BNNVARA zond geheime opname Denk terecht uit

Juridische strijd

Het publiceren van de heimelijke opname was „gerechtvaardigd en proportioneel” oordeelde de rechter in een kort geding.

Denk-leider Azarkan wilde dat de opname werd verwijderd. Foto Jerry Lampen / ANP

Omroep BNNVARA hoeft een heimelijk gemaakte opname van een interview met Denk-voorman Farid Azarkan niet van internet te verwijderen. Dat oordeelde de rechtbank in Amsterdam woensdagmiddag na een kort geding. „De belangen van de journalisten wegen zwaarder dan die van de politieke partij.”

De uitspraak is het sluitstuk van de meest recente juridische en publicitaire strijd tussen Denk en de media. Ditmaal stonden onthullingen van radioprogramma De Nieuws BV (BNNVARA) centraal. Het programma ontdekte dat de politieke partij overwoog om nepadvertenties te verspreiden in aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen. In naam van de PVV zou de partij advertenties op internet plaatsen met de tekst „Na 15 maart gaan we Nederland zuiveren”. Denk zag uiteindelijk van het plan af, maar heeft de advertenties wel getest. Een dag voor de uitzending van De Nieuws BV plaatste Denk een filmpje online waarin de aanstaande onthullingen in twijfel werden getrokken.

De journalisten van het radioprogramma interviewden het toenmalige Kamerlid op 25 april in zijn werkkamer in het gebouw van de Tweede Kamer. Ze maakten stiekem opnames van het gesprek, omdat ze al vermoedden dat Denk de onthullingen later zou ontkennen. Azarkan had uitdrukkelijk verboden dat het gesprek zou worden opgenomen. Hij stelde tijdens het kort geding dat de opname een schending was van de omgangsregeling tussen journalisten en politici in de Tweede Kamer.

De rechtbank in Amsterdam erkent dat de opnamen een schending van de regels zijn, maar bestrijdt dat „het geheim van de fractiekamer” in het geding is. „Het is weliswaar in strijd met de richtlijnen van de Kamer om zonder toestemming in fractiekamers opnamen te maken, maar in dit geval heeft Denk de journalisten daar zelf uitgenodigd. Er is bovendien niets gezegd dat niet naar buiten had mogen komen.”

Ook het uitzenden van het interview is volgens de rechter „gerechtvaardigd en proportioneel”. „De omroep heeft terecht aangevoerd dat (het idee voor) de nepbanner als een ernstige misstand kan worden aangemerkt, waarover het publiek moest worden geïnformeerd.” Bovendien, schrijft de rechtbank in een toelichting op het besluit, „vond de uitzending voldoende steun in de feiten en konden met de opnamen de beschuldigingen van Denk aan het adres van de journalisten worden weerlegd.”

Annabel de Winter, bestuurder van journalistenvakbond NVJ, is blij met het „genuanceerde besluit” van de rechter. „Normaliter komt een journalist zwaar in de problemen als heimelijk opgenomen gesprekken geopenbaard worden, maar hier heeft de rechter een uitzondering gemaakt en dat begrijp ik. De NVJ is blij dat er een manier bestaat om dit soort onthullingen te verifiëren, zeker als iemand blijft ontkennen.” Volgens De Winter betekent het besluit van de rechter niet dat journalisten „klakkeloos” heimelijk opnames kunnen gaan publiceren. „Zulke gesprekken publiceren kan alleen als er geen andere manier meer resteert om berichtgeving te verifiëren. Journalisten moeten het dus eerst op andere manieren proberen.”

Journalist David van der Wilde van De Nieuws BV schreef onlangs in een column „een vieze smaak in de mond” te hebben overgehouden aan het heimelijk opnemen van Azarkan. „Dat doe je niet zomaar. Helaas zie ik geen andere mogelijkheid in dit specifieke geval.”

BNNVARA schrijft in een reactie op de uitspraak het „een goede zaak te vinden” dat de rechtbank de journalisten in het gelijk stelt en beschermt tegen „een partij die probeert de waarheid te verhullen door onder andere journalisten vals te beschuldigen.”

    • Rik Wassens