NVWA: slachterijen minder hygiënisch

Voedselkwaliteit Bij 12 procent van de inspecties trof de toezichthouder verontreiniging aan op de karkassen.

Op gebied van dierenwelzijn is de naleving van slachthuizen over het algemeen beter in orde dan de hygiënevoorschriften. Foto Stephan van den Bos

Nederlandse slachthuizen presenteerden in 2017 slechter op het gebied van hygiëne dan een jaar eerder. Dat blijkt uit een rapportage van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) over zogeheten roodvleesslachthuizen, waar varkens, runderen, schapen, geiten en paarden worden geslacht.

De toezichthouder concludeerde dat de naleving van een van de belangrijkste indicatoren van hygiënisch werken, zichtbare verontreiniging op karkassen, is gedaald van 94 procent in 2016 naar 88 procent in 2017. Dat betekent dat bij inspectie in 12 procent van de gevallen bijvoorbeeld poepbacteriën werden aantroffen op vlees. Die besmette stukken moeten weggesneden worden.

De NVWA heeft in deze rapportage over de periode 2015-2017 voor het eerst individuele prestaties van slachthuizen bekend gemaakt, op zowel dierenwelzijn als naleving van de hygiëneregels. Daarmee is gestart in juli 2017. De NVWA hoopt dat openbaarheid „stimulerend” werkt voor slachterijen die ondergemiddeld presteren. Ook worden bedrijven die slecht scoren vaker gecontroleerd.

Grote onderlinge verschillen

In een reactie zegt het hoofd Keuren van de NVWA dat de naleving sinds 2014 over het algemeen „sterk verbeterd” is. Wel zijn er grote verschillen tussen bedrijven onderling, vooral op gebied van hygiëne.

Ook loopt de score bij verschillende handelingen, zoals ontsmetten van gereedschap of verontreiniging van karkassen tijdens het slachten, uiteen. Bij Vion, de grootste slachter van Nederland, werd op de drukste locatie in Boxtel tijdens 5 procent van de inspecties een overtreding geconstateerd. Dat leidde er ineen aantal gevallen toe dat er boetes zijn uitgedeeld. Bij sommige handelingen presteerde Vion Boxtel slechter dan gemiddeld, bij sommige beter.

Op gebied van dierenwelzijn is de naleving van slachthuizen over het algemeen beter in orde dan de hygiënevoorschriften. Bij het overgrote deel van de twintig grote slachthuizen, die samen 90 procent van het zogeheten roodvlees voor hun rekening nemen, werd bij inspecties op verschillende onderdelen geen overtreding van regels aangetroffen. Een negatieve uitschieter is kalverslachter Fuite Veal uit Tubbergen, waar bij twee van de drie inspecties bleek dat het doorsnijden van de aderen niet goed gebeurde. Het bedrijf kwam dit jaar al eens negatief in het nieuws. De gemeente Tubbergen legde het bedrijf in juni een dwangsom op vanwege illegale bouwwerken.

Lees ook: Slachters worden permanent gefilmd
    • Geertje Tuenter