Hoe een familiebezoek eindigt in de Zweedse cel

Visumzaak

De Senegalese broers Ibralo en Pape Matar Fall bezochten hun vader in Nederland. Op weg naar een neef in Zweden werden ze, ondanks hun visum, bij de Zweedse grens gearresteerd. Vijf weken later zitten ze nog steeds vast.

Pape Matar Fall (26), muzikant, uit Senegal wacht in Zweden op uitzetting.

Groningen, 23 juli. De broers Ibralo en Pape Matar Fall (23 en 26 jaar oud) stappen in de groene Flixbus voor het station. Ze hebben een reis van vijftien uur voor de boeg naar het Zweedse Malmö. Samen met hun neef, die in Zweden woont, willen ze naar een festival. Pape Matar valt in slaap, Ibralo speelt wat op zijn mobiel.

De mannen wonen in Dakar, Senegal. Dit was hun derde bezoek aan Nederland. Hun vader woont al vijftien jaar in het Groningse Bedum. Ze hebben een Schengenvisum, geldig van Portugal tot Finland. Waarom niet ook naar hun neef?

Ze passeren de Duitse grens, dan de Deense. Even voor acht uur ’s ochtends rijdt de bus over de Sontbrug, die Kopenhagen met Malmö verbindt. Vanaf de Deense kant zie je de stad al liggen. Na de tolpoorten de douanecontrole. Douaniers stappen de bus in. Twee mannen en één vrouw, blond met een zwarte bril.

„Waar gaan jullie heen?”

Naar Pape Seck Afia, antwoorden ze.

„Waar woont hij?”

Dat weten ze niet precies.

„Bel hem.”

De telefoon gaat niet over.

In de bus beginnen mensen te klagen vanwege het oponthoud. Een volgende Flixbus nadert. De douaniers manen de broers hun spullen te pakken. Ze worden gearresteerd.

Vrij reizen in 26 Schengenlanden

Ibralo en Pape Matar Fall zijn in Zweden het middelpunt geworden van een discussie over Europese grensregels. Nu, vijf weken later, zijn ze nog steeds niet op vrije voeten. De vraag die centraal staat: zijn de broers terecht geweigerd? Of mochten ze met hun Schengenvisum gewoon het land in en zijn ze gedetineerd omdat ze Afrikanen zijn?

Een Schengenvisum staat vrij reizen toe tussen de 26 Schengenlanden in Europa. Sinds november 2015 is er een eenzijdige grenscontrole tussen Zweden en Denemarken, vanwege de toestroom van asielzoekers. Onlangs werd deze voor zes maanden verlengd, wegens „de aanhoudende bedreiging van de openbare orde en veiligheid”, zo valt te lezen op de website van de Europese Unie.

„Het Schengenverdrag is Europese wetgeving en staat boven de nationale wet”, zegt Salvo Nicolosi, die EU-asielwetgeving onderzoekt aan de Universiteit Utrecht. „Dus kan iemand met een Schengenvisum vrij door Europa reizen.” Er zijn twee uitzonderingen: „Zweden mag een onderzoek beginnen als er duidelijke redenen zijn dat de visumhouders een bedreiging zijn voor de openbare orde en veiligheid, of als ze zich illegaal willen vestigen in het land.”

Dagelijks worden mensen, „vooral met een zwarte huidskleur”, bij de Zweedse grens tegengehouden, „ondanks een geldig Schengenvisum”, zegt de Zweedse parlementariër Momodou Jallow van de linkse Vänsterpartiet. Volgens Jallow is deze zaak een voorbeeld van de steeds hardere politieke koers die Zweden vaart rond het grensbeleid. Zweden staat aan de vooravond van de nationale verkiezingen. „Maar vijf weken detentie is naar mijn weten nog nooit voorgekomen.”

Ook Europarlementariër Sophie in ’t Veld (D66) is de zaak onder ogen gekomen. Zij heeft contact gezocht met Zweedse Europarlementariërs, zegt ze, en aangedrongen op „grondig onderzoek”. „Sinds een paar jaar zijn lidstaten hard bezig een Fort Europa te bouwen. De bewijslast ligt tegenwoordig bij de visumhouder, terwijl Europese wetgeving juist mensen moet beschermen tegen misbruik van overheden.”

Vandaag vult de geur van gebraden lam de bezoekersruimte van het uitzetcentrum. Vader, stiefmoeder en neef kijken toe hoe de twee broers eten. Voor het eerst in vier weken is de familie Fall samen in één ruimte. Ze vieren Tabaski, het Senegalese offerfeest. Na een uur worden de broers door twee bewakers geëscorteerd.

