Opinie

Amerikaanse sancties

Twee gezichten van VS verzwakken het Westen

President Donald Trump heeft de VS geleidelijk aan een wereldwijde tarieven- en sanctie-oorlog ingerommeld. Washington legde eerder al de EU en China torenhoge invoertarieven op. Deze week volgden unilaterale sancties tegen Iran, nadat Trump in mei was weggelopen uit het internationale pact met Teheran om te komen tot ontmanteling van de nucleaire installaties in dat land. De Amerikaanse regering kondigde woensdag ook sancties aan tegen Rusland wegens de aanval op de voormalige spion Sergej Skripal met zenuwgas in het Verenigd Koninkrijk. En dat was verrassend na de hartelijke bejegening door Trump van de Russische president Vladimir Poetin een maand geleden in Helsinki.

De EU reageerde op de Amerikaanse sancties tegen Iran met een vooral symbolische en bovendien nogal vage maatregel die Europese bedrijven aan de ene kant moet compenseren voor mogelijke schade die zij ondervinden wanneer zij tegen het Amerikaanse verbod in handel blijven drijven met Iran. Anderzijds dreigen er Europese boetes voor bedrijven die zwichten voor het sanctiebeleid van de VS. De boodschap aan Teheran moet zijn dat Europa, net als Rusland en China, gewoon achter het nucleaire akkoord met Iran staat.

Maar grote bedrijven als de Duitse autobouwer Daimler, het Franse Renault en PSA (Citroën en Peugeot), hebben aangekondigd zich neer te leggen bij de Amerikaanse sancties. Vliegtuigbouwer Airbus annuleerde in mei al een Iraanse order voor honderd toestellen. Waarmee meteen duidelijk is dat de Amerikaanse maatregelen in ieder geval níet, zoals de Europese, alleen maar symbolisch zijn.

Maar of de Amerikaanse sancties tegen Iran ook zullen werken en de leiders van dat land ook op andere gedachten zullen brengen, valt te betwijfelen. Trump heeft zelf immers het sanctiewapen bot gemaakt door weg te lopen uit het verdrag dat door eerdere sancties werd afgedwongen.

Maar de wereld heeft het inmiddels opgegeven om een logica te ontdekken achter de grillige tweets en presidentiële decreten die uit het Oval Office komen. In het geval van Iran: onlangs nog kondigde Trump aan dat hij de leiders van dat land „waar en wanneer dan ook” zonder voorwaarden vooraf zou willen ontmoeten. In het geval van Noord-Korea: de potentaat Kim Jong-un blijkt gewoon door te gaan met de productie van een atoomwapen, in weerwil van Trumps triomfantelijke vaststelling na de ontmoeting in Singapore op 12 juni, hij dat probleem had opgelost. Toen dat vorige week niet het geval bleek, twitterde de president opgewekt over een „aardige brief” die hij kreeg van Kim. In het geval van Poetin blijft Trump van mening dat hij „geweldig goed” met zijn Russische ambtgenoot kon opschieten in Helsinki, ook al waarschuwen hoge functionarissen uit zijn eigen regering ervoor dat de Russen mogelijk opnieuw in actie komen om de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen op 6 november te beïnvloeden.

Wat zich bij al deze kwesties al langer opdringt, is de discrepantie tussen de acties van de Amerikaanse president en die van de regering die hij leidt. The New York Times signaleerde recent dat de Verenigde Staten de facto twee soorten buitenlands beleid heeft: dat van Trump en dat van de rest van zijn regering, gesteund door de Republikeinse Partij. Dat bleek begin juli ook nog eens toen Trump bij zijn bezoek aan Europa dreigde uit de NAVO te treden als de verdragspartners niet meer gaan bijdragen aan deze internationale defensieorganisatie. Met als gevolg dat in de Amerikaanse Senaat Republikeinen en Democraten zich bij uitzondering gezamenlijk achter een wet schaarden die onder meer bepaalt dat er een tweederde meerderheid nodig is om de VS te laten terugtreden uit de NAVO. Waarmee Trump op de vingers werd getikt.

De vraag is natuurlijk of Trump zich daar een zier van aantrekt. Hij gaat zijn eigen, buitenissige, gang. Het resultaat daarvan is een verdeeld en dus verzwakt Amerika. In een tijd dat China en Rusland ieder op eigen wijze bezig zijn hun geopolitieke spankracht te versterken, is dat slecht nieuws, ook voor Europa.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.