Opinie

    • Joyce Roodnat

De angry bitch is een paradijsvogel

Joyce Roodnat De aria van de Koningin van de Nacht uit ‘Die Zauberflöte’ wordt meestal ziedend gezongen. Joyce Roodnat hoort dat het anders kan bij Holland Opera.

Morgane Heyse als Koningin van de Nacht in ‘Zauberflöte Requiem’ van Holland Opera. Foto Erik van Zuylen

‘Door de week droeg ze blauw, en in het weekend wit”, hoor ik vertellen over Gisèle d’Ailly-van Waterschoot van der Gracht (1912-2013). Ze was kunstenaar en mecenas. En ze gooide nooit iets weg. Het pand Castrum Peregrini aan de Amsterdamse Herengracht was haar huis. Daar is, op de vloer van haar atelier, een installatie met een keuze uit Gisèles garderobe ingericht door de Amerikaanse kunstenaar Renée Turner. Blauw en wit? Dat is er nauwelijks bij. Wel een little black dress van Dick Holthaus. Prachtig ding. Ik fotografeer hem en zet hem op Instagram. Er komt prompt een reactie van iemand die haar heeft gekend. Zwart jurkje? Geen sprake van: „Gisèle was een echte pardijsvogel.”

Blauw en wit. Zwart. Nee, kleur! Hoe wás Gisèle nou? Veel. En dat is maar goed ook. Eenduidigheid is de dood in de pot.

Kijk maar naar de Koningin van de Nacht in Mozarts Die Zauberflöte. Altijd dezelfde ziedende vrouw: Der Hölle Rache kocht in meinem Herzen… – de wraak van de hel kookt in mijn hart, zingt ze. En dan krijst ze haar woede uit in die bekende set hoge noten. Fantastische aria, maar och, we weten het wel.

Daar is de Koningin van de Nacht in de regie van Joke Hoolboom van Holland Opera. De Koningin straalt. Met wijdgespreide armen staat ze klaar om de dochter te omhelzen die haar was afgepakt. Maar o wee, ze is haar opnieuw kwijt… en dáár is de aria. De jonge Franse sopraan Morgane Heyse vertolkt hem fel, en anders.

Na drie dagen ben ik nog onder de indruk. Wat dééd ze daar? Ik vraag het Heyse en ze vertelt dat ze op haar auditie de Koningin ‘normaal’ zong, als een „angry bitch” dus, met die sprakeloze hoge noten als woede-uitbarsting. En nu? „Nu zing ik hem heel anders. De oppermachtige Koningin huilt.” De aria – „een marathon van vier minuten”, zegt Heyse – ruilt machtsvertoon in voor beduusd verdriet.

In deze voorstelling wordt Die Zauberflöte als het ware ingelijst met Mozarts Requiem.We zien de Koning van de Nacht sterven, zijn ziel vliegt weg (op de wieken van een echte uil, maar dat is een ander verhaal). Over zijn graf heen ontneemt hij de Koningin haar kind. Daarna gaat Die Zauberflöte van start, met in het hart van het verhaal een wanhopige moeder. Morgane Heyse: „Ik was sceptisch, ik vond het maar vreemd. Nu vind ik het volkomen logisch.”

Haar Koningin is een rijk personage. Zwartgallig als de nacht. Roodbehuild met de dageraad. Die brengt licht. En onthult haar drama.

    • Joyce Roodnat