Opinie

    • Jannetje Koelewijn

De gore bende op de Amsterdamse Wallen

Manshoge mestvaalten in de sloppen en de stegen, rondscharrelende varkens en kippen, koeien op binnenplaatsjes, grachten vol slachtafval en andere troep, vuilnisbelten bij de bruggen, en nog meer stront, mensenstront. Op de Wallen in de Amsterdamse binnenstad was het tot diep in de negentiende eeuw ook één grote gore bende, en het was er zeker zo druk als nu op een zaterdag in het toeristenseizoen. Gezinnen met hologige kinderen die in vochtige kelders leefden, de buikjes bol van de honger, souteneurs en prostituées, matrozen op sekssafari, talloze jonge mannen die uit Duitsland waren komen lopen om hier geld te verdienen als losser in de haven, of als grondwerker bij de aanleg van het Noordzeekanaal. Dat was graven met een zelf meegebrachte schep en ’s nachts slapen onder een dekzeil in de modder. Of in een kroeg, als ze het konden betalen. Justus van Maurik (1846-1904) beschreef in een van zijn reportages hoe mannen zij aan zij op de vloer lagen, op strozakken in het donker, kaarsen en petroleum waren om goede redenen streng verboden. Deuren en ramen zaten op slot. De kroegbazen wilden niet riskeren dat hun cliëntèle ’s morgens vroeg verdween met de drankvoorraad.

En nu? Het zijn echt niet alleen de pissende en kotsende feestvierders uit Groot-Brittannië of de Kop van Noord-Holland die de Wallen in de weekends tot een Jeroen Bosch-achtige hel maken. Afgelopen zaterdag zag ik op de stoep voor de Albert Heijn op de Nieuwmarkt een keurig gezin zitten, vader en moeder en drie blakend gezonde kinderen in fris gewassen en gestreken zomerkleren. Ze aten een puddingbroodje en dronken er flesjes cola en sinas bij. Hartstikke gezellig. Toen ze klaar waren stonden ze op en lieten de plastic verpakkingen op straat liggen. „Waaróm?”, vroeg ik. Er stond een afvalbak op kruipafstand. De vader haalde zijn schouders op, de moeder keek om zich heen – overal troep en vuil. „Iedereen doet het”, zei ze. „Er wordt zo weer opgeruimd.” Ze kwamen uit Zwijndrecht, zeiden ze toen ik ernaar vroeg. Ze waren met de trein gekomen, want parkeren hier was ze te duur.

Reken nooit op beslissingen van het individu als je de wereld wilt verbeteren. Het zijn altijd grote generieke maatregelen die het hem doen. Riolering, waterleiding, vuilophaaldiensten, woningen, werktijden, normale lonen. En ja, hoge parkeertarieven. Burgemeester Femke Halsema heeft na de verhalen van ombudsman Arre Zuurmond over de wetteloze jungle ’s nachts in de Amsterdamse binnenstad een strenger handhavingsbeleid aangekondigd. Crowd control, boetes voor wildplassers, dweilpauzes. Ligt er ergens kots of stront? Straat afsluiten en dan schoonmakers eropaf met de hogedrukspuit. Goed idee, we moeten wat. En toch zou je willen dat we iets beters konden verzinnen.

Jannetje Koelewijn (j.koelewijn@nrc.nl) schrijft deze weken de wisselcolumn met Floor Rusman.
    • Jannetje Koelewijn