Spaans kabinet wil dictator Franco weghalen uit zijn mausoleum

Spanje

Ruim veertig jaar na zijn dood moeten de resten van Franco nog dit jaar worden opgegraven uit zijn praalgraf nabij Madrid. Volgens de nieuwe Spaanse linkse regering „kan een ex-dictator geen graf van de Staat hebben”.

Bezoekers rond het graf van de Spaanse ex-dictator Francisco Franco (1939-’75) Foto Andrea Comas/AP

De resten van de Spaanse oud-dictator Francisco Franco zullen nog voor het einde van het jaar worden weggehaald uit de ‘Vallei der Gevallenen’, nabij de hoofdstad Madrid. De familie van de oud-dictator – aan de macht van 1939 tot 1975 – krijgt twee weken de tijd om te bepalen waar ze hem willen herbegraven. Dit heeft de nieuwe Spaanse regering van de socialistische premier Pedro Sánchez vrijdag per decreet bepaald tijdens de wekelijkse ministerraad. Volgens vicepremier Calvo „kan een dictator in een stevige democratie zoals de Spaanse geen graf van de Staat hebben. Dat is onverenigbaar.”

Basiliek in een berg

Het opgraven van Franco moet volgens het kabinet een eind maken aan een maatschappelijk en politiek zeer gevoelige kwestie. Het praalgraf ligt in een enorme basiliek die El Generalísimo nog bij leven door (politieke) gevangenen en dwangarbeiders liet uithakken uit een berg. Bovenop het rijksmonument, dat wordt beheerd door een orde van benedictijnen, staat een tientallen meters hoog kruis.

José Antonio Primo de Rivera, de oprichter van de fascistische Falangepartij en doodgeschoten in 1936, kreeg er na de opening in 1959 een ereplaats. Franco zelf kwam daar na zijn dood in 1975 naast te liggen, al werd het monument oorspronkelijk niet als zijn mausoleum gebouwd. Daartoe werd pas na zijn dood besloten door verschillende betrokken partijen en de familie.

Lees ook dit verhaal over Spanjes ‘open zenuw’

In de crypte onder de basiliek liggen echter ook de resten van ruim 33.000 slachtoffers van de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939). Van beide zijden, dus ook van Franco’s republikeinse tegenstanders. Volgens Franco zou de Vallei dienen als een ‘verzoeningsmonument’, maar de plek blijft Spanjaarden tot op de dag van vandaag verdelen.

‘Geen oude wonden openen’

De afgelopen decennia lieten verschillende regeringen de kwestie liever rusten. Zo stelde de dit jaar afgezette premier Mariano Rajoy van de Partido Popular voorheen namens de conservatieve Spanjaarden: „Oude wonden openhalen leidt tot niets.”

Lees ook deze reportage uit 2011 over de Vallei

Onder druk van een nieuwe generatie Spanjaarden werd het na de Transitie naar democratie dichtgeslagen boek vanaf begin deze eeuw weer heropend. In 2007 voerde de centrum-linkse regering-Zapatero een wet door, die de slachtoffers van de Burgeroorlog erkende en gebood gedenktekens aan het Franco-regime te verwijderen. Hierdoor veranderden de afgelopen jaren in heel Spanje tal van straten van naam en werden standbeelden weggehaald.

Mogelijk naast weduwe

Het opgraven van Franco kwam vorig jaar weer op de agenda toen het parlement een motie daartoe aannam. Rajoy legde deze naast zich neer, zijn linkse opvolger Sánchez gaat haar nu alsnog uitvoeren.

De regering zal het graf van Primo de Rivera niet verwijderen, omdat hij wel gezien kan worden als slachtoffer uit de Burgeroorlog. Het is nog niet duidelijk waar het lichaam van Franco naartoe zal gaan. De nabestaanden van de dictator zijn tegen het weghalen van de resten. Mogelijk wordt hij naast zijn weduwe Carmen Polo op de Madrileense begraafplaats Mingorrubio van El Pardo herbegraven.

    • Koen Greven