Rechtszaak over moord op Kim Jong-nam in november van start

Volgens een Maleisische rechter is er voldoende bewijs tegen twee vrouwelijke verdachten om de zaak voort te zetten.

De twee vrouwen worden verdacht van de moord op Kim Jong-nam, de halfbroer van de Noord-Koreaanse leider. Foto: Manan Vatsyayana/AFP

De rechtbank in Maleisië heeft donderdag besloten dat de rechtszaak over de moord op Kim Jong-nam, de halfbroer van de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un, in november van start gaat. Volgens de rechter is er voldoende bewijs tegen twee vrouwelijke verdachten om de zaak voort te zetten. Dat meldt persbureau AP.

Kim Jong-nam werd vorig jaar vermoord met zenuwgas op de luchthaven van Kuala Lumpur. De vrouwen worden ervan verdacht het gas in het gezicht van Kim Jong-nam te hebben gespoten. Ze werden kort na de aanval gearresteerd.

Lees dit portret van Kim Jong-nam: Kims halfbroer was niet machiavellistisch genoeg

Ongeloofwaardig

De vrouwen beweren in de veronderstelling te zijn geweest dat ze meededen aan een grap voor een televisieprogramma met een verborgen camera. De rechter zei de verklaring van de twee vrouwen ongeloofwaardig te vinden.

Volgens de rechter was er sprake van een “goed georganiseerde samenzwering” tussen de twee vrouwen en vier Noord-Koreaanse mannen om de halfbroer te doden. De rechter zei niet te kunnen uitsluiten dat dit een politiek gemotiveerde moord was, al benadrukte hij dat hier geen concreet bewijs voor is.

De advocaat van de vrouwen zei teleurgesteld te zijn “maar dit betekent niet dat de rechtbank ze schuldig heeft bevonden; de rechter wil ook hun kant van het verhaal horen”.

Volgens het Openbaar Ministerie hebben de vier Noord-Koreaanse mannen de twee vrouwen gerekruteerd, getraind en voorzien van het zenuwgas. Op beveiligingsbeelden van de luchthaven is te zien dat de twee vrouwen wegrennen nadat ze Kim Jong-nam hadden aangevallen. Volgens de rechter was het duidelijk dat de vrouwen naar het toilet renden om het gas van hun handen te wassen. De vier mannen zitten niet vast en zijn gevlucht naar Noord-Korea.

Tegengif

In december werd bekend dat Kim Jong-nam tegengif bij zich had op het moment dat hij werd vermoord. Dit zou erop kunnen wijzen dat hij er rekening mee hield dat hij zou worden vermoord. Het is niet duidelijk waarom hij het tegengif niet heeft gebruikt.

Kim Jong-nam leefde in ballingschap in China en bekritiseerde zijn familie. Zo zei hij dat Kim Jong-un te jong en te onervaren was om als leider van Noord-Korea op te treden.

    • Belia Heilbron