Het gaat goed met de Amerikaanse economie; is dat Trumps verdienste?

Amerikaanse economie

De Amerikaanse economie loopt op rolletjes en president Trump laat niet na zichzelf daarvoor op de borst te kloppen. Maar is het wel zijn verdienste?

Foto Michael Thomas/EPA

Economische groei die de pan uit rijst. Een werkloosheid die is gedaald tot het laagste niveau van deze eeuw. Aandelenkoersen aan Wall Street die onder invloed van positieve bedrijfsresultaten maar blijven stijgen, en opnieuw de recordhoogte naderen van eerder dit jaar. De Amerikaanse economie draait op volle toeren – met dank aan president Donald Trump.

Althans, dat zegt Trump zelf. „De economie is nooit beter geweest”, pochte hij deze week op Twitter, naar aanleiding van een reeks positieve indicatoren, zoals een krachtige economische groei in het tweede kwartaal. „Geweldige financiële cijfers worden aangekondigd op een bijna dagelijkse basis”, stelde hij vast. En, overdreven: „Het aantal banen staat op het beste punt in de geschiedenis.” Prioriteit is volgens de president nu om „onze vreselijke handelsakkoorden te repareren.”

Met de Congresverkiezingen in het vizier wijzen Trump en zijn economische adviseurs op de gunstige cijfers als bewijs dat de Verenigde Staten onder de zakenman Trump economisch op de goede weg zijn. Belastingverlagingen voor consumenten en bedrijven, deregulering en een agressief handelsbeleid zouden de Amerikaanse economie in de hoogste versnelling hebben gebracht. Reden genoeg om vanuit een positie van kracht de ramkoers tegenover handelspartners als China door te drijven, vindt het Witte Huis.

Maar strijkt Trump terecht met de eer? Is de Amerikaanse economie onder zijn leiding zo sterk dat een handelsoorlog geen kwaad kan? Critici zijn minder overtuigd. Volgens hen zijn de huidige statistieken, hoe uitstekend ook, eerder een uitschieter dan een houdbare trend voor de lange termijn. Zij zien ook zorgelijke indicatoren, zoals lonen die maar niet willen stijgen. En ze wijzen op gevaren, met name de gevolgen van een dreigende handelsoorlog naar aanleiding van de importheffingen die Trump opvoert.

„De president krijgt eerder een steuntje in de rug van de sterke economie dan andersom”, schreef Lawrence Summers, voormalig economisch adviseur van president Barack Obama en minister van Financiën onder Bill Clinton, deze week in de Financial Times. „Die conclusie zal alleen maar worden bekrachtigd als Trumps huidige stappen richting een handelsoorlog de economische prestaties van de VS vertragen, zoals in toenemende mate wordt gevreesd.”

Lees ook: Handelsoorlog tussen VS en EU van de baan - voor nu

Vast staat dat de Amerikaanse economie in het tweede kwartaal van dit jaar bijzonder goed presteerde. Aangezwengeld door de belastingverlagingen die eind vorig jaar werden aangenomen door het Republikeinse Congres, is de economische groei in het tweede kwartaal van dit jaar opgelopen tot 4,1 procent op jaarbasis – een indrukwekkend cijfer dat door sommigen buiten bereik werd geacht in het tijdperk van gestage maar langzame groei sinds de grote recessie. Sinds 2009 ligt de gemiddelde jaarlijkse groei op 2,2 procent.

Toegenomen uitgaven door consumenten, die meer koopkracht hebben door de verlaging van hun inkomstenbelasting, waren een belangrijke factor bij de groei. Ook bedrijven, die minder winstbelasting betalen en hun opgepotte buitenlandse inkomsten door de belastingwet terughalen naar de VS, staken meer geld in de Amerikaanse economie: investeringen groeiden met 7,3 procent.

Rekent de president zich rijk?

