begin niet duidelijk”, zegt Robert Koelemeijer, medeauteur van de PBL-evaluatie, in een telefoongesprek. „Maar ook al was de theorie onvolledig, de zorgen waren terecht. Het heette ‘zure regen’. Maar dat betekent niet dat we alleen de zuurgraad van een regendruppel aan het meten waren. Er bleken allerlei chemische reacties in de bodem plaats te vinden. En de schadelijke stoffen sloegen ook in droge vorm neer.”

Lees ook: Op de Veluwe lijdt het koolmeesje onder verzuring

Natuurorganisaties schetsten een (te) dramatisch beeld van de toestand van de bossen. Maar dat is ook hun rol, vindt Koelemeijer. „En het heeft geholpen om het probleem op de kaart te krijgen.” De autoriteiten werden wakker geschud. Daarna ging het heel snel. De maatregelen om de zwaveluitstoot te verminderen waren zeer succesvol. Zo succesvol, dat het bijna leek alsof er nooit een probleem was geweest. De andere bronnen van ‘zure regen’, stikstofoxiden en ammoniak, zijn minder snel gedaald. „Je kunt op een koe nou eenmaal geen katalysator zetten”, zegt Koelemeijer. Ook de parallel met klimaatverandering gaat mank. Vergeleken bij het terugdringen van kooldioxide – wat onder andere neerkomt op de totale omvorming van de internationale energievoorziening – was/is de aanpak van zure regen een peulenschil.

Conclusie

Volgens Theodor Holman waren zure regen en bossterfte onzin. Maar in werkelijkheid is er nog steeds sprake van verzuring. Internationaal milieubeleid heeft erger voorkomen. We beschouwen de stelling daarom als onwaar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt
    • Paul Luttikhuis