Dertien dagen duurde de visumaanvraag vanuit Senegal, zegt stiefmoeder Mieke Harms (54) even later in de eetzaal van een Zweeds weghotel, acht minuten rijden van het uitzetcentrum. „De aanvragen daarvoor duurden wel twee tot twaalf maanden.”

Ditmaal kregen de broers een zoegenoemd multiple-entry visum. Daarmee kunnen ze Nederland vijf jaar lang zo vaak bezoeken als ze willen, zonder een nieuwe aanvraag te hoeven doen. Op voorwaarde dat ze per bezoek niet langer dan negentig dagen in Europa verblijven.

Harms heeft al achttien jaar een relatie met de vader van de twee broers, de Senegalees Cheikh Ibra Fall (54). Ze hebben samen een dochter: Ayda (14). Ze zien de jongens opgroeien, dankzij hun tweejaarlijkse bezoeken aan Senegal. „Ik bel mijn zoons vijf keer per dag”, zegt hun vader.

Een week na de arrestatie reden Harms en Fall naar Zweden, Ayda achterin, over diezelfde brug naar Malmö. „Een vrouw bekeek mijn Senegalese paspoort”, zegt Fall, „en gaf het direct terug.” Ayda filmde de vrouw stiekem: blond met een zwarte bril. De broers zien het filmpje ook. Die vrouw heeft ons ook gecontroleerd, zeggen ze.

Bureaucratisch gevecht

De familie zocht contact met ambassades, advocaten, Amnesty International, Europarlementariërs, media en politici. „Steeds hoorden we dat het geen Nederlandse staatsburgers zijn of dat er niet op individuele gevallen kan worden ingegaan”, zegt Harms.

Ze zijn inmiddels lokale bekendheden geworden. „Bent u de vader?”, vraagt een medewerker van het Rode Kruis voor het detentiecentrum. „We zagen de broers gisteravond groot in het nieuws.”

Ibralo Fall (23), bachelorstudent informatiekunde in Dakar, in het Zweedse uitzetcentrum. Foto’s Jens Christian/ANP

Sinds de dag van de arrestatie voert de familie een bureaucratisch gevecht. Neef Petit Pape belde de douane. Die verwees hem door naar de migratiedienst. Zij stuurden hem terug naar de douane. „Ik heb meer dan tien keer heen en weer gebeld.” Ook zijn vriendin Julia belde. Zij kreeg de migratiedienst wel te pakken: „We controleren de broers en ze zijn over een halfuur vrij.”

Vijf weken later zitten de mannen nog steeds vast. Pape Matar ligt met drie anderen op een kamer, Ibralo met twee. Een uur per dag mogen ze samen de buitenlucht in, ze hebben een nieuwe telefoon gekregen en kunnen hun eigen kleding dragen. Er zitten ongeveer 65 mensen binnen, vertelt een begeleidster van het Rode Kruis. Door het raam is een verlaten industrieterrein te zien.

Zweden: onbetrouwbare informatie

De broers hebben te horen gekregen dat hun Schengenvisum wordt ingetrokken. De reden, zo blijkt uit de Zweedse politieverklaring in bezit van NRC: „onbetrouwbare informatie over het verblijf”. Op het Schengenvisum staat dat de broers via Spanje naar Amsterdam zouden reizen, maar ze kwamen in Nederland aan na een overstap in Portugal.

„Dit is heel gebruikelijk”, zegt advocaat Roel Bosma, die de broers bij de vorige twee visumaanvragen bijstond. „Het duurt soms wel even voordat het visum daadwerkelijk is verstrekt. In de tussentijd kan een gereserveerd ticket verlopen zijn of een ander ticket goedkoper.”

Er waren voor Zweden meer redenen voor de intrekking. Ibralo en Pape Matar noemden Petit Pape tegen de douane „broer”. Dat klopt niet – hij is een neef. Hun verklaring, dat in Senegal mannelijke familieleden vaak broer worden genoemd, mocht niet baten. Verder kwam de naam die zij opgaven niet overeen met Petit Papes geregistreerde naam, hadden ze maar weinig geld op zak en wisten ze niet hoe lang ze zouden blijven.

„Een onderzoek naar de geldigheid van een Schengenvisum komt vaker voor”, zegt onderzoeker Nicolosi. „Alleen duurt dat normaal maximaal twee of drie dagen.” Volgens de onderzoeker had de verwarring voorkomen kunnen worden als de Zweedse autoriteiten de familie hadden gebeld en contact hadden gezocht met Nederland, aangezien dat land de visumverstrekker is. „Het onderzoek naar de geldigheid van de visa zou moeten worden gedaan in samenwerking met Nederland.”

