Economie groeit, maar iets minder hard dan gedacht

Macro Economische Verkenning

Het Centraal Planbureau (CPB) is voorzichtiger over toekomst als gevolg van Brexit en handelsconflicten.

De Nederlandse economie groeit bovengemiddeld hard en blijft dat ook volgend jaar nog doen. Dat blijkt uit de concept Macro Economische Verkenning 2019 (cMEV), de nieuwste ramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Op basis van deze cijfers start het kabinet volgende week de begrotingsonderhandelingen voor de Miljoenennota.

De werkloosheid blijft dalen. Toch ziet het CPB nog enkele bedreigingen voor de economische groei, met name uit het buitenland. Het CPB waarschuwt onder meer voor mogelijke economische gevolgen van de Amerikaanse handelsconflicten en een chaotische Brexit.

De economie groeit dit jaar met 2,8 procent, blijkt uit de cMEV. Dat cijfer is iets lager dan in de raming van juni. Die is volgens het CPB bijgesteld naar aanleiding van nieuwe gegevens over de Nederlandse, maar ook de internationale economie. De wereldhandel loopt dit jaar iets terug. CPB-directeur Laura van Geest spreekt van een „in economisch opzicht (…) mooie zomer”, vanwege de groei en de afnemende werkloosheid, maar waarschuwt ook voor „toenemende bewolking”: „Onzekerheden rond Brexit, het handelsbeleid van de VS en het economisch beleid in Italië kunnen het beeld doen kantelen.”

Ook de economische problemen in Turkije kunnen gevolgen hebben voor de Nederlandse economie, zegt het CPB. De „groeivertraging” aldaar brengt volgens het planbureau „onzekerheid met zich mee voor het eurogebied”.

Onderdeel van de Macro Economische Verkenning zijn traditioneel de koopkrachtplaatjes. Dit jaar zijn die op een andere manier gepresenteerd dan voorheen, vanwege „een te grote fixatie op het bijsturen van de mediane statische koopkracht”. Anders gezegd: beleidsmakers richtten zich volgens het CPB te veel op het ene harde percentage voor de doorsnee-koopkrachtontwikkeling.

In alle inkomensgroepen gaat men er in het algemeen op vooruit, blijkt uit de cijfers. Zeker in 2019. Toch pakt ook die groei iets lager uit dan in juni werd verwacht. De ‘mediane koopkracht’ voor alle huishoudens stijgt volgend jaar met 1,3 procent – dat was eerder ingeschat op 1,6 procent. Zo’n 7 procent van alle huishoudens gaat erop achteruit.

Er zijn dus ook groepen die juist minder te besteden krijgen, zowel dit jaar als volgend jaar. Met name onder uitkeringsgerechtigden en mensen met lage inkomens bevinden zich veel huishoudens die inleveren.

Oppositiepartij PvdA uit kritiek op het kabinet wegens deze ontwikkeling. „Eén op de tien arme mensen gaat erop achteruit”, zegt Tweede Kamerlid Henk Nijboer in een reactie. „Dat is onacceptabel in een tijd waarin het kabinet wel 2 miljard cadeau wil doen aan multinationals.” 

Hij doelt op de voorgenomen afschaffing van de dividendbelasting in 2019. Dat besluit gaat volgens anonieme bronnen in het AD 2 miljard euro kosten in plaats van de door het kabinet eerder voorziene 1,4 miljard. Op Prinsjesdag zal het kabinet de bijstelling van alle belastinginkomsten bekendmaken.

    • Bastiaan Nagtegaal