Recensie

Hoe de ideale gezinswoning vlam vatte

Celeste Ng De Amerikaans-Chinese Celeste Ng is een fenomeen. Haar nieuwe literaire thriller speelt zich af in een keurige plaats vol goed gelukte gezinnen, waar alles klopt – tot de komst van twee nieuwelingen. (●●●●●)

Illustratie: Paul van der Steen

De ene zoon speelt basketbal, de ander haalt de beste cijfers op school, de dochter speelt de hoofdrol in het schooltoneelstuk. Hun kleren zijn modieus, hun tanden blinken, hun ogen stralen: alles klopt in Shaker Heights, en vooral bij het gezin Richardson thuis, al hebben ze als vierde kind een wat onaangepast nakomertje. Voor haar tweede roman keert Celeste Ng terug naar de welvarende plaats in Ohio waar ze vanaf haar tiende opgroeide. Alles is er goed geregeld, het loopt op rolletjes. Waag het in Shaker Heights niet je gras niet te maaien, dat komt je alras op een boete van de gemeente te staan.

In deze keurige plaats vol goed gelukte gezinnen spoelen als wrakhout twee mensen aan. Buitenissige types zijn het, een kunstenares-fotografe en haar dochter van vijftien, die dan weer eens een tijd hier leven, dan weer eens een tijd daar, die af en toe zelfs slapen in hun auto en hun kleren kopen bij de kringloopwinkel. Dit keer echter komen ze om te blijven. Ze huren een appartement van de Richardsons.

Shaker Heights lijkt ook voor hun, en zeker voor dochter Pearl, de gedroomde plek. Zij vindt een thuis bij de familie Richardson, op de bank voor de grote televisie, terwijl verschillende kinderen van de Richardsons bij haar thuis juist ontdekken hoe vrijheid smaakt. Met een moeder die geen koekjes bakt, maar wel je mening vraagt. Waar niet eens een echte bank in de kamer staat. ‘Wat ga je eraan doen’, zegt deze moeder, als Izzy, het jongste en afwijkende kind van de Richardsons, verontwaardigd vertelt over de racistische bejegening van een medeleerling. Dit leidt tot ‘Tandenstokerdag’: geen deur in de school kan nog open nadat ze diep in elk slot een aantal tandenstokers heeft geduwd. Het zelf kunnen ingrijpen is voor Izzy een eyeopener.

Het ideale gezin

De Amerikaans-Chinese Celeste Ng (wat je uitspreekt als ‘Ing’) is een fenomeen. Haar eerste boek Wat ik nooit eerder heb gezegd (Everything I Never Told You, 2014) werd alom geroemd en bekroond. Ook deze tweede roman stond direct na verschijnen op The New York Times-bestsellerlijst en werd wereldwijd een succes. Het boek wordt momenteel verfilmd door Reese Whiterspoon. Als ooit de term ‘literaire thriller’ van toepassing is geweest, dan is het op deze boeken, die spannend zijn, plot-driven, maar nergens gemakzuchtig of eenduidig. Ng gaat uit van de psychologie van haar personages, jongeren doorgaans, al krijgen ook hun ouders hun eigen verhaallijnen. De romans zitten vernuftig in elkaar, en de stijl – in dit boek beschrijft Ng wat er op een hele berg kunstfoto’s staat, zonder saai te worden – is heel beeldend. Ze vangt veel in dialoog, en staat zichzelf af en toe een lekkere vergelijking toe: ‘De docent [...] was een oudere, magere man die eruitzag alsof al zijn lichaamssappen met een rietje uit hem gezogen waren via zijn toegeknepen mond.’

Net als haar debuut, dat begon met een verdronken puber (‘Lydia is dood. Maar dat weten ze nog niet’, luidt het begin), begint Kleine brandjes overal met een grootse klap: de ideale gezinswoning van het ideale gezin staat erg onideaal in de hens. In wat volgt, een lange flashback, volgt Ng soms het ene en dan weer het andere personage en vertelt ze hoe het zo ver heeft kunnen komen. Haar wendingen zijn verrassend, het tempo ligt hoog.

Ng is op eigenzinnige wijze spannend, want uiteindelijk lost ze niets op. Ze toont alleen hoe het heeft kunnen gebeuren. Ze schotelt dilemma’s voor waar geen antwoord op komt, al wringen haar personages zich in vele bochten om tot oplossingen te komen.

In haar beide boeken gaan die dilemma’s over identiteit, moederschap, afkomst, over wat ouders hun kroost aan kunnen doen en vice versa. Wie heeft er meer recht op een geadopteerde baby: de wanhopige biologische moeder die haar ten einde raad achterliet bij een brandweerkazerne, maar er binnen een jaar financieel beter voorstaat, of de rijke adoptiemoeder die na ettelijke miskramen dolgelukkig is met het kindje? Voor beiden valt veel te zeggen, en dat doet Ng.

Omhulde bezorgdheid

Centraal in Kleine brandjes overal staat de vraag wat moederschap behelst. Diverse vrouwen (en meisjes) worden gevolgd, vrouwen die stuk voor stuk het goede willen doen, maar ontdekken dat het niet zo eenvoudig is, te weten wat dat is. Het gaat over abortus en draagmoederschap, over afstand doen, bloedbanden, cultuur. Anders zijn dan je ouders, alleen vanbuiten door bijvoorbeeld de vorm van je ogen, of ook vanbinnen. En net als in haar eersteling spelen gefnuikte ambities en projecties van ouders op hun kind – maak onze dromen waar, slaag waar wij faalden, zorg dat wij eindelijk gelukkig kunnen zijn – een heel grote rol.

Ng is een dappere auteur: ze laat zien wat er allemaal wordt toegedekt in gezinnen. Izzy, de jongste Richardson, wordt meer op de huid gezeten dan de andere kinderen door haar moeder. Het komt door haar vroeggeboorte, en door wat volgde: ‘Telkens wanneer mevrouw Richardson naar Izzy keek, werd ze weer bevangen door dat gevoel dat dingen uit de hand konden lopen, als een spier die ze maar niet kon ontspannen. “Izzy, rechtop zitten,” zei ze aan tafel, terwijl ze dacht: scoliose, hersenverlamming. [...] Hoewel ze het nooit zo uitsprak, werd haar bezorgdheid omhuld door verbolgenheid.’

De moeder wil de beste moeder zijn, van het beste kind, maar het kind wordt iemand anders, en droomt zich een andere moeder. Mensen in het algemeen, ook mensen die op elkaars lip leven, kunnen een heel verkeerd of op zijn minst onvolledig beeld van elkaar koesteren. Ouders van hun kinderen, maar evenzogoed andersom. Helder wordt in Kleine brandjes overal dat iemand zich, meer dan bij zijn familie, thuis kan voelen waar hij officieel niet thuishoort. De vraag of je daarvoor kiezen mag en kunt, en wanneer dan, blijft open. Uiteindelijk maakt Ng alle keuzes voorstelbaar, zelfs de meest bizarre en onrechtmatige, zoals het stelen van een baby. Of het in de fik zetten van je ouderlijk huis.

    • Judith Eiselin