Blower deelt genen met drinker, avonturier en schizofrenie-patiënt

DNA-onderzoek In een onderzoek onder 185.000 mensen zijn 35 genen gevonden waarin variatie invloed heeft op cannabisgebruik. Die genen zijn ook te vinden bij zware drinkers en mensen met schizofrenie.

Mensen die ooit cannabis hebben gerookt hebben vaker genvarianten in hun lichaamscellen die ook te vinden zijn bij mensen die roken, aan alcohol verslaafd zijn of zich riskant gedragen. Die genen worden ook gevonden bij mensen die openstaan voor nieuwe ervaringen, die wat zorgeloos zijn, niet zo nauwgezet, niet neurotisch en die een hoge opleiding hebben. En het zijn genvarianten die vaker voorkomen bij mensen met schizofrenie en andere geestesziekten. Genen die cannabisgebruik beïnvloeden hebben, kortom, ook invloed op persoonlijkheid en psychische gezondheid.

Dat schrijft een grote groep onderzoekers, verenigd in het International Cannabis Consortium en geleid door de Nijmeegse Radboud Universiteit, in een maandag gepubliceerd artikel in Nature Neuroscience. Ze baseren die conclusies op een onderzoek naar de genetische gegevens van bijna 185.000 mensen. Bijna 43 procent van die mensen had ooit in hun leven cannabis gebruikt. Eenmaal proberen was genoeg om als gebruiker mee te tellen. De onderzoekers vonden 35 genen waarin variatie invloed heeft op cannabisgebruik. De verschillen in die genen verklaarden 11 procent van het verschil tussen gebruikers en niet-gebruikers. De invloed van genen is daarmee niet bijster groot.

Ook uit dit onderzoek rolt weer dat genvolgorden die de kans op schizofrenie vergroten, en daarmee op bijvoorbeeld hallucinaties, de kans op cannabis roken verhogen. Er woedt al jarenlang een fel debat, ook in de politiek, over oorzaak en gevolg van cannabisgebruik en schizofrenie. Als cannabis schizofrenie bevordert kan dat een aanleiding zijn om cannabisgebruik krachtiger te ontmoedigen. Maar er zijn ook aanwijzingen dat mensen met aanleg voor schizofrenie hun eerste onrust dempen met cannabis. Cannabis is dan zelfmedicatie.

Dat laatste is het waarschijnlijkst, schrijven de onderzoekers. Met een nieuwe techniek (mendeliaanse randomisatie) onderzochten ze of er sprake is van oorzaak en gevolg – en of de cannabis of de schizofrenie-aanleg dan de oorzaak is. Schizofrenie-aanleg heeft cannabisgebruik tot gevolg, is de meest waarschijnlijke uitkomst, maar de conclusie wordt opgeschreven met een slag om de arm.

Zorgeloos en impulsief

Twee van de 35 gevonden genen hebben de grootste invloed. Die twee waren ook al gevonden in kleinere genetische studies naar cannabisgebruik. De risicoverhogende varianten van een van beide genen (het gen CADM2) zijn ook gevonden bij mensen die minder angstig, neurotisch en consciëntieus zijn. Ze zijn zorgeloos en impulsief. De riskante variant van het andere gen (NCAM1) is eerder gevonden bij mensen met stemmingsstoornissen en schizofrenie.

Een stel bij elkaar liggende genen die nog niet eerder met cannabis in verband werden gebracht, zijn bekend uit onderzoek naar autisme, schizofrenie, overgewicht en astma.

Een zwakte aan deze studie, de onderzoekers noemen dit zelf, is dat zelfs mensen die eenmaal cannabis rookten voluit meetellen als ‘gebruiker’. In een vervolgonderzoek wordt gekeken naar genen die een rol spelen bij hoeveelheid en frequentie van het cannabisgebruik, schrijft de Radboud Universiteit in een persbericht.

    • Wim Köhler