Liefdesverdriet dodelijk voor ‘meisjesgek’ Bredero

Literair jubileum Een historicus komt bij de 400ste sterfdag van Bredero met een boek met nieuwe inzichten over de Gouden Eeuwdichter.

Monument voor Bredero op de Nieuwmarkt van Amsterdam, door Piet Esser, met Jerolimo en een ‘deerne’ uit de Spaanschen Brabander. Foto Shutterstock

Zelfmoord is de aan zekerheid grenzende doodsoorzaak van de zeventiende eeuwse Amsterdamse dichter G.A. Bredero. Tot die conclusie komt literair historicus René van Stipriaan deze dinsdag in zijn biografie De hartenjager. Leven, werk en roem van Gerbrandt Adriaensz. Bredero. De kwestie van de oorzaak van de vroege dood van de dichter heeft generaties neerlandici beziggehouden. Na nauwgezette lezing van Bredero’s poëzie, toneelwerk, getuigenissen van kort na zijn overlijden en documenten komt Van Stipriaan tot zijn slotsom.

Bredero stierf vierhonderd jaar geleden, in de ochtend van 23 augustus 1618. Hij was drieëndertig jaar, ongehuwd. Over de oorzaak van zijn vroege dood is door de eeuwen heen veel gespeculeerd: werd de dichter geveld door de gevolgen van een longaandoening nadat hij door het ijs was gezakt in 1617 of door liefdesverdriet?

De zwarte zijde van de auteur van blijspelen als ‘Spaanschen Brabander’ is minder bekend

Zelfmoord hing in de lucht

Deze zwarte zijde is niet het eerste waaraan gedacht wordt bij de auteur van een blijspel als Spaanschen Brabander (1617) of de Klucht van de koe (1612). Bredero werd op 16 maart 1585 aan de Nes in Amsterdam geboren en verkeerde jong in de hoogste literaire kringen. Als dichter van het Geestigh liedt-boecxken (1616) werd hij veel gelezen. Van Stipriaan analyseert niet alleen het oeuvre, ook plaatst hij het in de bredere context van zijn tijd. Zelfmoord hing zelfs, aldus de biograaf, „in de lucht”. Als literair motief komt het ook bij P.C. Hooft voor. Dichter en predikant Barlaeus doodde zichzelf door in een waterput te springen. Bredero zette zich in zijn werk neer als een „meisjesgek”. Of zijn levenswandel echt ruig was, zoals vaak wordt gedacht, lijkt niet aannemelijk. In korte tijd schreef hij immers een groot oeuvre.

Beslissend in Van Stipriaans zoektocht is het onvoltooide toneelstuk Angeniet, waaraan Bredero in 1618 begon. Hierin zinspeelt hij op zelfmoord als enige uitweg van het „ellendich” lot van minnaars. De vrouw die een cruciale rol speelt is de negentienjarige wees Magdalena Stockmans die hij rond de jaarwisseling van 1617-1618 ontmoette. Maar er was een rivaal, de twintig jaar oudere Antwerpse koopman Isaac van der Voort. In juni 1618, twee maanden voor Bredero’s dood, trouwde zij met de „bruyne Brabander”, zoals de dichter hem noemde, en vertrok ze met hem naar Italië.

Een van de belangrijkste bewijzen van Bredero’s liefdespijn is de voltooiing van Angeniet door de jongere collega-dichter Jan Jansz. Starter. Die voert de geest van Bredero op die laat weten in de dood eindelijk „groote rust voor mijn ghemoedt” te vinden.

Een ander aanwijzing schuilt in het gedicht Oogen vol maiesteijt dat Bredero na het huwelijk van ‘Mademoiselle Madame Madalena Stocmans’ naar Rome stuurde, in juli 1618. Het is zeker dat Magdalena het wanhopige gedicht ontving, want het bevindt zich in haar nalatenschap. Ze heeft waarschijnlijk nooit gereageerd. Het aangrijpende gedicht vol „nerveus voortflakkerende liefde” is volgens de biograaf een „bittere noodkreet”. Regisseur en acteur Hans Croiset, die in 1961 speelde in de Spaanschen Brabander en Moortje regisseerde bij het Nationale Toneel in 1993 had nooit aan zelfmoord gedacht. Wel wist hij van de „raadselachtige dood en duistere zijde van Bredero”. Croiset roemt Bredero’s „opmerkingsgave” en is ervan overtuigd dat Bredero, als hij langer had geleefd, een groot toneelschrijver was geworden. Daarom verbaast het hem dat in dit jubileumjaar geen van de repertoiregezelschappen een stuk van hem opvoert.

„Liefdesverdriet is niet direct dodelijk”, schrijft Van Stipriaan, maar „de effecten van liefdesverdriet – stress, depressiviteit – kunnen op de lange duur een sterk gezondheidsondermijnend effect hebben” en leiden tot „het sinisterste: de uiterste wanhoopsdaad. Dat is waar zijn tijdgenoten op zinspelen, en waarop ik mijn conclusie baseer.”

Jubileumviering Bredero – 400 jaar ’t Kan verkeeren! M.m.v. René van Stipriaan, Hans Croiset, Mark Rietman, Herman Pleij e.a. OBA Amsterdam, 23/8 Inl.: bredero2018.nl

Praten over zelfdoding kan bij de landelijke hulplijn 113 Zelfmoordpreventie. Telefoon 0900-0113 of www.113.nl.

    • Kester Freriks