‘Daar zat ik dan bij het graf van mijn held’

Felix de Haas (acupuncturist, 55) bezocht het graf van Avicenna in de Iraanse stad Hamadan.

Felix de Haas bij het graf van Avicenna in Hamadan.

‘Ik maakte een reis door Iran en toen ik de oude stad Hamadan passeerde, vertelden Iraanse vrienden mij dat daar Ibn Sina (in het Westen beter bekend als Avicenna) begraven lag. Ik was opgetogen, want deze elfde-eeuwse arts en filosoof was al lang een grote held van mij. Ik wilde dolgraag een bezoek aan zijn graf brengen.

Wat Ibn Sina voor mij zo bijzonder maakt, is zijn enorme veelzijdigheid: hij wist niet alleen veel van geneeskunde, maar ook van astronomie, geologie, wiskunde en natuurkunde, om maar wat te noemen. En als filosoof probeerde hij ratio en geloof aan elkaar te verbinden.

Zijn grootste verdienste is dat hij alle medische kennis die toen beschikbaar was, verzamelde in een enorm boekwerk, de Canon van de Geneeskunde. Tot aan de achttiende eeuw was dit een medisch standaardwerk op alle Europese universiteiten. Ik ben zelf acupuncturist en gespecialiseerd in oosterse geneeskunde en ik heb de Canon van Ibn Sina thuis in mijn boekenkast staan. Ik heb er veel in gelezen en de kennis die hij daarin heeft verzameld, is verbluffend. Zo wist hij voor een groot deel al hoe de menselijke anatomie en het zenuwstelsel in elkaar staken.

Geen toegang

Mijn bezoek aan zijn graf verliep niet helemaal zonder hindernissen. In Hamadan is een heel mausoleum voor Ibn Sina gebouwd, maar het werkelijke graf ligt beneden. Ik werd daar echter niet toegelaten omdat er een besloten expositie van tekeningen over ayatollah Khomeini was. Ibn Sina zou zich in zijn graf hebben omgedraaid als hij het had geweten. Hij was wel gelovig, maar hij hechtte grote waarde aan kritisch denken – iets waar de orthodoxe geestelijken in zijn tijd al een hekel aan hadden.

Teleurgesteld ging ik maar naar boven, naar het monument dat Farah Diba, de vrouw van de voormalige sjah, voor Ibn Sina heeft laten bouwen. Ik stond in stilte bij dat monument en bezocht ook het museum waar ik oude medische geschriften en instrumenten bekeek – in Ibn Sina’s tijd konden Perzische artsen al goed opereren.

‘Befarme’, oftewel ga uw gang

Net toen ik besloot te vertrekken, zag ik dat het hekje dat toegang bood tot het graf van Ibn Sina openstond, terwijl het eerder gesloten was. Ik vroeg de bewaker in mijn beste Farsi of ik toch even naar binnen mocht. En ja hoor, hij zei befarme – ga uw gang. Daar zat ik dan bij het graf van mijn held, echt een heel bijzonder moment.

Het mooie aan Ibn Sina was zijn brede blik. Ik voel me wat dat betreft aan hem verwant – al kan ik mezelf natuurlijk op geen enkele manier met hem meten. Ik heb een heel brede belangstelling die veel verder gaat dan alleen medische kennis. Het fijne van zo’n brede interesse is dat je enthousiasme voortdurend wordt gewekt en dat je veel dingen in perspectief kunt plaatsen. Dat kon Ibn Sina als geen ander.

Als het gaat om de moderne geneeskunde, vind ik dat onze huidige blik is vernauwd vergeleken met die van Ibn Sina. De veelzijdigheid die hij als denker en wetenschapper bezat, bestaat niet meer. Wetenschappers weten nu misschien veel meer dan hij, maar dan vaak van slechts één enkel onderwerp. Het is natuurlijk goed dat de geneeskunde zich verder ontwikkelt, maar ik zie die vernauwing ook als een verlies. Nog niet zo lang geleden studeerde je als arts in opleiding naast geneeskunde ook filosofie. Dat is allemaal verloren gegaan.

De encyclopedische mens bestaat niet meer. Mede daarom was mijn bezoek aan het graf van Ibn Sina zo’n memorabele gebeurtenis. En ik houd het erop dat hij het was die speciaal dat hekje voor mij heeft opengezet – zodat ik hem toch even een bezoekje kon brengen.

Dit is de laatste aflevering van de zomerserie ‘Op bedevaart’.
    • Renate van der Zee