Opinie

    • Christiaan Weijts

Schreeuwende zebrapaden

Precies toen mijn schoonvader eindelijk een afspraak maakte om zich aan zijn staar te laten opereren, kwam Google Assistent in Nederland beschikbaar. Als halfblinde is hij zo in z’n nopjes met dat spraakhulpje dat ik haar uiteindelijk ook maar activeerde. „Hallo, hoe kan ik je helpen?”

De zegeningen van het kwebbelen tegen mijn telefoonscherm heb ik nog niet ontdekt. Het virtuele sloofje is vooral kindervermaak („zing eens een liedje”). Pas toen ik, na wat geklungel, mijn eerste spraakgestuurde e-mail had verzonden, realiseerde ik me het: deze hele technologie is ooit natuurlijk juist ontwikkeld voor slechtzienden, rsi-patiënten en Stephen Hawking, zoals ook de eerste afstandsbedieningen vooral vanuit ziekenhuisbedden werden bediend.

Het leek me ineens een wetmatigheid: eerst zijn hulpmiddelen er voor zwakken en zieken, dan maakt de kerngezonde Silicon Valley-jeugd er hebbedingetjes van, dan slepen we die lacherig mee naar verjaardagsfeestjes, dan zijn ze onmisbaar. Maar kent u de laatste stap ook? Als de cirkel rond is en die speeltjes ons veranderen in mensen met beperkingen, die niet meer kunnen schrijven, hoofdrekenen, kaartlezen of van de bank naar de tv lopen.

Dit verschijnsel beperkt zich niet tot technologie. Neem spoorwegovergangen. Daarvan gaan er nu, na een succesexperiment in Baarn, steeds meer knalgeel geverfd worden, voor de veiligheid. Bij die ingreep kun je je moeilijk een andere doelgroep voorstellen dan verstandelijk ietsjes minder begaafden, die zelfs bij gesloten slagbomen, signaallicht en getingel nog argeloos oversteken. Lacherig tonen we elkaar op feestjes de foto’s van zulke banaangele overgangen. Maar over een paar jaar klagen we: waarom is deze overgang nog niet geel? Lévensgevaarlijk! En ten slotte verliezen we ons vermogen om uit te kijken of er een trein aankomt.

Dat is de keerzijde van het faciliteren van luiheid, domheid en gemakzucht. Je baart een achteroverleunwereld waar zelfredzaamheid is uitgebannen en eigen verantwoordelijkheid gedelegeerd is aan schreeuwende zebrapaden en pratende broekzakhulpjes.

„De veiligste spoorwegovergang is geen spoorwegovergang”, is het credo van ProRail, dat er daarom naar streeft om binnen dertig jaar álle overgangen te vervangen door tunnels en viaducten. Best een investering voor gemiddeld elf doden per jaar. Ter vergelijking: vorig jaar kwamen 206 fietsers om in het verkeer.

Begrijp me goed, die onbewaakte overgangen moet je meteen beveiligen, maar de overige overwegongelukken komen meestal door gevaarlijk gedrag. Verantwoordelijk handelen stimuleren lijkt me een slimmere besteding dan de hele maatschappij inrichten naar de laksheid van een handjevol idioten. Daarmee zeg je tegen de rest dat zij ook achterover mogen leunen, om de wereld te kunnen commanderen met hun stem.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek iedere vrijdag een column.
    • Christiaan Weijts