Spanning in de Formule 1 is niet te koop

Formule 1 De start van de Grote Prijs van België was spectaculair, de rest van de race voltrok zich zoals zo vaak volgens een voorspelbaar scenario.

Max Verstappen verveelde zich stierlijk tijdens de Belgische grand prix op het circuit van Spa-Francorchamps. Foto Stephanie Lecocq/EPAchamps

Of er misschien nog een buitje kwam. Ik kan het altijd vragen, moet Max Verstappen hebben gedacht in zijn auto. Ook al wist hij dondersgoed dat er geen regen verwacht werd. Je weet het nooit in Spa, waar het weer vaker veranderlijk is. Het komende uur niet, antwoordt zijn race-engineer via de boordradio. Sorry. Twintig seconden achter Lewis Hamilton (Mercedes), twintig seconden voor Sergio Perez (Force India); Verstappen verveelde zich dood tijdens de Belgische grand prix.

Mooi, die derde plaats, na vanaf de zevende positie te zijn gestart. En eindelijk succes op zijn thuiscircuit, na twee jaren van pech. Vader Jos werd in 1994 ook derde in Spa, al hoorde hij dat toen pas uren na de race. Maar toch: zo vader, zo zoon. Leuke inhaalactie ook op Esteban Ocon (Force India), in een gevecht zoals ze dat vroeger in de Formule 3 samen hadden.

Maar op het spektakel van de eerste paar ronden na was het vooral saai. De krachtsverhoudingen zijn zonder hulp vanuit de lucht voorspelbaar, en dat zijn ze al jaren. Fernando Alonso, na een heftige crash al in de eerste bocht uitgevallen, voerde als voorname reden voor zijn recente besluit volgend seizoen de Formule 1 te verlaten aan, dat de koningsklasse van de autosport te vaak een invuloefening is. „De actie op de baan is niet die waarover ik droomde toen ik in de Formule 1 kwam, of toen ik in een andere serie reed, of de actie op de baan die ik heb ervaren in andere jaren.”

Bijval

Hij gaf daarmee de discussie over de aantrekkelijkheid van de Formule 1 een nieuwe dimensie. Het is altijd onderwerp van gesprek, maar nu zei een coureur dat hij om die reden op zoek ging naar andere race-uitdagingen. Échte uitdagingen. Makkelijk praten, natuurlijk. Had hij niet bij het povere McLaren gereden de afgelopen jaren, maar een derde of vierde wereldtitel behaald bij Mercedes of Ferrari, dan was Alonso’s visie op de huidige stand van zaken vast anders geweest. Maar de Spanjaard kreeg afgelopen week bijval van Sean Bratches, namens de nieuwe eigenaar Liberty Media commercieel directeur van de Formule 1. Alonso had in diens ogen simpelweg gelijk.

Dat vonden andere coureurs ook. „Het is inderdaad voorspelbaar. De coureur moet meer invloed hebben”, zei Renault-rijder Carlos Sainz (Renault), die volgend seizoen het stoeltje van Alonso bij McLaren zal overnemen. „Het zal vrijwel onmogelijk zijn, maar ik zie graag minstens tien auto’s vechten om het podium”, liet Pierre Gasly (Toro Rosso) weten. Volgens Daniel Ricciardo (Red Bull) wordt het voor coureurs die nu in een winnende auto rijden, dan misschien lastiger om te winnen, maar zal de voldoening ook groter zijn. „We willen allemaal graag zien wie nu écht de beste is.”

Een nieuwe gedachte? Verre van. Het verleden moet ook zeker niet al te veel verheerlijkt worden, dominantie komt per tijdperk en is van alle tijden. Maar de huidige situatie heeft alles in zich van een breekpunt, vanwege de beloften van Liberty Media, dat begin vorig seizoen de leiding over de Formule 1 overnam van Bernie Ecclestone.

Het vertrouwen in de Amerikaanse eigenaren om de Formule 1 eerlijker, competitiever en onvoorspelbaarder te maken, is nog steeds groot. Eerdergenoemde coureurs waren op Spa eensgezind: geef ze de tijd, het is een proces.

Entertainment

Ruim anderhalf seizoen heeft het mediabedrijf nu de leiding over de Formule 1 en het stempel dat Liberty voorzichtig op de raceklasse heeft gedrukt, betreft voornamelijk entertainment. Vertrouwd terrein. Meer sociale media, festivals, een documentaireserie op Netflix; alles om de fans meer bij de sport te betrekken. De Formule 1 in beeld aantrekkelijker te maken voor het publiek, was ook een van de doelen van het entertainmentbedrijf. „21 Super Bowls”, zo zag zag grote baas Chase Carey de 21 grands prix het liefst, zei hij begin 2017.

Maar daadwerkelijk iets veranderen aan de spanning tijdens de races, blijkt zo eenvoudig nog niet. Volgend jaar worden de aërodynamicaregels aangepast en komen er bredere, minder ingenieuze voorvleugels op de auto’s. Hierdoor moeten inhaalacties een stuk eenvoudiger worden. Voor dit weekend zei Paddy Lowe, technisch hoofd bij het team van Williams, dat hij in de nieuwe regels de grootste verandering sinds 2009 ziet.

Alle hoop is gevestigd op 2021, wanneer een ingrijpend nieuw motorreglement de Formule 1 ingrijpend moet veranderen: gelijkwaardiger, goedkoper, simpeler. Ook in de hoop nieuwe motorfabrikanten te lokken.

Maar opeens was daar, in de aanloop naar Spa, het bericht van Ross Brawn, sportief directeur van de Formule 1. Er moest misschien niet te veel aan het jaartal 2021 vastgehouden worden. Eerst maar zien of er meer partijen motoren willen leveren. Brawn: „We moeten ons afvragen: willen we revolutie, of voorlopig evolutie?”

Red Bull-teambaas Horner en zijn Renault-collega Cyril Abiteboul waren in Spa ook sceptisch. De plannen zijn volgens hen wel héél ambitieus en Horner ziet de nieuwe regels niet voor 2023 worden ingevoerd. Dus moeten we vooral blij zijn dat Sebastian Vettel zo’n dominante overwinning boekte op Spa en zijn Ferrari op dit moment beter lijkt dan Hamiltons Mercedes. Het kampioenschap is in ieder geval nog lang niet beslist.

    • Frank Huiskamp