Opinie

    • Felix Klos

D66, vorm nieuwe fractie met Macron in Europarlement

Een helder, pro-Europees geluid is urgenter dan ooit, betoogt .

Een nieuwe generatie Europese kiezers dreigt het slachtoffer te worden van dezelfde nationalistische krachten die de Britten al in hun Brexitnachtmerrie hebben gestort. Onder aansporing van de politieke sloper Steve Bannon is een ultrarechts verbond in wording. Onderling versnipperd, maar eensgezind over een simplistische boodschap: alles komt goed als de Europese Unie maar kapot gaat. Wat er voor in de plaats komt, krijgt de kiezer – in een lange en mistroostige traditie van demagogen – niet te horen.

Wat komt daar tegenover te staan? De technocratische ‘business as usual’ van de Europese politiek is in de aanloop naar de Europese verkiezingen van 2019 niet genoeg. Het ideaal van Europese eenheid moet niet alleen verdedigd, maar ook nieuw leven worden ingeblazen. Een nieuwe generatie moet een helder pro-Europees geluid laten horen, gebaseerd op de historische en actuele noodzaak van de EU.

President Macron is de belichaming van die gedachte. In Europa wil hij doen wat hij in Frankrijk met zijn partij En Marche al gedaan heeft: het partijensysteem opschudden. Zijn bedoeling is een herkenbare, eensgezinde, radicaal pro-Europese politiek te voeren met een nieuwe fractie in het Europees Parlement. Afgelopen juni meldden de voorzitters van En Marche en de geestverwante Spaanse burgerpartij Ciudadanos aan een gezamenlijk programma te werken. Progressieve partijen in Europa kunnen zich daaraan verbinden. Mijn partij, D66, moet die uitgestoken hand aannemen.

Breuklijn pro en anti

De Europese kiezers zullen in het huidige klimaat vooral stemmen langs de breuklijn pro- versus anti-EU. De volksvertegenwoordiger die met een pro-Europese stem naar Straatsburg en Brussel wordt gestuurd, heeft als nooit te voren de plicht dat geluid zo helder mogelijk te laten horen. Maar de Nederlandse kiezer ziet gezichten, namen en ideeën van nationale partijen, terwijl die volksvertegenwoordigers in EP-fracties terechtkomen die hij nauwelijks kent.

Die fracties rusten vaak op achterhaalde verbonden. Zo maakt D66 deel uit van ALDE, een alliantie van liberaal-democraten. Die alliantie is in 1976 ontstaan door het samengaan van Europese politici die streefden naar vrijheid van het individu en mensenrechten, burgerrechten en de garantie van politieke rechten voor álle Europeanen. Dat is onverminderd urgent, maar de realiteit van 1976 is een andere dan die van 2018. D66 kan zich nu geen verbinding veroorloven met partijen die hun terughoudendheid of regelrechte oppositie ten opzichte van het Europese ideaal kenbaar maken.

Het conservatieve Venstre uit Denemarken papt al jaren aan met het Deense equivalent van de PVV. De Tsjechische ANO-partij van premier Andrej Babis wil de zuidgrens van Europa sluiten; hij maakt de gevaarlijke denkfout dat een onzalig verbond met de anti-migratie-extremisten de EU kan behoeden voor meer eurofobie.

‘Binding met onbekende mensen’

Zelfs de oorspronkelijke missie van de liberale alliantie wordt geweld aan gedaan door sommigen van haar meest zichtbare vertegenwoordigers. Hoe wordt de individuele vrijheid gediend door het regeringsbesluit van de Roemeense rechts-liberale partij corruptie te legaliseren? Hoe denkt de Nederlandse VVD-minister van Buitenlandse Zaken bij te dragen aan gelijke burgerrechten wanneer hij zegt dat „we waarschijnlijk ergens diep in onze genen niet in staat zijn om een binding aan te gaan met ons onbekende mensen”?

Lees ook: Stef Blok in het spoor van de westerse samoerai

Op dit moment in de geschiedenis hebben pro-Europese krachten niet de luxe om op die voet verder te gaan. Doorgaan met de ALDE-fractie in de huidige vorm is geen optie. Waar nationalistische stromingen zich unisono tegen de Europese eenheid keren, kan het brede pro-Europese midden niet in verdeeldheid blijven hangen.

De aangewezen partners voor D66 zijn idealistische, progressieve en onbeschroomd pro-Europese partijen. Met een radicaal programma om de dreigende klimaatramp te stoppen, de groeiende ongelijkheid terug te dringen, een Europese markt te bouwen die werkt voor iedereen en voor een echte Europese rechtsstaat en democratie. Die agenda moet de gezamenlijke inbreng domineren van alle pro-Europese krachten. Zitten daar risico’s aan? Ja. Maar schoorvoetend aan de oever van de rivier blijven staan, bang om over te steken, is geen optie.

    • Felix Klos