Fed-baas Powell moet bewijzen dat hij niet in Trumps zak zit

Monetair beleid

De nieuwe Fed-baas Jerome Powell zit bij de jaarvergadering van centrale bankiers, vanaf donderdag in het Amerikaanse Jackson Hole, in een lastig parket: president Trump is niet blij met zijn rentebeleid.

President Trump 'staat niet te juichen' bij de renteverhogingen door de Fed. Foto Reuters/Carlos Barria

Wordt het ‘America First’ in Jackson Hole? Op de jaarlijkse internationale conferentie van centrale bankiers in de Amerikaanse staat Wyoming zijn alle ogen gericht op Jerome Powell. De topman van de Amerikaanse Federal Reserve volgde begin dit jaar Janet Yellen op.

Powell zette het beleid van geleidelijke renteverhogingen voort dat door zijn voorgangster in gang was gezet. De vraag is hoe lang hij nog op die voet verder kan. De Amerikaanse economie groeide het afgelopen kwartaal met 4 procent, de werkloosheid is officieel gedaald tot 3,9 procent. De inflatie loopt op naar 2,9 procent en de kerninflatie, dus zonder energie en voeding, bedraagt nu 1,9 procent. Op Wall Street braken de aandelenkoersen woensdag het duurrecord van de langstlopende bull market, een stijgende lijn zonder een koerscorrectie van meer dan 20 procent, in de geschiedenis: 3.453 dagen. De S&P-index bereikte bovendien een all time high.

Al wordt er in Jackson Hole gediscussieerd over de vraag of de inflatie wellicht lager blijft dan gedacht, door het afnemen van de productiviteit, toch zijn het op dit moment de omstandigheden niet om een al te los rentebeleid te voeren. Voor de rest van dit jaar verwachten analisten nog Amerikaanse renteverhogingen met een kwart procentpunt, waardoor de geldmarktrente eind dit jaar op 2,5 procent staat.

De Fed heeft bovendien nog zo’n 4.035 miljard dollar aan staats- en bedrijfsleningen op zijn balans staan – grotendeels een gevolg van het opkoopbeleid van na de financiële crisis. Ook dat moet een keer worden afgebouwd. Al was het maar om bij een volgende recessie voldoende monetaire vuurkracht te hebben om met renteverlagingen en nieuwe aankopen op te kunnen treden – een luxe die de Europese Centrale Bank overigens nog lang niet heeft. In de eurozone staat de rente op nul en wordt het bestaande opkoopprogramma per oktober pas afgebouwd.

De dollar is wereldmunt

Tegenover de noodzaak de rente op te schroeven staan twee overwegingen die Powell ertoe kunnen brengen het rustiger aan te doen. En opmerkelijk genoeg zijn die krachten elkaars tegenpool. Allereerst is er de internationale rol van de Amerikaanse centrale bank. De dollar is, ondanks de opkomst van rivalen als de Chinese yuan, de onbetwiste wereldmunt. Juist in het afgelopen halfjaar werd duidelijk dat in veel opkomende landen door overheden of bedrijven in dollars is geleend, tot een totaalbedrag van, volgens de bankenclub IIF, rond de 270 miljard dollar. De reden lag voor de hand: de rente op dollars was veel lager dan die in het betreffende land zelf. En zolang de wisselkoers met de dollar stabiel was, waren dollarleningen hoogst lucratief.

Het opschroeven van de Amerikaanse rente maakt dergelijke leningen nu duurder. En naarmate landen in de problemen komen, ontstaat er neerwaartse druk op de nationale munten. Dat resulteert in een koersstijging van de dollar, die het probleem alleen maar erger maakt. In het verleden brachten zulke omstandigheden de Fed er soms toe het tempo van de rentestappen te verlagen of zelfs de rente te verlagen. De Azië-crisis van 1997-1998 is er een voorbeeld van.

Het is nu de vraag of Amerika, en zijn centrale bank, die mondiale verantwoordelijkheid nog voelen nu de VS zich op tal van terreinen uit het internationale overleg terugtrekken. En of Powell zich, gezien het risico van oververhitting thuis, zo’n mondiaal beleid sowieso wel kan permitteren.

Trump staat niet te juichen

De tweede overweging komt uit een andere hoek: president Trump liet begin deze week aan persbureau Reuters weten dat hij ‘niet staat te juichen’ (I’m not thrilled) bij de renteverhogingen door de Fed. Nu is Trump daar wel consistent in – bij de verkiezingen had hij al scherpe kritiek op de Fed. Maar een president in functie die zich uitlaat over het monetaire beleid is hoogst ongebruikelijk.

Daar komt bij dat de renteverhogingen resulteren in een sterkere dollar. Voor een president die het terugdringen van het handelstekort van de VS tot prioriteit heeft gemaakt, is dat een hoogst onwelkome ontwikkeling.

De dollar verloor bijna twee procent van zijn waarde na Trumps uitlatingen. Maar een te grote verzwakking is, gezien de opwaartse druk op de inflatie die dat via de invoerprijzen teweeg kan brengen, weer slecht nieuws voor de inflatiebestrijders van de Fed.

Zo zijn de marges krap voor Powell. Hij moet bewijzen dat hij niet in de zak van Trump zit. En hij zal moeten uitkijken dat hij niet nu al door het Witte Huis wordt voorgesorteerd voor de hoek waar de klappen vallen. Want als de beurs keldert, of er een recessie komt, dan zal weinig de president ervan weerhouden de schuld daarvoor af te schuiven op zijn centrale bankier. Die laatste rest in Jackson Hole maar één optie: soeverein zijn eigen koers varen, en doen alsof hij de kritiek niet heeft gehoord.

Lees ook: Belangrijk thema in Jackson Hole: de toenemende macht van grote bedrijven
    • Maarten Schinkel