Rijkswaterstaat spendeert miljoen euro aan onbruikbare speedboten

De boten kunnen omslaan wanneer zij harder dan 11 kilometer per uur over ruwe zee varen. Dat maakt ze praktisch nutteloos.

Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (VVD). Foto ANP/ Jerry Lampen

Rijkswaterstaat heeft in 2015 in totaal een miljoen euro uitgegeven aan twee speedboten die na de oplevering niet geschikt bleken voor het beoogde doel. De boten blijken bij hoge, steile golven niet snel genoeg. Dat meldt de Volkskrant, die een beroep deed op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).

Verantwoordelijk minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat, VVD) heeft maandagavond de Tweede Kamer ingelicht over de mislukte aanbesteding. Daaruit bleek dat de twee speedboten bedoeld waren ter ondersteuning van de Barend Biesheuvel, het grootste inspectieschip van de Kustwacht dat vissers op zee controleert. Het schip heeft twee speedboten bij zich om snel ter plaatse te kunnen zijn voor controles.

Kans op omslaan

Maar de vorig jaar geleverde speedboten zijn onbruikbaar voor deze taak omdat zij bij de gebruikelijke ruwe zee niet op hoge snelheid kunnen varen. Uit praktijktests bleek dat de speedboten het type RHIB (Rigged-Hull Inflatable Boat) over de kop kunnen slaan wanneer zij sneller dan 6 knopen (iets meer dan 11 kilometer per uur) varen. De topsnelheid van de boten ligt op ongeveer 60 kilometer per uur.

De verantwoordelijkheid van de foute aanbesteding ligt niet bij de Italiaanse leverancier Arimar, blijkt uit het Wob-verzoek. Rijkswaterstaat formuleerde zelf de prestatie-eisen waaraan de boten moesten voldoen verkeerd.

Verkoop mislukt

Omdat het type speedboten niet konden worden ingezet voor de Barend Biesheuvel, is gekeken naar mogelijke inzetbaarheid bij andere taakuitvoering door de Rijksrederij. Ook bij andere kustwateren en binnenwateren bleek dat niet het geval. De overheidsdienst heeft vorig jaar geprobeerd de twee boten te veilen vanaf een prijs van 75.000 euro per stuk, niemand toonde interesse.

    • Chris Koenis