Trump, die tijdens een verkiezingscampagne een terugkeer beloofde naar de groeicijfers van 3 tot 4 procent die gebruikelijk waren in de jaren negentig, ziet de expansie als een rechtvaardiging van zijn beleid, niet alleen op het gebied van belastingen maar ook wat betreft handel. Het risico is dat de president zich zo rijk rekent met economische voorspoed dat hij meent zich een handelsoorlog te kunnen permitteren. Volgens sommigen wordt de Amerikaanse economie zo wellicht slachtoffer van haar eigen succes. „We krijgen nog hogere cijfers dan deze, en dit zijn geweldige cijfers”, aldus Trump. „ We liggen nu op koers voor een jaargroei van meer dan 3 procent, en het zou aanzienlijk meer kunnen zijn.”

Economen betwisten dat. Zij voorspellen dat de groei in de tweede helft van het jaar juist zal terugvallen, en voor het jaar als geheel zal uitkomen op minder dan 3 procent – een gezond cijfer dat niet uit de toon valt bij de laatste vijf jaar, mede onder Obama. Ook toen waren er uitschieters naar boven, zoals een groei van 4,9 procent in het derde kwartaal van 2014.

De Federal Reserve voorspelt groei van 2,8 procent dit jaar, gevolgd door 2,4 procent in 2019 en 2 procent in 2020, wanneer de stimulans van de belastingverlaging is uitgewerkt.

Een andere belangrijke reden voor die prognose is dat de spectaculaire groei van het afgelopen kwartaal paradoxaal genoeg ook wordt toegeschreven aan een sprong in uitvoer als gevolg van Trumps protectionistische maatregelen. Afnemers van Amerikaanse producten hebben in het tweede kwartaal extra orders geplaatst, om invoerheffingen voor te zijn die handelspartners van de VS hebben afgekondigd als vergelding. Zo liep de vraag naar Amerikaanse sojabonen flink op onder buitenlandse afnemers, voordat heffingen van kracht werden. In totaal liep de Amerikaanse export op met 9,3 procent.

Dat effect zal in het huidige kwartaal echter grotendeels wegvallen, is de verwachting. De pijn van een handelsoorlog zal juist gevoeld gaan worden, waarschuwen economen. Zo worden producten met staal en aluminium, van drankblikjes tot auto’s, duurder door de importheffingen die Trump heeft ingesteld. Autoproducent General Motors heeft gewaarschuwd dat het 1 miljard dollar meer kwijt zal zijn aan inkoopkosten. Door prijsstijgingen en vergeldingsacties worden Amerikaanse producten bovendien minder aantrekkelijk voor buitenlandse kopers.

Lees ook: Om een handelsoorlog met de VS te voorkomen vloog de baas van de Europese Commissie naar Washington. Lees daarover: Juncker wil Trump gaan temmen, maar hoe?

Ondernemers hebben gewaarschuwd dat de werkgelegenheid kan lijden als de heffingen lang van kracht blijven. Dat kan gevaarlijk zijn voor Trump, die van Obama een langdurige, gestage daling van de werkloosheid heeft geërfd die nog steeds doorzet. Hoewel de banengroei in juli iets lager uitviel dan analisten hadden geraamd, is de Amerikaanse werkloosheid inmiddels gedaald tot 3,9 procent, het laagste niveau sinds 2000.

Het is misleidend om dat indrukwekkende cijfer geheel op het conto van Trump te schrijven. De Amerikaanse economie heeft voor 94 opeenvolgende maanden banen gecreëerd, de langste periode uit de Amerikaanse geschiedenis, grotendeels onder Obama. Aan de andere kant zou het Trump kunnen schaden als hij die trend breekt.

Voor Trump brengen de uitstekende cijfers van het moment dan ook een risico met zich mee: de kans is groot dat het minder wordt. Expansies eindigen, en de huidige expansie is in haar tiende jaar. De ‘Fed’ haalt, aangespoord door inflatie die eindelijk tekenen van leven begint te vertonen, de broekriem aan met verhoging van rentetarieven – naar verwachting nog twee dit jaar, en vier volgend jaar. Die zullen een remmend effect hebben.

Het is de vraag of de Amerikaanse economie daarbij ook de negatieve effecten van een handelsoorlog kan gebruiken – en of Trump ook de verantwoordelijkheid op zich zal nemen voor een eventuele groeivertraging. „President Trump kan deze groei maar beter vieren” , zei Lakshman Achuthan van het Economic Cycle Research Institute tegen The Washington Post. „Want vanaf nu wordt het minder.”

    • Frank Kuin