Kras

In de bungalow naast ons huist een leuk meisje. Ik stel voor dat ik haar ’s avonds zeilles geef in mijn vaders nieuwe, zelfgebouwde Schakel. De zeilles wordt eigenlijk meer spelevaarles. We meren af aan een boei. En ontdekken later dat we een diepe kras hebben opgelopen.

We nemen afscheid, ik vaar de Schakel naar z’n steiger en trek hem op de kant. Ik schuur een half uur grof en een half uur fijn. Om acht uur ’s ochtends is de tweede laag tweecomponentenvernis droog en voeg ik me bij de familie aan de ontbijttafel. Na een kwartier zegt mijn vader: „Ik ga een stukje varen.” Na een minuut is hij weer binnen. „Wat mij nou gebeurd is! Gisteren bij het afmeren maakte ik zó’n kras! En nu? Weg! Helemaal weg!”

Ikjes (max 120 woorden) inzenden via ik@nrc.nl