Europarlementariër Schaake (D66) wil Europese Museumkaart

Museumkaart Met 2 miljoen euro van de EU kan een Europese Museumkaart naar Nederlands voorbeeld opgezet worden, stelt Marietje Schaake. Dat wordt een dure kaart, denkt de Museumvereniging.

"Maak museumbezoek laagdrempeliger": Marietje Schaake, lid van D66 en de ALDE in het Europees Parlement. Jonas Roosens

Een Museumkaart voor musea van Stockholm tot Palermo en van Brest tot Warschau. Dat wil D66-Europarlementariër Marietje Schaake. Deze week dient ze een amendement op de begroting van de Europese Unie in voor de „opstartkosten” van zo’n kaart, die zij heeft becijferd op 2 miljoen euro. Nadat van dat geld een ondersteunende infrastructuur is opgezet en de Europese Museumkaart is gepromoot, zou het systeem zichzelf moeten financieren, „net als in Nederland”.

Al tien jaar groeit de populariteit van de Museumkaart. De ruim 1 miljoen kaarthouders leverden de musea in 2017 zo'n 62 miljoen euro op.

In een toelichting zegt Schaake dat ze zich al langer afvraagt „waarom zo’n kaart er nog niet is”. Schaake: „Een Museumkaart zoals in Nederland, waarmee één kaart toegang geeft tot de meeste musea, bestaat niet op Europees niveau. En zo’n kaart, dat merk ik zelf, maakt museumbezoek laagdrempeliger, je loopt ook eens ergens binnen zonder dat je weet wat je te wachten staat. Met een Europese Museumkaart stimuleer je culturele uitwisseling, je ontsluit de culturele diversiteit van Europa voor nieuw publiek.”

Het principe achter de inderdaad zichzelf financierende Nederlandse Museumkaart is eenvoudig. Het bedrag dat kaarthouders voor de Museumkaart betalen, wordt jaarlijks door de Museumvereniging verdeeld onder de deelnemende musea. Dit gebeurt op basis van de toegangsprijs en het aantal kaartbezoeken dat musea krijgen. Zo’n tien procent van het geld is bestemd voor marketing, overhead en onderhoud van de technische infrastructuur (aangepaste kassasystemen).

Nederlandse Museumkaart duurder

Juist deze week werd bekend dat de Nederlandse Museumkaart vanaf 1 oktober 5 euro duurder wordt, voortaan kost die 64,90. Daar zijn twee redenen voor: duurdere kaartjes van musea (van gemiddeld 9 euro in 2012 naar 11 euro in 2017) en meer museumbezoek per kaarthouder (van 5,7 bezoeken in 2012 naar 6,6 in 2017). In Nederland is de Museumkaart goed voor ruim 10 procent van de eigen inkomsten van musea. Zo’n 400 musea zijn aangesloten.

In een reactie noemt de Museumvereniging het initiatief van Europarlementariër Schaake „lovenswaardig”. Ook minister van Cultuur Ingrid van Engelshoven (D66) laat zich positief uit: „De Museumkaart in Nederland is een groot succes. Zo’n Europese kaart geeft iedereen de kans kennis te maken met het Europees erfgoed en onze geschiedenis.”

Iemand om samen mee naar het museum te gaan: de Museumkaart Match is een online datingplatform dat in een grote behoefte voorziet.

Tegelijk wijst de Museumvereniging op mogelijke concurrentie met bestaande, nationale en zelfs regionale museumkaarten. Ook zou een Europese kaart „een stuk duurder moeten worden”, aldus de woordvoerder, onder meer doordat meer verschillende soorten kassa’s en databases op elkaar moeten worden aangesloten. De woordvoerder: „De gemiddelde Europeaan bezoekt veel meer binnenlandse musea, waardoor een nationale kaart aantrekkelijker is.” 

De Museumvereniging heeft nog onlangs zusterorganisaties in Finland en België geholpen bij de totstandkoming van een nationale Museumkaart.

    • Gretha Pama