De winsten gaan omhoog, de lonen niet

Machtsconcentratie

Belangrijk thema in Jackson Hole, waar de centrale bankiers vergaderen: de toenemende macht van grote bedrijven. Het kan een verklaring zijn voor de wereldwijd achterblijvende lonen en inflatie.

De berg Grand Teton is te zien vanaf de Jackson Lake Lodge, waar centrale bankiers vergaderen Foto Bloomberg/David Paul Morris

Het thema op Jackson Hole, de vergadering van centrale bankiers, is dit jaar de toenemende macht van grote bedrijven. Of, zoals het officiële persbericht het samenvat: ‘Recente ontwikkelingen suggereren dat grootbedrijven vandaag meer macht hebben dan in het verleden, waardoor de concurrentie in vele industrieën mogelijk is gedaald.’ Een monopolieachtige marktstructuur neemt de prikkels weg om de productiviteit en investeringen op peil te houden. Ook is machtsverhouding tussen de werkgever en werknemer dan disproprotioneel, met stagnerende lonen tot gevolg: precies de kenmerken die passen bij het beeld van de mondiale economie na de financiële crisis. Tijdens Jackson Hole gaan centrale bankiers, geholpen door academici, met elkaar in gesprek over wat voor gevolgen dit zou moeten hebben voor toekomstig rentebeleid.

Het bewijs dat steeds meer winst zich concentreert bij een kleiner aantal bedrijven, neemt de laatste jaren toe. Onlangs heeft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) recente wetenschappelijke literatuur over dit thema verzameld met dezelfde uitkomst.

Lees ook deze analyse: De Nederlandse economie maakt een groeispurt door, maar de lonen stijgen niet mee. Hoe kan dat?

De discussie rond dit thema werd afgetrapt door een artikel uit 2015 van Jason Furman, die toen voorzitter was van de Economische Raad van Obama. Furman concludeerde dat door fusies en overnames „een steeds groter percentage van Amerikaanse bedrijven van abnormaal hoge rendementen geniet”. In 10 van de 13 sectoren waar Furman naar heeft gekeken, is de concentratie van totale inkomsten bij de 50 grootste bedrijven toegenomen, in de periode van 1997 tot 2007.

Winstmarge

Maar ook andere indicatoren, zoals de aanhoudende groei van winsten en het gedaalde aantal toetredende bedrijven wijzen erop dat „de machtpositie van bestaande bedrijven steeds meer verankerd wordt”, schrijft de OESO. Een opvallend voorbeeld is dat de winstmarge van Amerikaanse bedrijven in 2014 een niveau van 67 procent heeft bereikt. In de periode 1950-1980 was dat nog 20 procent. Over het algemeen geldt, hoe meer concurrentie, hoe kleiner de winstmarge die een bedrijf kan vragen.

Overigens ziet het plaatje in Europa er anders uit, blijkt uit een artikel van Tommaso Valletti, hoofdeconoom Concurrentie bij de Europese Commissie. Hij keek naar de cijfers in Duitsland, Frankrijk, het VK, Italië en Spanje. Valletti heeft geen veranderingen kunnen aantonen in marktconcentratie in de periode 2010-2015. De groei van bedrijfswinsten, die wereldwijd harder groeien dan de totale economie, gaat in Europa wel net zo hard als in de VS.

Afnemende concurrentie en de concentratie van macht bij bedrijven kan een oorzaak zijn van de achterblijvende lonen, een wereldwijd fenomeen dat economen sinds de crisis proberen te verklaren. Met steeds grotere en machtigere werkgevers is het voor werknemers moeilijker een gesprek te voeren over hogere lonen en betere werkomstandigheden.

„De lonen groeien al sinds de jaren 80 minder snel dan de economie”, schreef het Internationale Monetaire Fonds in een analyse vorig jaar. Het dieptepunt werd in 2008 bereikt en de lonen zijn sindsdien amper hersteld, in tegenstelling tot de economische groei.

Hoofdpijn

De achterblijvende stijging van de lonen is ook de oorzaak van de aanhoudend lage inflatie, die centrale bankiers al jaren hoofdpijn bezorgt. In de VS is de inflatie alleen in het laatste kwartaal voor het eerst in zes jaar aanzienlijk omhoog geklommen, boven de doelstelling van 2 procent. Maar nog vorig jaar was de inflatie onverklaarbaar laag, in verhouding tot de recordkrapte op de arbeidsmarkt en de sterke economische groei. De vraag is of de recente opleving in inflatie voldoende aanleiding geeft om de rente verder te verhogen.

Lees meer Jackson Hole: Fed-baas Powell moet bewijzen dat hij niet in Trumps zak zit

Binnen de centrale bank van de VS, de Fed, is er daarom veel discussie over de toekomstige beleidskoers. Voorstanders van renteverhogingen beweren dat de inflatie verder gaat stijgen naar een gevaarlijk hoog niveau. Tegenstanders van renteverhogingen vinden dit onwaarschijnlijk. Zij beweren dat de inflatie zo lang zo tam is geweest vanwege de structurele veranderingen in de economie. Dus een plotselinge explosie van inflatie ligt niet voor de hand.

Maar centrale bankiers kunnen ook kiezen voor een wat minder conventionele gedachtewisseling. Net buiten hun hotel, op het gras, heeft de protestgroep ‘Fed up’ kamp opgezet met het doel om beleidsmakers te prikkelen. ‘Fed up’ is opgericht om aandacht te vragen voor onderbetaling en mensen die werk lijken te hebben, maar van het ene naar het andere contract hoppen. De groep verzet zich tegen renteverhogingen, die werkgelegenheid onder druk zetten. Hun betoog is dat de Federal Reserve zelf veel twijfels heeft over het eigen beleid, maar toch kiest om de rente te verhogen: ‘The Fed wants us unemployed and it doesn’t even know why.’

    • Alina Borovítskaya