Het ministerie van Buitenlandse Zaken, bekend met deze zaak, ontkent dit. „De broers hebben niet de Nederlandse nationaliteit”, zegt een woordvoerder. „Ieder Schengenland is bevoegd personen de toegang te weigeren en om een visum in te trekken.”

Terug naar Senegal

Vader Cheikh Ibra Fall staat te wachten voor de deur van het uitzetcentrum in Astorp. „Ik ben hier om de jongens courage toe te spreken”, zegt hij. Moed. „Het moet goedkomen.” Afgelopen week is hij met Harms en hun dochter voor de tweede keer naar Zweden afgereisd. Hun eigen vakantie hebben ze geannuleerd.

Eenmaal binnen zijn de bewakers vriendelijker dan voorheen. „Op papier zitten jullie in twee verschillende kamers, maar we houden de deur open en lopen weg”, zegt één van de twee bewakers.

„Ik ben moe en boos”, zegt Pape Matar. „Als je illegaal bent, kom je hier. Als je legaal bent, kom je ook hier.”

Hun terugvlucht van Schiphol naar Senegal op vrijdag 12 oktober staat al weken gepland. De familie weet niet wat er gaat gebeuren. De politie en migratiedienst willen niet met ze praten. En de pro-deo-advocaat „had geen tijd voor ons”, zegt Mieke Harms. Ze hopen dat de jongens uitgezet worden naar Nederland, maar vrezen dat ze terug moeten naar Senegal – en voor de komende jaren geen Schengenvisum meer hoeven te verwachten.

De ouders hebben een inmiddels een eigen advocaat ingehuurd en de broers hebben een gesprek met de migratiedienst. Die heeft slecht nieuws: de rechter heeft niet, zoals gehoopt, de uitzetting tegengehouden. De mannen dreigen terug te moeten naar Senegal.

De nieuwe advocaat van de broers, Daniel Carnestedt, probeert de zaak nog voor te leggen aan de hoogste Zweedse migratierechter, „maar de kans dat deze aangenomen wordt is gering”. En zelfs als het voorkomt bij de rechter dan is het erg onwaarschijnlijk dat ze hun visum terugkrijgen. „Zweedse rechters hebben weinig ervaring met dit soort zaken en geven vaak te veel autoriteit aan lagere instanties.”

Wel maken de broers nog kans op het behoud van hun visumrechten, waardoor ze niet twee tot tien jaar uitgesloten worden van de mogelijkheid tot een visumaanvraag. „Maar dat kan maanden tot een jaar duren”, zegt de advocaat. „Dan zijn ze waarschijnlijk allang uitgezet naar Senegal.”

In Zweden is deze zaak nog niet afgelopen. De Senegalese gemeenschap organiseert een protestmars in Stockholm en een petitie. Parlementslid Momodou Jallow gaat de zaak de komende dagen aankaarten op een VN-congres in Genève. „Met mijn Afrikaanse achtergrond word ik ook, ondanks mijn Zweedse paspoort, elke keer ondervraagd bij de douane. Zelfs nu ik een diplomatiek paspoort heb, word ik eruit gepikt.”

Lamsvlees voor Ibralo en Pape Matar

Neef ‘Petit’ Pape, zijn bijnaam al is hij 1,97 meter en 105 kilo aan spieren, staat achter de barbecue in zijn tuin in Malmö. Hij draait stukken lamsvlees om die hij naar de twee broers in het uitzetcentrum wil brengen. Petit Pape is muzikant, hij woont zo’n zeven jaar in Zweden samen met zijn vriendin Julia Brandelius.

Twee weken voordat de broers zouden komen, bezocht een ander familielid uit Senegal hem: Samba. Ook diens vader woont in Groningen. Samba nam ook Flixbus van half zes ’s avonds op maandag en ook hij had eenzelfde Schengenvisum op zak. „Samba had geen enkel probleem”, zegt Petit Pape.

Op de ochtend dat de broers zouden arriveren, reed Petit Pape naar het station om ze af te halen. Zijn mobiel stond uit. Zodra hij deze aandoet, ziet hij de gemiste oproepen. „Ik belde meteen terug en hoorde dat ze bij de douane zaten”, zegt Petit Pape. „Geen probleem, dacht ik. Het is goed dat ze controleren.”

    • Mark Middel