D66 verlegt koers en zet in op ‘haalbare’ kroonjuwelen

Democratische vernieuwing Met voorstellen over bijvoorbeeld een gekozen formateur en een gemengd kiesstelsel wil het bestuur van D66 het politiek bestel vernieuwen.

Een discussieavond van Democratie van Nu, waar leden van D66 het afgelopen jaar met elkaar over het vernieuwen van de democratie spraken. Foto D66

D66 blijft voorstander van de gekozen minister-president en pleit nog altijd voor het afschaffen van de Eerste Kamer. Maar naast die oude idealen wil de partij zich nu richten op voorstellen die haalbaarder zijn. In de „nieuwe visie op onze democratie” die D66 dinsdag publiceert, onder de titel ‘Democratie van Nu’, blijkt dat de partij kiest voor een meer pragmatische koers.

„Nog steeds zouden we het liefst de minister-president rechtstreeks kiezen, maar de gekozen formateur is haalbaarder”, zegt Coen Brummer, directeur van het wetenschappelijk bureau van D66. De partij wil ook nog altijd een bindend referendum, maar ziet dat referendum niet als „de oplossing voor alles”.

Het ‘Democratie van Nu’-stuk, dat is geschreven op initiatief van het partijbestuur, telt 31 pagina’s en vijftien voorstellen, waaronder een nieuw kiesstelsel, een gekozen formateur en een hoorzitting in de Tweede Kamer bij de benoeming van bewindspersonen. Het stuk geldt nog niet officieel als het nieuwe partijstandpunt, dat is het pas als de meerderheid van de leden op het najaarscongres, op 6 oktober, ermee instemt. De komende weken zijn er toelichtingsavonden, waarop Tweede Kamerlid Rob Jetten samen met Brummer en het landelijk bestuur de voorstellen toelicht. Leden kunnen nog wijzigingen voorstellen.

Lees ook: Is D66 nog wel de partij van de democratische vernieuwing?, een achtergrondstuk over de discussieavonden.

Geen getuigenispartij

D66 werd in 1966 opgericht als partij van de democratische vernieuwing, maar heeft nog niet veel van de oorspronkelijke idealen weten te realiseren. „We zijn geen getuigenispartij, we willen dingen voor elkaar krijgen”, zegt politiek secretaris Henk Beerten. Dat was de reden dat de partij vorig jaar besloot zijn democratiseringsagenda te herzien. „Als partij moet je steeds opnieuw nadenken hoe je binnen een realistische termijn de veranderingen kunt doorvoeren waar je voor staat.”

D66 loopt vooruit op de staatscommissie-Remkes, die zich eveneens over democratische vernieuwing buigt en aan het eind van het jaar met haar eindrapport komt.

Een in het oog springend maar ingewikkeld voorstel is het pleidooi voor een nieuw kiesstelsel. Niet een districtenstelsel waar de partij altijd voor pleitte, maar een systeem waarbij een kiezer bij de landelijke verkiezingen voortaan twee stemmen uitbrengt. Dit voorstel is niet nieuw, in 2006 werd het geopperd door het burgerforum dat zich boog over het kiesstelsel. De eerste stem gaat naar een partij óf een specifieke kandidaat. Dit zou leiden tot een groter mandaat voor individuele Kamerleden. Een deel van de kandidaten zal nog altijd in de Tweede Kamer komen omdat mensen hebben gestemd op de partij, maar meer dan nu komen kandidaten met voorkeursstemmen in het parlement. De voorkeursdrempel, waarbij een kandidaat in 2017 nog ruim 17.500 stemmen moest halen, verdwijnt.

Negentig dagen om te formeren

Met zijn tweede stem geeft de kiezer aan wie de formateur moet zijn, en krijgt daarmee meer invloed op wat voor kabinet er komt. De formateur kan van een andere partij zijn. Beerten: „Als de VVD jouw voorkeurspartij is, maar je kiest voor de D66-leider als formateur, geef je aan dat wat jou betreft die twee partijen deel moeten uitmaken van een kabinet.”

In het voorstel van D66 krijgt de formateur negentig dagen om een kabinet te formeren. Mislukt dit, dan is de Kamer weer aan zet, net zoals nu.

De voor D66 pijnlijke discussie over de afschaffing van het raadgevend referendum laat volgens de partij zien dat er „brede behoefte” aan een alternatief bestaat. D66 is nog steeds voor een bindend correctief referendum, waarbij kiezers achteraf een wetsvoorstel kunnen torpederen. Dat vergt wel een grondwetswijziging, en dat is een langdurig traject.

Als ‘tussenoplossing’ komt D66 met het recht op amendement, dat ook al door een groep kritische D66-leden onder aanvoering van oud-Kamerlid Boris van der Ham werd geopperd. Hierbij kunnen burgers een wijziging indienen, in plaats van enkel ja of nee zeggen. Volgens Beerten heeft dit „meer impact” dan referenda. „De houding was: als we maar een referendum hebben, is het probleem opgelost. Zo willen wij er niet in staan.”

    • Barbara Rijlaarsdam
    • Pim van den Dool