‘Ik heb van mijn hobby mijn werk gemaakt’

Verdienen & Uitgeven Mike Lehnkering (36) is anesthesiemedewerker in een ziekenhuis in Zevenaar en geeft daarnaast trainingen in zwembaden. „Ik ben geboren in het bedrijf waar ik nu werk.”

Foto Bob van der Vlist

IN

„Ik ben al sinds mijn vijfde lid van de reddingsbrigade in mijn woonplaats. Eerst leerde ik er net zoals mijn broers en zusje zwemmen, daarna ben ik bij de reddingsbrigade zelf gaan zwemmen. Dan ben je er zo mee vergroeid dat je er blijft hangen. Een keer werd de vraag opgeworpen of ik geen EHBO-cursussen kon geven. Zo ontstond mijn nieuwe baan: het geven van trainingen in onder meer eerste hulp en toezichthouden.

„Intussen had ik ook een opleiding verpleegkunde gevolgd en werkte ik al fulltime als anesthesiemedewerker in het ziekenhuis waar ik ook geboren ben. Nu de trainingen steeds meer tijd gaan beslaan en ook lucratief worden, ben ik minder in het ziekenhuis gaan werken. Lange tijd waren de trainingen meer een hobby en investeerde ik soms eigen geld in bijvoorbeeld materieel, zoals reanimatiepoppen. Dat hoeft nu niet meer.

„De combinatie van mijn vaste baan in het ziekenhuis en de trainingen bevalt goed. Ik wil voorkomen dat ik me elke dag met mijn broodtrommel naar het ziekenhuis moet sleuren, dus de afwisseling is heel fijn. Ik heb van mijn hobby mijn werk kunnen maken. Het geeft bovendien enorm veel voldoening als je na een jaar terugkomt in het zwembad waar je eerder een cursus hebt gegeven en je ziet dat het aantal incidenten is afgenomen.”

UIT

„Die paar honderd euro die ik bij mijn vaste baan minder ben gaan verdienen, heb ik met de trainingen kunnen verdubbelen. Daardoor heb ik genoeg om van rond te komen. Daarbij werkt mijn vriendin ook. De vaste lasten betalen we van onze gezamenlijke rekening en de verdeling is naar rato. Hoewel mijn vriendin meer verdient, komt het ongeveer neer op fiftyfifty. Ook heb ik mijn eigen spaarrekening, voor als het salaris een keer op is en de maand nog niet.

„We geven ons geld graag uit aan leuke dingen doen. We gaan regelmatig het terras op, naar een restaurant of een weekendje weg. Als ik bijvoorbeeld een keer een training heb in het noorden of westen van het land, dan boeken we een accommodatie en plakken we daar een paar dagen aan vast. Eind september gaan we zo naar ’s-Gravenzande, en dan gaat de hond lekker mee.

„Naar het buitenland gaan we zeker drie keer per jaar. In de zomer vaak naar Italië, in de winter op wintersport en dan in de lente of in het najaar nog wel een keer weg. Afgelopen herfst zijn we naar Kaapverdië geweest, in oktober gaan we naar Lissabon met vrienden. Daar hebben we onder meer een culinaire tour geboekt. Een gids neemt ons dan mee op de fiets naar de beste eettentjes. En hoewel onze vakantie in Italië over twee weken er nog tussen zit, heb ik daar nu al zin in.”

    • Liza Titawano